Zeventig is Tom Jones nu, en dat mogen we weten ook. Akkoord, dat ringbaardje dat hij sinds enige jaren draagt, is er vooral ter maskering van een chirurgische ingreep van cosmetische aard (weg met die onderkin!), maar zijn haar verft hij niet langer zwart. De strakke broeken die altijd zo ruim zicht boden op zijn edele delen, hing hij al veel eerder definitief in kast: zijn zoon, die tevens zijn manager is, verbood hem die nog langer te dragen. De gouden kettinkjes die het zo leuk deden op zijn borsthaar heeft hij eveneens afgezworen.

Bij optredens krijgt hij zo nu en dan nog altijd slipjes en bh's naar het hoofd gesmeten, maar tegenwoordig doet Jones net of hij die niet ziet. Voor een bejaarde ziet hij er meer dan appetijtelijk uit, maar op zijn leeftijd nog langer de playboy uithangen, dat zou toch al te potsierlijk worden, vindt hij. En bij dat inzicht hoort een nieuwe muzikale richting. Op Praise & blame zingt hij geen breed georkestreerde showbizmuziek, maar blues en gospel, lekker kaal geproduceerd door Ethan Johns, die vooral roem geniet in de wereld van de alternatieve rock.

Via een lange omweg is de mijnwerkerszoon uit Wales daarmee teruggekeerd naar de muziek waar het lang geleden voor hem mee begon. Veel geld was er niet in het gezin waarin hij opgroeide, maar zijn ouders hadden wel een plaat van de Amerikaanse gospelzangeres Mahalia Jackson. De kleine Jones, toen nog Tom Woodward geheten, was er diep van onder de indruk. Zelf ontdekte hij niet veel later de blues; vooral van John Lee Hooker was hij als tiener een enorme fan.

Op Praise & blame herenigt Jones zich met zijn oude liefdes. Zijn platenmaatschappij zag er aanvankelijk niets in, omdat de muziek een al te grote stijlbreuk met zijn gebruikelijke repertoire zou zijn, maar zeker in Engeland is het album een groot succes. En dat is verheugend, want gedurfd is Praise & blame zeker.

Neem het openingsnummer What good am I. De zanger die normaal gesproken vanaf de eerste maat alle registers opentrekt, klinkt hier een heel nummer lang ronduit nederig. En dat maakt indruk. Wie het eenmaal hoort, hoeft het origineel van Bob Dylan (te vinden op zijn album Oh mercy) nooit meer te horen.

Zo ingetogen gaat het niet in alle songs op Praise & blame toe, maar de sfeer is gezet. Producer Johns - vooral bekend van zijn werk met Kings of Leon, maar die ook Ryan Adams, The Jayhawks en Rufus Wainwright produceerde - hield de bij Jones gebruikelijke strijkers en blazers ver buiten de studio. In plaats daarvan liet hij de zanger begeleiden door een fijn groezelig en gruizig spelende rockband.

Die combinatie werkt goed. Jones, die sinds het vroege begin van zijn carrière niet meer met een zo bescheiden aantal begeleiders had gewerkt, klinkt op het vrijwel 'live' in de studio opgenomen Praise & blame geïnspireerder dan hij lang heeft gedaan.

En het is ook fijn dat hij in zijn coverkeuzes niet voor de gemakkelijkste weg koos. Geen Amazing grace dus, maar gospels van Sister Rosetta Tharpe en Jesse Mae Hemphill (bekijk ze op YouTube!). In de afdeling blues is Jones' uitvoering van Burning hell van zijn oude held John lee Hooker een hoogtepunt: Nick Cave of the White Stripes zouden zich niet schamen voor deze lekker rammelend klinkende drie minuten hel en verdoemenis. Las Vegas is op Jones' 39ste studioalbum héél ver weg. (PETER VAN BRUMMELEN)

Tom Jones - Praise & blame
(Lost highway)

www.tomjones.com
myspace.com/tomjones