Opinie Bewaar

Dit geweld is het geschreeuw van de allerdomsten

Theodor Holman.
Theodor Holman. © Het Parool

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn nieuwe column uit Het Parool.

Niet de aanblik van verliefden; men wil de aanblik van de dood

Dood en verderf. Weer in Parijs. Vlak bij Charlie Hebdo. Meerdere aanslagen. Veel doden dit keer. In een restaurant schoot men zomaar wat mensen dood die gezellig zaten te dineren. Explosies ook bij het voetbalstadion waar Frankrijk en Duitsland speelden. Zelfmoordacties.
In de concertzaal Bataclan riep men, voordat men schoot, 'Allah akbar'. Daar ging men vervolgens bezoekers gijzelen.

Men. Wie is men? Ik weet het, maar ik zeg het niet.

Men wil oorlog. Men wil ons - al is het in Parijs, het is ook voor ons bedoeld - in het hart raken, men wil het weerzinwekkendste van het weerzinwekkendste: het vermoorden van onschuldigen. Onschuldigen zijn namelijk makkelijk te doden.

Maar waarom wil men dat? Omdat men ons wil overheersen.

Wie is men? Ik weet het wel, maar ik zeg het niet.

Omdat die men niet kan redeneren, omdat die men het tegen onze argumenten aflegt, omdat die men bij elke confrontatie niets anders te berde kan brengen dan het eigen ongelijk, omdat die men het fascisme omarmt, omdat die men het nazisme verheerlijkt, omdat die men ongegeneerd antisemitisch is, gebruikt die men terreur, geweld.

Dit geweld is het geschreeuw van de allerdomsten! En men verheerlijkt met dat geweld zijn eigen domheid.

Wie is die men die al dit geweld met genoegen op zijn geweten heeft?
Ik weet het wel, maar ik zeg het niet.

Het lijkt erop dat men vooral het uitgaansleven als doelwit had.
Herfst in Parijs. Lekker eten, mooie mensen, liefde, kunst, oh la la - allemaal zaken die die men niet wil.

Men wil zwart, men aanbidt de dood, men wil wraak. Men wil een slachting. Niet de geur van de herfst; men wil de geur van bloed. Niet de aanblik van verliefden; men wil de aanblik van de dood; men wil heel Parijs onder een boerka van rouw. De stad van licht moet die van duisternis worden.

Wie zijn die men? Ik weet het wel, maar ik zwijg.

Ik zwijg omdat ik sprakeloos ben, omdat ik wil huilen, maar dat niet kan; ik zwijg om mijn paniek te verbergen, omdat ik me machteloos voel en omdat ik woedend ben. Ik zwijg omdat zwijgen op het ogenblik misschien het beste is, omdat ik vrees dat ik de komende tijd angstaanjagende geluiden zal horen.

Van alle kanten.

Angstaanjagend.

Wilt u reageren op deze column? Dat kan! Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen of stuur een mail.