Amsterdam Bewaar

In Kopenhagen is de fietser geen probleem, maar een oplossing

De extra brede, blauw geverfde fietsstroken moeten de automobilist het gevoel geven dat hij hier echt niet hoort.
De extra brede, blauw geverfde fietsstroken moeten de automobilist het gevoel geven dat hij hier echt niet hoort. © Copenhagenize

Kopenhagen verslaat Amsterdam dit jaar in de index van fietsvriendelijkste steden. Maar wat maakt de Deense hoofdstad beter? Wij namen in september een kijkje in de stad, waar slimme oplossingen zijn verzonnen voor de gigantische aantallen fietsers.

Fietsen is belangrijk in Kopenhagen en wie een paar dagen de tijd neemt om het allemaal op zich te laten inwerken, raakt hoe langer hoe meer doordrongen van de rol die de fietser in de stad inneemt als verkeersdeelnemer. Ruim baan, dat is waar het op neerkomt.

En dat mag je letterlijk nemen: de fietspaden zijn hier soms zo breed dat je er pleinvrees van zou krijgen. Vorig jaar konden Kopenhagers op 17 procent van de fietspaden met zijn drieën naast elkaar fietsen, volgend jaar moet dit percentage veertig zijn. De ambitie is dat dit in 2025 op vier van de vijf fietspaden het geval moet zijn.

De fietser lijkt hier, meer dan in Amsterdam, dé verkeersdeelnemer. Succesvol door het beleid - en niet, zoals sommigen over Amsterdam zeggen, ondánks het beleid. Neem bijvoorbeeld de bruggen die alleen al dit jaar zijn aangelegd. Auto's hebben er niets te zoeken: hoe minder toegangswegen voor auto's, hoe minder aantrekkelijk de stad wordt voor de automobilist.

'De slang'
Maar ook kilometers zuidelijker in de haven worden kosten noch moeite gespaard om het de fietser naar de zin te maken. Een speciale fietsbrug werd enkele jaren geleden aangelegd om fietsers in staat te stellen naar de andere kant van het water te komen. Eenmaal op de noordelijke oever stuitte de fietser vervolgens op een doolhofachtig stelsel van hoeken en trappetjes.

De gemeente schreef een prijsvraag uit en koos ondanks fors hogere kosten uiteindelijk voor het ontwerp van 'de slang': een soort fly-over van enkele honderden meters lang, die fietsers met een paar slingerende bochten over de hoofden van winkelend publiek precies op de toegangsweg tot het centrum bracht. Zes miljoen euro koste 'de slang', maar wie de horden ziet die zich erover verplaatsen van A naar B, kan niet anders dan concluderen dan dat het zijn geld waard is geweest.

De stad laat ermee zien de fietser hoog in het vaandel te hebben staan, zegt Jakob Schiøtt Stenbaek Madsen, politiek adviseur bij de Deense Fietsersbond. 'De stad investeert de laatste acht jaar veel in fietsinfrastructuur. Gelukkig maar, want we zijn een oude stad, de fiets is de belangrijkste manier om het centrum bereikbaar te houden.'

Terugtellers
De slang is er een voorbeeld van, maar er is veel meer. De fietssnelwegen bijvoorbeeld: kilometerslange paden in min of meer rechte stukken richting centrum. In de wijk Frederiksberg is een brug gebouwd om te zorgen dat fietsers niet hoeven te stoppen voor een drukke weg. Madsen: 'Achterliggende gedachte is dat de automobilisten die daar elke morgen in de file staan, de fietsen voorbij zien zoeven en denken: wat dóe ik eigenlijk in de auto?'

Dat zegt ook Andreas Rohl, al zes jaar de belangrijkste ambtenaar als het gaat over fietsen en mobiliteit. 'Fietsers en voetgangers komen op de eerste plaats, dan volgt het openbaar vervoer. De auto staat helemaal onderaan. Het afgelopen jaar is de stad hard gegroeid, maar het autogebruik is in absolute aantallen gelijk gebleven. Onze groei bestaat vooral uit het sterk toegenomen gebruik van de fiets om je te verplaatsen.'

Veel proberen, dat is de aanpak die Kopenhagen heeft gekozen. Kijken of iets werkt, en wat succesvol is wordt ingevoerd. Zo'n experiment vindt bijvoorbeeld plaats in de oostelijke wijk Frederiksberg. De terugtellers bij stoplichten kennen we ook in Amsterdam, verschil is alleen dat de teller hier ongeveer 150 meter vóór het verkeerslicht is bevestigd aan een lantaarnpaal. Idee is dat fietsers op deze manier ook echt iets kunnen doen om te voorkomen dat ze moeten gaan staan wachten. Nog tien seconde groen? Snel fietsen dus! Nog vijftien seconden rood? Dan kun je rustiger trappen en hoef je bij het verkeerslicht helemaal niet stil te staan.

Flexibele bushaltes
Kleine innovaties die stuk voor stuk het verschil niet zullen maken, maar alles bij elkaar de fietser net het gevoel geven dat hij ertoe doet, dat de stad er niet vooral is om hem het leven zuur te maken. Kijk bijvoorbeeld naar de reling bij verkeerslichten: als je dan toch stilstaat, hoef je in elk geval niet af te stappen, want je kunt je met je voet en je arm staande houden. Kijk ook naar de palen her en der in de stad die aangeven hoeveel fietsers vandaag en dit jaar al zijn gepasseerd. Idee is dat je trots kunt zijn dat je fietst.

En kijk naar de vuilnisbakken op sommige plekken langs het fietspad: niet van de fietser af, zoals in Amsterdam, maar juist naar de fietser toe, zo gebogen dat je ook met twintig kilometer per uur een leeg blikje niet mis zal gooien. En wat te denken van de flexibele bushaltes, waarbij verlichting in de straat pas een halte vormt op het moment dat er daadwerkelijk een bus aan komt?

Dat allemaal bij elkaar is waarschijnlijk het verschil tussen Amsterdam en Kopenhagen. Wat in Denemarken succesvol is, hoeft in Amsterdam niet te werken. De rechtlijnige fietsstroken van Kopenhagen versus het fijnmazige netwerk van Amsterdam maken vergelijkingen heikel. Maar de instelling is anders. De fietser is geen probleem, hij is een oplossing. Niet fietsen op zichzelf is daarbij het doel, maar het bereikbaar houden van steden die zonder betere infrastructuur wel eens hopeloos vast zouden kunnen lopen.