Binnenland Bewaar

Nieuwe manier van bezwaar maken bij gemeente is 'verre van ideaal'

De raadszaal in het stadhuis.
De raadszaal in het stadhuis. © Klaas Fopma

Amsterdammers kunnen niet meer direct aan gemeenteraadsleden hun bezwaren tegen gewijzigde bestemmingsplannen kenbaar maken. Zij mogen voortaan alleen nog inspreken bij de bestuurscommissies, al beslissen die er formeel niet over.

Het is verre van ideaal, erkent wethouder Eric van der Burg, maar dat is de huidige situatie ook.

Op dit moment kunnen mensen die bezwaar willen maken tegen bijvoorbeeld de bouw van een hotel in hun straat ook inspreken bij de bestuurscommissies. Als ze daar hun zegje hebben gedaan wordt hun vaak verteld dat het de gemeenteraad is die het definitieve besluit neemt.

Dus moeten ze op het stadhuis hetzelfde verhaal opnieuw afsteken bij de commissievergadering Ruimtelijke Ordening, waar ze dikwijls te horen krijgen dat de bestuurscommissie al gekeken heeft naar de situatie ter plaatse. Vervolgens wordt in de raads­vergadering een besluit genomen. En zo worden insprekers van het kastje naar de muur gestuurd.

Einde aan dubbeling
Het voorstel van Van der Burg moet een einde aan maken aan dit dubbel inspreken. De wethouder stelt voor dat Amsterdammers met bezwaren tegen bestemmingsplannen alleen nog maar kunnen inspreken bij de bestuurscommissies. Die brengen vervolgens verslag uit aan het college van burgemeester en wethouders, waarna er in de raadsvergadering over wordt gestemd.

Dat gebeurt dan wel door volksvertegenwoordigers tot wie de boze burgers zich nooit hebben kunnen wenden. Maar Amsterdam wilde de 'oren en de ogen van de buurt', zoals de bestuurscommissies worden genoemd, ook niet kwijt.

Ook al is niemand dolenthousiast, de wijziging lijkt wel op een meerderheid te kunnen rekenen. Maar, stelden onder meer D66 en PvdA voor, als bestemmingsplannen echt controversieel zijn, zijn insprekers wel welkom bij de commissievergaderingen van de raad. Een aanpassing die het plan eerder nog ingewikkelder dan transparanter maakt.