Amsterdam Bewaar

Ongelijkheid in de stad vergroot door studenten met rijke ouders

Met dank aan ouderlijk geld kunnen welgestelde jongeren zich een positie verwerven in het Centrum en Zuid.
Met dank aan ouderlijk geld kunnen welgestelde jongeren zich een positie verwerven in het Centrum en Zuid. © Marc Driessen (www.marcdriessen.com)

Welgestelde jongeren zijn inmiddels de grootste groep van de tienduizend starters op de Amsterdamse woningmarkt. Jeugd met minder geld blijft noodgedwongen langer thuis wonen of wijkt uit naar minder populaire wijken.

Deze jongeren drijven de huizenprijzen in die wijken verder op, waardoor armere Amsterdammers nog moeilijker een woning kunnen vinden.'

Cody Hochstenbach, stadsgeograaf UvA

Op de oververhitte Amsterdamse huizenmarkt hebben armere jongeren het nakijken. De beschikbare woningen gaan eerder naar leeftijdgenoten uit welgestelde gezinnen, omdat zij met geld van hun ouders wél een plek in de stad weten te bemachtigen. De ongelijkheid neemt hierdoor nog meer toe.

De tweedeling in Amsterdam begint al op jonge leeftijd, blijkt uit onderzoek van stadsgeografen van de Universiteit van Amsterdam. 'De stad is altijd een emancipatiemachine geweest: jongeren konden hier binnenkomen als nobody en zich vervolgens opwerken. Afkomst speelde geen rol. Dit staat nu onder druk,' aldus Cody Hochstenbach.

Hij deed met zijn UvA-collega Willem Boterman onderzoek naar jongeren die in Amsterdam op zichzelf gaan wonen en keek daarbij naar het vermogen van de ouders. Daaruit kwam naar voren dat vooral jongeren van rijke komaf in Amsterdam op kamers gaan. Het aantal jongeren van wie de ouders tot de twintig procent meest vermogende Nederlanders behoren, nam in vijf jaar 22 procent toe.

Deze welgestelde jongeren vormen nu de grootste groep van de tienduizend starters die elk jaar een plek op de Amsterdamse woningmarkt weten te vinden. Aan de andere kant trok de stad 13 procent minder jongeren uit 'arme' gezinnen - de 40 procent gezinnen met het kleinste vermogen.

Amsterdams fenomeen
De opmars van jongeren met rijke ouders is een Amsterdams fenomeen; in de omliggende gemeenten neemt het aantal welgestelde starters juist af, net als in Rotterdam, waar vooral armere jongeren aan een woning komen. Het grote verschil tussen Amsterdam en de andere gemeenten is de overspannen woningmarkt in de stad. Daarnaast heerst in Amsterdam een groot tekort aan studenten­woningen en neemt ook het aantal sociale huurhuizen af.

Om toch een plek in Amsterdam te bemachtigen, moeten jongeren vaker een beroep doen op hun ouders. 'Rijke ouders kunnen makkelijker een woning in de stad kopen voor hun kind. Ze zien zo'n huis mogelijk ook als aantrekkelijke investering,' zegt Hochstenbach. 'Dat het normaal is dat jongeren veel geld nodig hebben om een plek in de stad te vinden, is zorgwekkend. Een golf aan ouderlijk geld stroomt de Amsterdamse woningmarkt op.' 

De gevolgen zijn groot. Met dank aan ouderlijk geld kunnen welgestelde jongeren zich een positie verwerven in de populaire wijken en prijzen betalen die normaal buiten hun bereik liggen. 'Deze jongeren drijven de huizenprijzen in die wijken verder op, waardoor armere Amsterdammers nog moeilijker een woning kunnen vinden.'

Noodgedwongen langer thuiswonen
Jongeren die geen ouders met diepe zakken hebben, blijven veelal langer thuis wonen, noodgedwongen. Of ze kiezen voor een goedkopere woning in Nieuw-West, Noord en Zuidoost. Jongeren met welgestelde ouders kunnen zich wel een woning in de populaire stadsdelen Centrum en Zuid permitteren, zo blijkt uit het onderzoek. Zodoende neemt ook de ruimtelijke ongelijkheid tussen jongeren in de stad toe.

'De klasseongelijkheid die hieraan ten grondslag ligt, is zorgelijk,' aldus Hochstenbach. De stadsgeograaf wijst erop dat jongeren die in de binnenstad wonen, sneller wennen aan een stedelijke levensstijl en hun smaak en voorkeuren hieraan aanpassen. Hierdoor blijven ze vervolgens langer in Amsterdam wonen als zij hun studie hebben afgerond of een gezin gaan stichten; ze maken een bewuste keuze voor een leven in de stad. 

Vandaag (30/11) meer in Het Parool: 'Help, het gaat goed met Amsterdam!'