Binnenland Bewaar

'Amsterdam moet uitstoot sneller terugdringen'

Een stad als Stockholm zit op zeventig procent duurzame energie waar Amsterdam maar vijf procent haalt, stellen de oppositiepartijen vast.
Een stad als Stockholm zit op zeventig procent duurzame energie waar Amsterdam maar vijf procent haalt, stellen de oppositiepartijen vast. © Jean-Pierre Jans

Om het goede voorbeeld te geven in de strijd tegen klimaatverandering moet de gemeente al in 2030 CO2-neutraal werken. De plannen van wethouder Abdeluheb Choho (Duurzaamheid) schieten daarvoor tekort.

Als we ergens iets kunnen bereiken is het in de steden

Rutger Groot Wassink, GroenLinks

Tot die conclusie komen de oppositiepartijen PvdA, GroenLinks en de Partij voor de Dieren (PvdD) in een gezamenlijk voorstel aan de gemeenteraad.

De partijen haken in op het voorstel van PvdA-leider Diederik Samsom en Jesse Klaver (GroenLinks) om doelstellingen voor energiebesparing en duurzame energie bij wet vast te leggen. Met vijfjarenplannen en een jaarlijkse klimaatbegroting kan de overheid volgens hun initiatiefwet voortdurend de vinger aan de pols houden.

Extra kansen
Ook de gemeente Amsterdam zou haar duurzame doelen op die manier moeten 'verankeren', menen de oppositiepartijen. Net als voor de financiën willen ze elk jaar de CO2-uitstoot begroten en afzetten tegen de genomen maatregelen. Alle wethouders kijken op hun terrein uit naar besparingen, dus niet alleen de wethouder van Duurzaamheid.

De gevolgen van klimaatverandering - onder andere extreem weer, hoge waterstanden en klimaatvluchtelingen - laten zich immers ook voelen in de stad. Tegelijk bieden juist steden extra kansen voor energiebesparing, door de vele mensen en bedrijvigheid dicht op elkaar en de slagkracht van het lokale bestuur.

Voorloper
'Als er één stad is in het land die het goede voorbeeld kan geven, is het wel Amsterdam,' stellen PvdA, GroenLinks en de PvdD. Dan blijkt meteen dat de huidige plannen niet genoeg opleveren. Een stad als Stockholm zit op zeventig procent duurzame energie waar Amsterdam maar vijf procent haalt, stellen de oppositiepartijen vast. 'Steden kunnen een enorme bijdrage leveren. Maar wij zitten binnen Nederland in de achterhoede, terwijl we voorloper zouden moeten zijn,' zegt PvdA-fractieleider Marjolein Moorman.

'Als we ergens iets kunnen bereiken, juist voor het klimaat, is het in de steden,' zegt Rutger Groot Wassink, fractievoorzitter van GroenLinks. 'Binnen het college is het ook gewoon niet goed geregeld. Wethouder Choho heeft geen geld en de andere wethouders leveren niet.'

Ontkenning van urgentie
Concreet is vooral de oproep om de gemeentelijke organisatie al per 2030 uitstootvrij te maken. In de gemeenteraad legde wethouder Choho onlangs al uit dat dit de stad op hoge kosten zou jagen, met name door het verouderde vastgoed van de gemeente. Choho zet nu in op 45 procent minder CO2-uitstoot per 2025.

Het streven om de eigen uitstoot veel sneller terug te dringen blijft staan voor het geval PvdA en GroenLinks na 2018 weer toetreden tot het stadsbestuur, beloven Moorman en Groot Wassink, die in het voorstel ook erkennen dat hun partijen zelf in het verleden tekort zijn geschoten.

'Als je de kosten uitspreidt over vijftien jaar, kunnen we het gemakkelijk lijden,' zegt Groot Wassink. 'Dat het duur is, is een ontkenning van de urgentie. Sinds de klimaattop in Parijs is het niet meer de vraag óf we dit moeten doen, maar met welke snelheid. Het is gek dat de gemeente zichzelf een lagere doelstelling oplegt dan ze van de rest van de stad vraagt.'