Lijstje

5x de beste adresjes om toeristen te laten snacken

Van pokébowl tot tosti: elke week vijf goede adresjes voor specifieke culinaire verlangens. Vandaag: toeristensnacks.

Ossenworst

Een goed begin

Stel: je krijgt buitenlandse vrienden op bezoek die ­benieuwd zijn naar de cuisine locale. Dan moet je ze toch voorbereiden op een gastronomisch avontuur. De Amsterdamse culireis kan namelijk niet anders beginnen dan met ossenworst. Maar zo’n hompje rauw vlees uit het vuistje: zie dat maar te verkopen aan een toerist. Vertel daarom dat slagerij Louman al sinds 1890 worsten maakt, en dus wel weet wat ze doet. Oorspronkelijk werd Amsterdamse ossenworst gerookt, voor de smaak en de houdbaarheid. Ook die instapvariant van de worst wordt bij Louman verkocht.

Louman, Goudsbloemstraat 76

Zure bom

Bij ossenworst hoort uiteraard Amsterdams tafelzuur, van bijvoorbeeld Kesbeke. De potten met het gele label vind je inmiddels in bijna elke supermarkt, maar de ­augurkgigant begon klein. In 1948 startte Charles Kesbeke met het inleggen in een kelder aan het Waterlooplein. De fabriek staat nu vlak bij het Westerpark, met een ‘zuur en inmaakwinkeltje’ aan de overkant. Daar koop je niet alleen het hele assortiment, maar kunnen ze je desgewenst alles vertellen over hoe je zelf groenten inmaakt.

Kesbeke, Adolf van Nassaustraat 3

Koekje erbij?

Beginnen je vrienden de lokale smaaksafari liever iets rustiger dan met rauw vlees en een pittige augurk? Stel een Amsterdams koekje voor. Het Eberhardje, ­gemaakt door patisserie Holtkamp, is een ode aan ­wijlen Eberhard van der Laan, in de vorm van een roomboterkoekje. In het midden staan de drie andreaskruisen van de stad. Je koopt ze bij Holtkamp zelf, maar ze worden ook geserveerd in het café van het Rijksmuseum. Zo combineer je een zoete snack met een cultureel uitje én wat Amsterdamse geschiedenis: de ideale toeristentrip.

Holtkamp, Vijzelgracht 15

Vijf in de klok

Is het inmiddels borreltijd? Dan mogen bitterballen uiteraard niet ontbreken. Zowel Van Dobben als Kwekkeboom is een steunpilaar van het Amsterdamse bittergarnituur. Wie op zoek is naar nieuwere, experimentele smaken neemt de nieuwsgierige toerist mee naar de Foodhallen. Daar worden de bitterballen van de Ballenbar gefrituurd. Ja, er zijn balletjes met kalfsvlees, maar Michelinchef Peter Gast ontwikkelde ook bitterballen met garnalen, bouillabaisse en truffel.

Foodhallen, Bellamyplein 51

Pikketanussie

Dat moet allemaal weggespoeld worden. Dat kan met Amsterdams bier van bijvoorbeeld Brouwerij ’t IJ. Een molen geeft een toeristisch drankgelag namelijk wat extra cachet. Een andere optie is likeurtjes proeven in De Drie Fleschjes, achter de Nieuwe Kerk. Daar wordt sinds 1650 getapt uit een echt drankorgel (vijftig vaten). Pas wel op als je doorgaans diep in glazen corenwijn kijkt: het proeflokaal heeft in het weekend geen vaste sluitingstijd, dus straks zwalk je met je buitenlandse vrienden naar buiten en ben je zelf het drankorgel.

De Drie Fleschjes, Gravenstraat 18

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden