Amsterdam Bewaar

Donker, rumoerig en koud: de Vluchtgarage vs de Havenstraat

Donker, rumoerig en koud: de Vluchtgarage vs de Havenstraat
© Amaury Miller

De groep asielzoekers uit het Vluchtkantoor op de Weteringschans zit nu vooral op twee plaatsen in de stad. In de Havenstraat hebben ze licht, rust en warmte. In Kralenbeek 100 is het donker, rumoerig en koud.

'Het was héérlijk. Ik had twee weken niet gedoucht," zegt Morogeta (45), waarna hij zijn gedeeltelijk zilveren tanden blootlacht. In een schoon T-shirt zit hij in een plastic tuinstoel met een kop thee op de gang naast een dikke gevangenisdeur bij te praten met oud-kamergenoot Miguel (43). De mannen komen uit Ethiopië en Eritrea en kennen elkaar van het Vluchtkantoor op de Weteringschans.

Sportzaal
In hun uitzichtloze situatie kwam verandering toen burgemeester Eberhard van der Laan hun opvang aanbood in het vroegere huis van bewaring in de Havenstraat in Zuid, de Vluchthaven genoemd. Die opvang was bedoeld voor de asielzoekers die zich in maart in de Vluchtkerk in Bos en Lommer hadden gemeld om hun dossiers door Vluchtelingenwerk te laten bekijken. De Vluchthaven biedt veel faciliteiten, zoals een grote keuken, een wasruimte met wasmachines en drogers en een grote sportzaal.

Morogeta moest voor zijn douche een uur van kraakpand Kralenbeek 100 in Zuidoost, de Vluchtgarage, naar de Vluchthaven fietsen. Voor tien uur vanavond moet hij maken dat hij wegkomt, want dan is de bezoektijd voorbij en moet hij terugfietsen naar het koude kraakpand, zonder elektra, dat hij met ongeveer vijftig asielzoekers deelt. Sinds kort is daar stromend water en kunnen zij er naar de wc, maar hun situatie is nog even uitzichtloos als voor hun vertrek uit het Vluchtkantoor, begin deze maand.

Beatrix

Het enige lichtpuntje is dat staatssecretaris Fred Teeven deze week zei dat hij overweegt een opvang zoals de Vluchthaven te openen voor de asielzoekers in de Vluchtgarage en een groep vooral uitgeprocedeerde asielzoekers uit een kerk in Den Haag.

Miguel weet wel wat hem te doen staat. "Kijk, dit is mijn familie," zegt hij grijnzend als hij een stuk karton met daarop Beatrix ('mijn grootmoeder') en Willem-Alexander en Máxima tevoorschijn haalt. Deze week was hij in Den Haag, waar de Hoge Raad zich over zijn zaak heeft gebogen. "Ik was dertig euro kwijt voor de trein en de tram en ik heb maar 35 euro leefgeld per week."

Hoewel rechters zijn verzoek eerder hebben verworpen, blijft hij positief. Hij zwaait met zijn houten hamer. "Vijf jaar krijg je, Miguel. Een verblijfsvergunning voor vijf jaar." Plechtig geeft hij een tik op de tafel.

Ruzie
In de Havenstraat maken asielzoekers geen ruzie meer nu ze een eigen kamer hebben, geregeld kunnen eten en alles voor zichzelf op een rijtje kunnen zetten. Als iedereen om negen uur 's avonds heeft gegeten, blijft het vrijwel stil, wat voorheen ondenkbaar was.
In de Vluchtgarage is het om elf uur 's avonds nog heel rumoerig. Een man kijkt wild om zich heen en roept: "Alle mensen zijn ziek hier in dit gebouw; het brandt hier." Enkele mannen proberen hem tot bedaren te brengen. De kleinste dingen leiden tot ruzie, zoals de vraag wie waar moet slapen.

De laatste dagen hebben Amsterdammers veel kleding en voedsel gebracht. Zo heeft 'de moeder van Zuidoost', Regina Mac-Nack, zich over deze groep ontfermd.

Spoedvergadering
Naji, een Algerijn, zegt dat hij alle helpers zeer dankbaar is. "Nu hebben we gelukkig genoeg eten," zegt hij.
In een ruimte verderop is een spoedvergadering, de zoveelste.
Het hele gebouw is in het duister gehuld. De asielzoekers moeten het doen met kaarsen in potten en sommige mensen slapen op de grond omdat er te weinig bedden en matrassen zijn. De groep doet zijn best het muffe pand leefbaar te maken. Zo is schoongemaakt en hangt nu in elke ruimte een brandblusser.

Ook in de Vluchthaven is sinds kort veel veranderd. De detectiepoortjes zijn weggehaald, de cipiers hebben geleerd soepeler met bezoek om te gaan en de cellen zijn opgefleurd met kleurrijke doeken, kunst en behang.

Niet alleen Miguel is in de Havenstraat hoopvol gestemd over de toekomst, al zal die voor de meesten neerkomen op werken aan een terugkeer naar hun land. Omar Berete uit Guinee heeft al bedacht wat hij zal doen als hij in Nederland mag blijven. "Ik wil een vrouw zoeken om mee te trouwen en kinderen te krijgen. Eén van hen wordt dan de eerste zwarte president van Nederland."