Voor in mijn Abeltje, een fleurig exemplaar, dat een zekere K. Beun in 1953 van Sinterklaas heeft gekregen, staat de klassieke leeftijdscategorie 5-95 jaar vermeld. Die 95 lijkt me in mijn geval aan de optimistische kant, maar dat Annie M.G. Schmidt een leven lang meegaat, kan ik bevestigen. Als kind was ik dol op haar versjes, als vader heb ik haar vaak voorgelezen en sinds ik grootvader ben, is Pluk met zijn kraanwagentje weer een geziene gast.

Het aardige is dat ik nu nog net zo veel plezier aan haar boeken beleef als toen. Annie M.G. Schmidt is zo'n schrijver - ze zijn zeldzaam - die met jou, of met wie jij, meegroeit. Abeltje ligt op dit moment naast mijn toetsenbord, maar ik waak ervoor er ook maar een letter in te lezen, want als ik daaraan begin, weet ik hoe het verder gaat: Abeltje lezen is als zoute pinda's eten.

Ik heb Abeltje als kind gelezen, maar ik herinner me het verhaal vooral als hoorspel. Als het, op woensdagmiddag, werd uitgezonden, waren de straten leeg en in de dagen die volgden, hadden we het allemaal over het zangklasje van Klaterhoen, over die leuke Laura en vooral over de zo droogkomische Tump met zijn mottenballen. In mijn geheugen was het hoorspel er eerst en kwam het boek daarna. Maar helemaal zeker weet ik het niet meer.

Ik was dus erg blij met het verschijnen van Ik krijg zo'n drang van binnen, de door Marcel Raadgeep samengestelde bibliografie van het werk van Annie M.G. Schmidt.

In haar voorwoord noemt Annie Schmidts biograaf Annejet van der Zijl haar 'de droom van iedere oprechte boekenteller'. 'Was ik bibliograaf,' schrijft ze, 'dan zou ik haar ook willen hebben. En niet alleen omdat haar werk nog steeds zo levend is dat haar uitgeverij jaar in jaar uit de ene na de andere prachtuitgave op de markt kan brengen. Maar ook - en eigenlijk vooral - omdat in haar oeuvre nog steeds zo veel te ontdekken valt.'

De ontdekkingen van de bibliograaf kunnen wij in dit magistrale boek nu zelf mee ontdekken. En gelooft u mij, op elke, schitterend geïllustreerde pagina valt iets bijzonders te vinden.

Het eerste deel van het boek, Zelfstandige publicaties, dat een kleine honderd pagina's beslaat, opent met een door het alfabet bepaalde voltreffer: Abeltje. 3,90 gulden kostte dat boek in 1953 en in 1955, toen het vervolg, De A van Abeltje, verscheen, was het al aan zijn vierde druk toe. In 1980 kreeg het boek een nieuwe cover en nieuwe tekeningen van Thé Tjong-Khing en kostte het 19,90 gulden en in 2002 beleefde Abeltje in één band met De A van Abeltje zijn 29ste druk. In de bibliografie van Raadgeep wordt dit hele verhaal begeleid door de verschillende covers van de verschillende edities, een feest.

Nog mooier wordt het als je bij Het fluitketeltje kijkt. Daar wordt per gedicht ook nog eens aangegeven op welke dag het in Het Parool heeft gestaan. Zo stond Het fluitketeltje in de krant van 22 oktober 1949, verscheen De oren van Koning Maggelhaan 7 januari 1950 en was Dikkertje Dap 3 juni 1950 te lezen. Had ik toen Het Parool maar gelezen!

Deze omvangrijke (meer dan driehonderd pagina's), op groot formaat (23 x 32 cm) uitgegeven bibliografie is één groot, enthousiasmerend avontuur. Alles staat erin. Elke cabarettekst kun je terugvinden, elk reclame-uitgaafje, alle luisterboeken, bibliofiele edities, vertalingen (Abelt'e, ili prikljucenaija gollandskogo mal'cika), tv-series, je kunt het niet bedenken of het is door Marcel Raadgeep nauwgezet in kaart gebracht. Het enige wat ik natuurlijk niet kon vinden, was wanneer het hoorspel Abeltje werd uitgezonden en of het boek nu op het hoorspel was gebaseerd of omgekeerd. (GUUS LUIJTERS)

Marcel Raadgeep: Ik krijg zo'n drang van binnen.
Bibliografie van het werk van Annie M.G. Schmidt
De Wombat, €49,95.