Opinie Bewaar

'Laat kerken in het centrum van Amsterdam bruisen'

De Westerkerk is in kerkelijk gebruik en slechts een beperkt aantal uren open.
De Westerkerk is in kerkelijk gebruik en slechts een beperkt aantal uren open. © Mats van Soolingen

In het drukke centrum van Amsterdam staan gebouwen die amper worden gebruikt, maar die heel geschikt zijn voor een publieke functie: de kerken. Laat die weer bruisen én een rustplek zijn, schrijven architecten en theologen vandaag in een opiniestuk in Het Parool.

Hans Teerds en Willem-Jan de Hek

architecten
Joël Friso en Tim Vreugdenhil

theologen

Hoe willen we omgaan met de schaarse ruimte in onze stad, met name in het centrum? Die uitdagende vraag stelt wethouder Kajsa Ollongren in het startdocument Stad in balans aan alle Amsterdammers. Geïnspireerd door haar suggestie om de stad slimmer te gebruiken, stellen wij voor om meer te doen met gebouwen die er al eeuwen staan: de kerken.

Amsterdam telt een reeks grote en kleine monumentale stadskerken, waarvan vooral de Oude en Nieuwe, Wester- en Ooster-, Zuider- en Noorderkerk bekend zijn. Zeventiende-eeuwse schilderijen laten zien dat kerken ooit publieke ruimten zijn geweest. Een kerk was destijds eigendom van de stad, voor iedereen toegankelijk en beschikbaar voor allerlei activiteiten, commercieel, sociaal en religieus. Wat anders in de buitenlucht gebeurde, kon bij kou of regen in de kerk plaatsvinden.

Dat is vandaag wel anders. Kerken zijn geen openbare gebouwen meer. De deur zit vaak op slot. Van de zes genoemde kerken zijn de Oude en Nieuwe alleen toegankelijk tegen betaling. De Wester en de Noorder zijn in kerkelijk gebruik, waarbij de Wester een beperkt aantal uren open is en de Noorder zeer beperkt. De Zuiderkerk is slechts te huur voor evenementen en de Ooster staat grotendeels leeg.

Publiek gebruik
Ons punt is dat vooral het publieke gebruik veel beter kan. Vanwege die volle stad en omdat naar alle zes jaarlijks flink wat publiek geld gaat omdat het monumenten zijn. Soms worden ze als 'monumentaal blok aan het been' getypeerd (Het Parool, 17 april 2015).

Inderdaad zijn het gebruik en beheer van monumentale stadskerken kostbaar. Het is niet eenvoudig om een kerk een goede bestemming te geven, al helemaal niet met een herkenbaar publieke functie. De keerzijde daarvan is dat gebouwen van grote historische en esthetische betekenis op veel momenten in de week leeg staan - en dat middenin een stad die steeds drukker en voller wordt. Die balans kan anders en beter. Hoe?

De Britse godsdienstsocioloog Grace Davie heeft recentelijk aangetoond dat mensen monumentale kerken als 'van ons allemaal' beschouwen en dat niet alleen om historische redenen. Kerkgebouwen prikkelen de verbeelding van iedere bezoeker.

Vanuit deze vorm van eigenaarschap is er veel mogelijk. Wij stellen ons monumentale stadskerken voor die overdag bruisen van activiteit en waar je in en uit kunt lopen. Waar horeca en werkplekken zijn, ateliers en podia die passen bij het historische interieur. Maar niet alleen dat. Monumentale kerken zijn groot en groots genoeg om ook aan een andere behoefte te voldoen die in een overvolle stad steeds urgenter wordt: het verlangen naar rust en stilte. Je hoeft er niet religieus voor te zijn om een monumentale kerk te ervaren als een plek om tot jezelf te komen.

Night of light
Een voorbeeld: de Utrechtse Domkerk opent maandelijks haar deuren op zaterdagavond tussen 18 en 24 uur en trekt dan vele honderden bezoekers die even zitten of een kaarsje branden. Klaarblijkelijk voorziet de zogeheten Night of light in een behoefte.

De sleutel tot het bezielen van een monumentaal kerkgebouw is een coalitie van partijen (sociaal-maatschappelijk, artistiek, commercieel, religieus en meer). Een kerk is groot genoeg om er allerlei functies naast elkaar te laten bestaan. Het vereist slechts praktische afstemming. Net als vroeger.

Iconen van de deeleconomie
Van Amsterdammers vraagt het om anders naar hun kerken te kijken: als inderdaad van ons allemaal. De overheid kan deze manier van denken stimuleren. Eigenaren en beheerders worden uitgedaagd om te bedenken hoe ze hun gebouw (meer) beschikbaar kunnen stellen voor de stad. Artistieke, religieuze en andere programmamakers kunnen aan de slag.

Goede exploitatie op basis van een gezond verdienmodel is overal een voorwaarde. Voor alle betrokkenen is inschikkelijkheid een niet te onderschatten succesfactor: als een kerk van ons allemaal is, is zij altijd maar voor een stukje van mij, mijn project of mijn levensovertuiging. Waar dat besef groeit, kunnen de Amsterdamse stadskerken uitgroeien tot iconen van de deeleconomie.

Wilt u reageren op dit artikel? Dat kan! Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen.