THEODOR HOLMAN

Gisteren hield ik een lezing voor de Thuisgebleven Schrijvers en ik begon met:  'Geachte Thuisgebleven Schrijvers. Wij waren helaas niet goed genoeg om naar China te mogen reizen, waar in Peking op dit moment op een boekenbeurs veel aandacht voor Nederland is.

Ik wil toch even melden dat onze Nederlandse auteurs, onder aanvoering van de moedige Adriaan van Dis, de zeer moedige Ramsey Nasr, de grootmoedige Kader Abdolah en de bloedmoedige Geert Mak, zich bijzonder heldhaftig hebben gedragen. Ze hebben zich, zoals ze dat ook in Nederland doen, sterk gemaakt voor de mensenrechten, ze hebben hun mond opengetrokken tegen de Chinese autoriteiten, Nasr heeft een vlammend sonnet geschreven en Van Dis heeft in het bijzijn van de eerste minister...'

'Mijnheer Holman, neemt u mij niet kwalijk dat ik u onderbreek. Ik ben van Amnesty International. En wij hebben gevraagd of de Nederlandse auteurs een speldje van ongeveer een halve centimeter wilden dragen om ertegen te protesteren dat de mensenrechten in China met voeten worden getreden.'
'Ja, dat weet ik. Dat hebben die auteurs toch wel gedaan? Want ze zijn allemaal leerlingen, zeggen ze, van Karel van het Reve. Ze zijn begaan, betrokken, geëngageerd. Er is er niet één bij die met zijn betrokkenheid niet zijn geld verdient...'

'Mijnheer Holman, geen van de auteurs heeft dat speldje van een halve centimeter durven dragen. Niet één! Want, eh... dan zouden de Chinezen wel eens kwaad kunnen worden.'

'Pardon? Weet u wel over wie we het hebben? Over Adriaan van Dis. Zijn ouders hebben in een jappenkamp gezeten! Over Ramsey Nasr, altijd begaan met de Palestijnen. Kader Abdolah, gevlucht uit Iran, en Geert Mak... de helden van de Nederlandse literatuur! '

'Mijnheer Holman, ze hebben niets gedaan. Helemaal niets.'

'Ik wil dat u weggaat. Wij hebben de moedigste schrijvers! Elke week weer getuigen zij van hun moed.'

'Ze hebben helemaal niets gedaan. Zelfs dat speldje van Amnesty, dat geen Chinees kan lezen, hebben ze niet gedragen.'

'Dat kan niet. Onze meest betrokken schrijvers...'

'Niets, mijnheer Holman, niets. Helemaal niets. Nada. Ze zijn zelfs boos geworden op Amnesty.'