Is 'Mijn vrouw heet Petra' een zelfhulproman voor de man? Hans van der Beek (1966) grinnikt. ''Ik mag hopen van niet, want dat zou erg treurig zijn. Maar ik ben bang van wel.''

In Mijn vrouw heet Petra gaat de Limburgse, in Amsterdam woonachtige geschiedenisleraar Peter Pruiser helemaal los. Hij is van zijn vrouw vervreemd, begeert zijn collega Robine Hutting, en zal later in de roman geobsedeerd raken door actrice Chantal Janzen.

Van der Beek laat zijn personage in de goed geschreven, van grappen en oneliners doorregen roman flink uit de bocht vliegen. Hij laat vooral geestig zien hoe de man niet met de vrouw moet omgaan. ''Ik heb het allemaal overdreven, hè, laat dat duidelijk zijn. Dit boek is een komedie met tragische kantjes over een man die graag vreemd wil gaan. Toch heb ik van vrouwen die het boek al hebben gelezen, begrepen dat de man zijn blik altijd keurend van boven naar beneden over een vrouw laat gaan. En dat mannen altijd meer willen dan vriendschap. Iets waarnaar Peter Pruiser ook verlangt. Kijk, als een vrouw je 'schatje' noemt is dat een kiss of death, terwijl veel mannen denken dat ze goed bezig zijn.''

Van der Beek, in het dagelijks leven journalist bij deze krant, legt uit hoe Chantal Janzen in het boek terecht kwam: ''Ik had eerst bedacht dat Peter Pruiser op een fictieve actrice verliefd zou worden, maar het leest toch lekkerder als het een bestaande actrice gaat. Ik had Chantal Janzen al eens voor de krant geïnterviewd. Ik heb officieel toestemming gevraagd om haar naam te mogen gebruiken. Ze vond het goed.''

''Waarom Chantal? Zij wordt tot babe van het jaar uitgeroepen, tot mooiste glimlach, tot dansmarieke van het jaar. Wie ben ik om me daartegen te verzetten? Ik vond het heel gênant om een hoofdstuk waarin ik haar twee moedervlekjes in haar decolleté beschrijf naar haar te sturen. Met welke ransaap heb ik nu te maken, zal ze wel hebben gedacht. Gelukkig kan ze overal om lachen. Zij heeft als een van de weinige BN'ers humor en zelfspot. Ze heeft ook het eerste exemplaar van de roman in ontvangst genomen.''

De vraag waarom alle journalisten toch een roman willen schrijven is verwacht.
''Ik schrijf veel reportages en grotere verhalen. Dan schurk je al een beetje tegen het echte schrijven aan. Ik wilde gewoon graag eens een roman schrijven.
Ik weet ook wel dat dit geen highbrow literatuur is. Ik heb een roman willen schrijven waar je als lezer een paar uur plezier aan beleeft. Er zit trouwens zoveel reportage in dit boek, dat ik het bijna een journalistieke roman wil noemen. Ook ik heb me, net als Peter Pruiser, ingeschreven bij een modellenbureau, ook ik heb method acting-lessen gevolgd, ik heb gefigureerd in Grijpstra & De Gier. Ik ben bij mijn oud-leraar geschiedenis achter in de klas gaan zitten, ik ben naar de musical Tarzan, met Chantal Janzen, gaan kijken, ik heb kroegentochten gelopen. Dat was het leukste van het schrijven, dat door je eigen roman lopen. En dat je je eindelijk niet aan de feiten hoeft te houden.''

Wat vindt zijn zijn vrouw van het boek. Hans van der Beek: ''We zijn 22 jaar samen, maar tijdens het lezen keek ze een paar keer op, en vroeg: 'Wie ben jij?' Hahaha. Ik doe een heel groot beroep op het begrip en het gevoel voor humor van mijn vrouw. Ze zei ook nog: 'Ik mag hopen dat het niet over Hans gaat!''' (MAARTEN MOLL)

Hans van der Beek: Mijn vrouw heet Petra. Nijgh & Van Ditmar, €16,50