Plus Achtergrond

3922 UvA-studenten kleuren Amsterdam weer geel

Beeld Ted Struwer

De Intreeweek, de traditionele kennismaking met de stad voor nieuwe UvA-studenten, trapt maandag af met het grootste aantal ooit: 3922 deelnemers. De organisatie van de gele week is in handen van UvA-studenten. ‘Ik zie dit als een jaartje zelfstudie.’

Het gaat niet regenen. Het. Gaat. Niet. Regenen. Als het klinkt als een bezwering, dan is het een bezwering. Of zo is het in elk geval bedoeld. Het zal de organisatie van de Intreeweek toch niet overkomen dat ze zich een heel jaar het schompes werken en dat de week waarin alle stukjes in elkaar moeten vallen, de week die maandag is begonnen, in het water valt door zoiets onorganiseerbaars als het weer? Dus klinkt het tijdens de lunch van het voltallige bestuur en de bijbehorende commissies met regelmaat: dat het mooi weer gaat worden tijdens de Intreeweek.

Niet dat ze er geen rekening mee hebben gehouden overigens. Er is een regenplan dat erin voorziet dat de meest uiteenlopende activiteiten en evenementen naar binnen kunnen worden verplaatst, mocht dat nodig zijn. En er is trouwens ook een hitteplan, zegt Helena van der Steege (52), namens de UvA verantwoordelijk voor de Intree-week. “Als het rotweer wordt, moet je voorbereid zijn. Maar als het heel heet is, liggen er ook plannen klaar. Maar goed, het gáát dus niet regenen.”

Groter dan ooit

De organisatie van de Intreeweek luncht gezamenlijk in de tuin bij Crea, het Cultureel Studentencentrum op het ­Roeterseiland. Op dit moment duurt het 4 dagen, 14 uur, 55 minuten en een stuk of 30 seconden voordat Amsterdam weer geel zal kleuren. Intreeweekgeel: fel, opvallend en herkenbaar. Duizenden studenten, het gros kakelvers in – en niet zelden een tikje geïntimideerd door – die stad met zijn grote bek, maken kennis met Amsterdam, de UvA en natuurlijk elkaar.

Dit jaar is het groter dan ooit. De 3400 nieuwelingen van vorig jaar worden met 500 studenten overtroffen. Want er is ruimte gemaakt. Nog niet precies voor iedereen, lijkt het, maar het heeft er alle schijn van dat de wachtlijst minder vol gaat lopen dan de afgelopen jaren. Dus zul je ze weer onvermijdelijk rond de hotspots tegenkomen, maar ook op minder voor de hand liggende plekken: 276 groepjes van idealiter ongeveer 15 deelnemers. In ­totaal 3922 deelnemers, die ieder 100 of 125 euro voor een kaartje betaalden, zo groen als gras. Aangevuld met zeker een mannetje of 800 aan begeleiding en crew.

Zoveel aankomende studenten, verspreid over een complex van evenementen en gelegenheden; ga er maar aan staan. Ze gaan barbecueën en maken kroegentochten, maar ze bezoeken ook workshops en een beurs met een reeks aan organisaties waaraan zij de komende jaren ‘iets’ zouden kunnen hebben. Van het Concertgebouw tot de Johan Cruijff Arena, van theater Carré tot aan de NDSM Loods. Het is duidelijk: het is een heidens karwei, want de organisatie moet staan als een huis.

Wat de Intreeweek van de UvA bijzonder maakt, is dat de organisatie volledig in handen is van studenten. Een ­bestuur van zeven vrijgemaakte UvA-studenten is sinds vorig jaar augustus – de dag nadat de Intreeweek 2018 werd afgesloten – bijna fulltime bezig met het op poten zetten van een nieuwe, en als het meezit, verbeterde ­versie. 

Gigantische klus

De tweede helft van het jaar worden zij geassisteerd door 24 commissieleden die, verspreid over vijf commissies, het bestuur in hun specifieke portefeuilles bijstaan. Verdeeld over twee nogal bescheiden kamers, lijken zij alles onder controle te hebben. “Volgende week zullen we zien of het écht allemaal goed is voorbereid,” zegt ­bestuurslid Kaylee van Schuilenburg (21).

Het is een gigantische klus, zegt Van Schuilenburg, verantwoordelijk voor de afdeling marketing & communicatie. Zij heeft haar studie media en cultuur een jaar on hold gezet. “Dat kan niet anders, er is zo veel te doen. Ik heb ­alleen in het begin van het studiejaar nog een aantal punten gehaald. Hoe dichterbij de Intreeweek kwam, hoe meer ik me daarop heb gefocust.”

Het is iets dat je een jaar doet, maar daarna neemt een vers bestuur het over, zegt Renee de Rijk (23), voorzitter van het bestuur en ook functionerend als penningmeester. De studente communicatiewetenschap is in die rol ­degene die het meeste inzicht heeft in de financiën: de ­begroting bedraagt een half miljoen euro. “In het begin denk je dan wel: dat is best een verantwoordelijkheid. Maar op den duur krijg je zicht op hoe het werkt.”

Het tekent de organisatie: fris en creatief, aangezien elke Intreeweek de eerste en ook de laatste is. Maar niet zelden zal ook het wiel voor de zoveelste keer zijn uitgevonden. Van Schuilenburg: “Het is heel erg een kwestie van gaandeweg doorkrijgen hoe je je zaken het beste op orde kunt krijgen. Voor vragen kunnen we het hele jaar door ­altijd terecht bij bestuursleden van het jaar ervoor, maar een héél uitgebreide overdracht waarbij we even naast ­elkaar werken, is er niet. Ik zie dit als een jaartje zelfstudie, eigenlijk.”

Veranderzucht

Het is allemaal niet voor niets: wie een fijne ­Intreeweek heeft, beleeft waarschijnlijk een soepelere start van zijn of haar academische carrière. Zeker in een stad als Amsterdam, waar studenten en het studentenleven niet noodzakelijkerwijs op de eerste plaats staan, kun je als onervaren en onbekende nieuwe stedeling zomaar verzuipen. Die opvang, de eerste kennismaking, dat is waar het om draait, zegt Van der Steege. “De verhouding is: een derde kennismaken met de stad, een derde met de universiteit en een derde met medestudenten.”

Met een zekere terughoudendheid bemoeit Van der Steege zich binnen de organisatie overal tegenaan. Ze ­behoedt met name nieuwbakken besturen voor overdadige ijver of al te veel veranderzucht. “Maar ik laat ze vooral heel erg hun gang gaan. Ik ben al vijftien jaar een klankbord voor evenzoveel besturen, het helpt als ik ze enigszins wegwijs maak. Ik zie mezelf als het collectief geheugen, en ook een beetje als het morele geweten.”

Zij heeft de Intreeweek de afgelopen jaren zien veranderen. “Het wordt groter, dat vooral. En hoewel elk bestuur het voor het eerst doet, neemt de professionaliteit toe. De mensen die dit een jaar doen, kunnen dat op hun cv zetten. Dan spring je er wel uit,” zegt ze terwijl zij en voorzitter De Rijk voorgaan door de muziekzaal van Crea. “Je hebt er misschien wel meer aan dan aan je studie,” voegt een van de commissieleden haar in het voorbijgaan toe. Van der Steege laat de opmerking onweersproken.

Beeld Ted Struwer

Swipen en betalen

Nieuwe studenten die meedoen aan de ­Intreeweek kunnen dit jaar gebruikmaken van een app waarop het weekprogramma staat. Elke student krijgt daarnaast via zijn of haar polsbandje een persoonlijk programma te zien in de app, waarbij je bijvoorbeeld ziet in welke groep je bent ingedeeld. De service is een uitbreiding ten opzichte van vorig jaar, toen de ­Intreeweek de primeur had van ­betalen via een polsbandje. Inmiddels maken ook introductieweken van veel andere Nederlandse universiteiten en hogescholen gebruik van de bandjes die zijn ontwikkeld door het Amsterdamse bedrijf Tectile. Dit biedt als voordeel dat betalen aan de bar veel sneller gaat, onder meer omdat er geen gedoe is met muntjes, zegt een woordvoerder van het bedrijf. “Gechipt kunnen ze contacten leggen binnen hun introductiegroep en betalen ze hun bier met een ­automatisch Tikkie voor de hele groep. Het is zelfs technisch mogelijk om een soort Tinder te doen op feesten. Swipen, samen naar de bar en een gratis drankje halen: nieuwe partner ­gevonden. Daarmee vormen de aankomende studenten een grote ­gezamenlijke community in hun stad.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden