Binnenland Bewaar

VVD wil subsidie en panden voor modetalent

Een model op de catwalk showt tijdens de Amsterdam Fashion Week de Spring/Summer 2015 collectie van de Nederlandse ontwerpster Ilja Visser.
Een model op de catwalk showt tijdens de Amsterdam Fashion Week de Spring/Summer 2015 collectie van de Nederlandse ontwerpster Ilja Visser. © ANP

De Amsterdamse VVD-gemeenteraadsleden Marja Ruigrok en Marianne Poot willen jong talent in de modebranche elk jaar subsidie geven. Ook willen zij die groep leegstaand gemeentelijk vastgoed ter beschikking stellen.

Modeontwerpers moeten begeleiding krijgen bij de zakelijke kant van hun vak: het creëren van een goed ontwerp betekent niet dat het met succes kan worden geproduceerd en verkocht. 'We hopen dat de nieuwe Viktor en Rolf van deze generatie met begeleiding zullen opstaan,' zegt Poot.

Als het aan Fashion Weekeigenaar Bart Maussen ligt, komt er een praktijkgerichte opleiding, die beginnende ontwerpers helpt bij het opzetten van een eigen label. De meeste modeacademies schieten volgens hem op dat punt tekort. 'Simpel gezegd helpen we met het opstellen van een ondernemingsplan. Inkoop, verkoop, accountancy, bedrijfseconomie en recht komen dan bijvoorbeeld aan bod.'

Zakelijk
Te vaak ziet hij nu gebeuren dat ontwerpers na een geslaagde eerste show met vakantie gaan omdat ze niet beseffen dat het zakelijke gedeelte dan pas begint. 'Dat is juist het moment om afnemers te vinden, hen zo ver te krijgen dat zij een collectie afnemen en met produceren te beginnen.'

Maussen schat dat het de gemeente twee ton per jaar zal kosten om het plan ten uitvoer te brengen. De VVD doet geen uitspraken over de hoogte van een bedrag, maar zegt wel dat voldoende 'stimuleringsgeld' beschikbaar is.

House of Denim- en Fashion Week- oprichter James Veenhoff is enthousiast over het idee, maar benadrukt dat een kritische blik belangrijk is. 'Het luistert nauw hoe en met wie je hieraan begint. Er is al veel geprobeerd, meestal zonder noemenswaardig resultaat.'

Ook Maussen erkent dat het belangrijk is de juiste mensen op de juiste plaats te krijgen. 'En het opleidingsprogramma moet op de lange termijn gericht zijn: vier keer per maand bijscholing gedurende twee jaar.'