Binnenland Bewaar

Ook in Amsterdam gaan veel leerlingen nog steeds niet naar school

De maatregelen om te voorkomen dat leerplichtige kinderen thuis komen te zitten, werpen weinig vruchten af. In Nederland zitten 9972 leerlingen korte of lange tijd thuis die wél naar school zouden moeten gaan. In Amsterdam stonden 1513 leerlingen vorig schooljaar aanvankelijk niet ingeschreven.

En in Amsterdam?

In Amsterdam is het aantal vrijstellingen van de leerplicht gedaald, maar niet spectaculair. Het aantal kinderen dat in Amsterdam naar school zou moeten, maar niet ingeschreven staat op een school, is met 1513 groot. Maar het getal vertelt niet het hele verhaal: na huisbezoeken bleek dat 521 kinderen niet bekend waren op het adres waar ze waren ingeschreven. Een ander deel (24) moest nog overstappen van vmbo naar mbo; 48 kinderen kregen een vrijstelling van de Leerplichtwet. Van de overige 920 kinderen werden 497 na vier weken alsnog ingeschreven op een school.

Alle Amsterdamse cijfers:

Leerplichtigen: 98.243 (vorig schooljaar: 97.481)
Kinderen niet ingeschreven op school: 1513 (vorig schooljaar: 1760)
Kinderen wel ingeschreven, maar gaan langer dan vier weken niet naar school: 143 (vorig schooljaar: niet bekend)
Vrijstellingen van Leerplichtwet vanwege lichamelijke of verstandelijke beperking: 350 (vorig schooljaar: 365)
Vrijstellingen van Leerplichtwet op grond van religieuze bezwaren: 40 (vorig schooljaar: 34)

Daarnaast zijn er steeds meer kinderen, 5077, die van hun gemeente niet meer naar school hoeven omdat ze een te ernstige verstandelijke of lichamelijke beperking hebben. 

Dat blijkt uit de cijfers van het schooljaar 2014-2015 die het ministerie van Onderwijs woensdag naar de Tweede Kamer stuurt. Het grote aantal thuiszitters is ook afgelopen schooljaar nauwelijks gedaald (in 2013-2014 zaten 10.680 kinderen thuis). Terwijl dat hoge aantal kinderen dat wel leerplichtig is, maar toch niet naar school gaat, juist één van de redenen was om passend onderwijs in te voeren. Voor alle leerlingen, ook diegene die extra zorg of aandacht nodig hebben in de klas, moest een passende plek op school worden gevonden.

Onderzoek
Staatssecretaris Sander Dekker van Onderwijs is vooral geschrokken van de stijging van het aantal leerlingen dat een ontheffing van de leerplicht heeft gekregen. 'Juist dat aantal had door passend onderwijs moeten dalen.' 

Ouders hebben een doktersverklaring nodig om zo'n vrijstelling aan te vragen. De helft van de ontheffingen zijn gegeven aan kinderen die wel ooit op een school zaten. 'Blijkbaar konden ze op een zeker moment wel naar school.'

Dekker laat onderzoeken wat de reden is voor de toename. Wel zijn de mogelijk­heden verruimd om onderwijs op maat te bieden. Kinderen kunnen makkelijker een deel van de week naar school in plaats van de hele week. Het effect daarvan moet blijken uit de cijfers van het huidige schooljaar. De staatssecretaris wil niet concluderen dat passend onderwijs mislukt is. 'Dit is pas het eerste jaar na invoering van de wet. Ik vind wel dat het niet snel genoeg gaat.'

Cijfers per gemeente
Dat sommige gemeenten het beter doen dan anderen, is voor Dekker het bewijs dat passend onderwijs wel kan werken. 'Als je er echt werk van maakt, dan kan het.' Dekker hoopt - net als vorig jaar - dat gemeenten door de cijfers worden gestimuleerd meer werk te maken van het terugdringen van het aantal thuiszitters. Hij organiseert daarvoor dit voorjaar een 'thuiszitterstop'. 'In Rotterdam bellen de leerplichtambtenaren aan, vragen waar het kind is en wat er aan de hand is. Die handen- uit-de-mouwenmentaliteit moeten meer gemeenten toepassen.'

De cijfers zijn per gemeente gespecificeerd (zie de grafiek onder dit artikel). Daaruit blijkt dat de ene gemeente veel minder thuiszitters heeft dan de andere. 'In Rotterdam doet wethouder Hugo de Jonge het bijvoorbeeld hartstikke goed, terwijl die kinderen misschien wel heel ingewikkeld zijn. Het aantal verzuimers dat niet staat ingeschreven op een school is daar beduidend lager dan in Amsterdam.'

Volgens de staatssecretaris kan hij niet alles vanuit Den Haag oplossen. 'Tegelijkertijd moet ik ook zorgen dat er een stok achter de deur is.' Zo wil Dekker dat in elke regio duidelijk is wie de knoop doorhakt. 'Veel leerlingen zitten op het snijvlak van onderwijs en zorg. Op de vraag wie er dan verantwoordelijk is, kijkt iedereen naar elkaar.'

Religieuze bezwaren
Het ministerie maakt onderscheid tussen kinderen die wel staan ingeschreven, maar toch niet naar school gaan (4016) en kinderen die helemaal niet staan ingeschreven bij een school. Dat die laatste groep is gedaald van 6714 naar 5956, kan komen door de stijging van het aantal leerlingen met een vrijstelling. 

Ook het aantal leerlingen dat vanwege religieuze bezwaren niet meer naar school hoeft, is gestegen van 575 in 2013-2014 naar 619 scholieren afgelopen schooljaar. Dekker kondigde al eerder aan die mogelijkheid aan banden te leggen.