Amsterdam Bewaar

Amsterdam een linkse stad? Hoezo?

Amsterdam een linkse stad? Hoezo?
© ANP

Ook na de raadsverkiezingen zeggen sommigen dat er een linkse meerderheid is in Amsterdam, die een uitweg kan bieden bij de collegeonderhandelingen. Maar is die meerderheid er wel?

Het kan een linkse coalitie zijn, maar evengoed een rechtse

'Amsterdam is en blijft een linkse stad. Alleen wil D66 dat niet inzien.' De waarschuwing van Jorrit Nuijens, raadslid van GroenLinks (GL), was zondag duidelijk, op een borrel vanwege het 25-jarige bestaan van zijn partij. GroenLinks heeft minder zetels dan D66 (zes versus veertien), maar als de linkse partijen de handen ineenslaan, hebben ze naar eigen zeggen een meerderheid in de gemeenteraad. En als D66 bij de collegeonderhandelingen vasthoudt aan de VVD, kunnen beide partijen naar de oppositie worden gemanoeuvreerd.

Het is een optie die de PvdA, GroenLinks en de SP boven de markt laten hangen om D66 onder druk te zetten. Hun rekensom is als volgt: gezamenlijk hebben ze 22 van de 45 zetels in de raad. Met de zetel van de Partij voor de Dieren en die van de Partij voor de Ouderen kom je aan 24 zetels. Geen riante marge. Eén dissident en één zieke en Leiden is in last. En toch is het een meerderheid die een uitweg kan bieden.

Kadaverdiscipline
Maar bestaat die linkse meerderheid wel? Over de politieke plaatsbepaling van de PvdA, GroenLinks en de SP bestaat geen twijfel. Maar hoe zit dat bij Wil van Soest, het oudste raadslid (77), die de ene zetel van de Partij van de Ouderen bezet? In een ver verleden zat ze voor de PvdA in de deelraad van Amsterdam-Noord. Daar was ze, zei ze zelf, niet bestand tegen de kadaverdiscipline van de sociaaldemocraten. Vervolgens vertegenwoordigde ze twee lokale partijen in Noord. Toen ze dit weekeinde twee voorkeuren voor een college moest opgeven aan 'de verkenners' Roger van Boxtel en Arjan Vliegenthart, kwam ze met varianten waarin steeds zowel D66 als de VVD voorkwam. 

Haar eerste voorkeur was een college van D66, VVD en SP, haar tweede een 'rechts' blok van D66, VVD en CDA, aangevuld met haar eigen Partij van de Ouderen en de Partij voor de Dieren. Zo'n coalitie zou een minieme meerderheid van 23 zetels hebben. Het is dus de vraag of Van Soest de linkse partijen aan een meerderheid wil helpen. 'Mijn partij staat voor de ouderen,' zegt ze zelf. 'Voor mij zal de vraag zijn: met welke coalitie kan ik hun belangen het best dienen? Of dat nu linksom of rechtsom is.'

Links kamp
Hoe zit dat met Johnas van Lammeren, fractievoorzitter van de Partij voor de Dieren? Gezien het belang dat zijn partij hecht aan groen, duurzaamheid en zorg ligt het voor de hand hem bij het linkse kamp in te delen. Maar bij het CDA, de VVD en D66 beschouwen ze hem als een pragmaticus, die, als het erop aankomt, net als Van Soest zal kijken welke coalitie het meest te bieden heeft op het gebied van dierenwelzijn, natuur en milieu.

Dat kan een linkse coalitie zijn, maar evengoed een rechtse. Afgaande op de voorkeuren die Van Lammeren de verkenners opgaf, is die laatste lezing de juiste. Zijn eerste voorkeur ging uit naar een coalitie van D66, VVD en SP. Zijn tweede voorkeur was ofwel over links (PvdA, SP, GroenLinks en Partij voor de Dieren) ofwel over rechts (D66, VVD, Partij voor de Dieren, CDA en Partij van de Ouderen).

Conclusie: de linkse meerderheid kan een mythe blijken te zijn. De vluchtroute die de PvdA, GroenLinks en de SP zien, kan evengoed worden vervangen door een uitweg die D66 en de VVD naar een minieme meerderheid leidt.