Binnenland Bewaar

Cohen in West voor Gaza

120 jongeren liepen zaterdag 10 januari vanaf de Poldermoskee in Slotervaart naar het Beursplein. Zij droegen een zwarte lijkkist met zich mee. Foto ANP/Olaf Kraak
120 jongeren liepen zaterdag 10 januari vanaf de Poldermoskee in Slotervaart naar het Beursplein. Zij droegen een zwarte lijkkist met zich mee. Foto ANP/Olaf Kraak © UNKNOWN

AMSTERDAM - Burgemeester Job Cohen voelde woensdag de dringende behoefte om zelf te horen en zien hoe de stemming onder moslimjongeren in West is. Hoe hoog lopen de emoties op over het conflict in het Midden-Oosten, nu er zo hard gevochten wordt in de Gazastrook?

Dus belde hij naar de Poldermoskee met de vraag of hij die middag langs kon komen. Voor het 'last minute' initiatief van Cohen waren in allerlei jongeren opgetrommeld. Maar ze waren er wel. Alleen stadsdeelvoorzitter Ahmed Marcouch liet een kwartiertje op zich wachten.

Een acute aanleiding of dreiging was er niet, zei Cohen na afloop. ''Ik heb gemerkt dat er enorm veel emoties over leven. Ik wilde zelf horen hoe het lag.''

De pers mocht niet bij het gesprek zijn. Want misschien wordt één verkeerde uitspraak dan op de hele groep geplakt, zegt Khalid Mahdaoui (29). Hij is één van de jongeren achter het comité Amsterdam voor Palestina, dat zaterdag een stille tocht organiseerde van de Poldermoskee naar de Dam.

Twee spandoeken en ballonnen met opschriften als 'Stop de afslachting' moesten de boodschap overbrengen. ''Schreeuwen of leuzen scanderen is niet onze manier. En dan hoeft het niet eens te gaan om leuzen die haatzaaiend zijn,'' zegt Mahdaoui. ''Stilte is een betere manier om emoties te uiten.''

Een nieuwe actie staat op stapel. De jongeren willen dat morgen op scholen drie minuten stilte gehouden wordt 'voor alle burgerslachtoffers', dus ook voor burgerslachtoffers aan Israëlische kant. Cohen schaart zich achter dit idee.

Amsterdam voor Palestina wil eigenlijk niet aan politiek doen. Mahdaoui: ''We zijn niet tegen de staat Israël, die heeft echt het recht te bestaan.'' Fouzia Aharchaoui (22) vult aan: ''Maar Palestijnen hebben ook het recht om te bestaan.''

Mahdaoui: ''Het heeft geen zin om een politieke discussie te voeren. Stoppen, that's it.''
Het gaat erom de onvrede, frustratie en machteloosheid van jongeren een uitlaatklep te geven. Maar wel met democratische middelen.

Ze weten ook wel dat het wel eens anders gaat. Aharchaoui: ''Jongeren die hebben gereld, ken ik niet. Jongeren die daarmee sympathiseren misschien wel. Onvrede wordt op die manier geuit. We proberen dat in andere banen te leiden.''

De betrokkenheid bij de gebeurtenissen in Gaza is groot. Letterlijk dag en nacht houdt het hen bezig. Aharchaoui: ''Ik droom erover. Voordat ik ga slapen, ga ik nog even internet checken. Je hebt het er overal over.'' Een jongen die bij het gesprek aanschuift zegt over de beelden over Gaza: ''Dat zou ik kunnen zijn.'' De verbondenheid is, ook door het gedeelde geloof, groot, zegt hij.

Bouchra Aoueriaghel (26), niet verbonden aan Amsterdam voor Palestina, beschrijft hoe het conflict haar dagelijkse leven beheerst. ''Je voelt je schuldig als je vrolijk bent of op een veilige plek thuiskomt. Dan ben je er heel bewust van hoe bevoordeeld je bent, terwijl anderen zoveel leed hebben.'' Voor die betrokkenheid is weinig oog, vindt Aharchaoui. Dat het Journaal begint met een item over schaatsen, daar kan ze niet bij.

Het gesprek van Cohen met de jongeren duurt veel langer dan het gaatje in de agenda van de burgemeester groot was. Toch zijn niet alle deelnemers tevreden. Twee jongens lopen weg, terwijl één van hen zegt: ''Praten kunnen ze wel, maar iets doen?'' Cohen kan dat alleen maar beamen. ''We kunnen hier niets doen dat daar helpt.'' (ADDIE SCHULTE)