Opinie Bewaar

Hoe minder emoties mensen tonen, hoe meer er zit

Hoe minder emoties mensen tonen, hoe meer er zit
© Floris Lok

Roos Schlikker (1975) is journalist en schrijfster van boeken en toneelstukken, waaronder recentelijk nog Ajax, Mijn Club (2015). Elke zaterdag lees je hier haar column uit Het Parool. Vandaag: een hond als buffer voor de buitenwereld.

Straks is het weer oud en nieuw, hè. Al die knallen.

Als hij mij de hand schudt, kan ik me niet voorstellen dat hij nooit meer de deur uit ging. Hij kijkt me open aan, een licht ironisch lachje op een ontspannen gezicht. En dat terwijl de mens zijn vijand was. En misschien in zijn zwartste uren nog wel is.

John vocht in 1980 en 1981 in Libanon. De kogels vlogen hem om de oren, de onrust nestelde zich onder zijn huid. PTSS werd na terugkomst geconcludeerd en John sloot de deur, de ramen en de gordijnen van zijn huis om nog maar één ding te doen: binnen blijven, weg van de wereld.
Ik heb hem een tijdje zitten bekijken, dat ruwe bolstertype, geintjes makend met een vriend, ook veteraan.

Aan Johns voeten ligt een zwarte hond te soezen. Ik aai het beest en maak een kletspraatje. Leuk beest, zeg. Lief koppie heeft ze. O hij heet Niels? Sorry, dan is het een jongetje natuurlijk. Ja je kunt het niet meteen zien, hè, haha. O, trouwens ik heet Roos. Dag John. Handdruk.

En dan zegt John het alsof het doodgewoon is: 'Zie je dat Niels nu meteen zijn werk doet?' Niels is opgestaan en heeft zich tussen mij en zijn baasje in geplaatst. 'Zo zorgt Niels ervoor dat jij nooit te dichtbij kunt komen,' vertelt John. 'Hij beschermt me.'

De hond als ademende buffer tussen de buitenwereld en zijn baas. Het beest kijkt mij alert aan, als ik vraag hoe Johns leven eerst was. Hij vertelt het, schijnbaar onaangedaan, maar hoe minder emoties mensen tonen, hoe meer er vaak zit. Het is een verhaal van angst. Van vrijwillige opsluiting. Van altijd maar weer terug naar toen. Nachtmerries, schrikreacties, woede. In Johns hoofd was het altijd oorlog.

Ik probeer het me voor te stellen. Deze grote man als een diertje opgesloten in zijn hol. Het was een paar jaar geleden echt zo, verzekert John me. En soms is het nog steeds zo. Maar nu heeft hij Niels.

Niels is een buddyhond. Buddyhonden zijn zo opgeleid dat ze mensen kunnen vergezellen die moeite hebben met de sociale wereld. Door Niels moet John wel naar buiten, door Niels moet John wel praatjes maken in het park, en door Niels blijft John ademen. Want elke nacht herbeleeft John zijn verleden zo heftig dat zijn adem stokt. Zodra dat gebeurt, likt Niels hem wakker.

'Zonder Niels, had ik geen leven,' zegt John zachtjes. Letterlijk, denk ik erbij. Zijn de dagen nu ook nog wel eens zwaar, vraag ik. Hij knikt. 'Straks is het weer oud en nieuw, hè. Al die knallen...'

Ik aai Niels. Het liefst zou ik John ook aaien, maar ik durf niet. In plaats daarvan beloof ik aan ze te denken, op 31 december. Ik zal denken aan die grote man die met de radio op tien en oordoppen in zijn oren op de bank zit, Niels heel dicht bij zich. Terwijl Nederland het jaar uit knalt, zullen Niels en John samen wachten, de koppies tegen elkaar. Wachten tot het voorbij is.

Wilt u reageren op deze column? Dat kan. Scroll een beetje naar beneden om een reactie te plaatsen of stuur een mail.