Prometheus, euro 18,95
ISBN 9789044611571

Het was een wonderlijke man. Hij liep meerdere malen heel hard rondom het IJsselmeer - zo'n vierhonderd kilometer; zijn snelste tijd binnen de achtenveertig uur. Ook deed hij ooit Hoek van Holland-Stockholm in achttien dagen. Toch was nog meer dan de prestaties, de instelling van ultraloper en historicus Jan Knippenberg die hem tot een wonderlijke man maakte. De schoonheid van duurlopen lag in de vanzelfsprekendheid.

'Lopen is 'in', dat zeker. Maar het besef dat lopen een aantal vaardigheden vereist is blijkbaar nauwelijks doorgedrongen', schreef Knippenberg in De mens als duurloper. Het kon als beweegreden worden gezien het boek te schrijven. Iedereen moest weten hoe hardlopen historisch verbonden was met de mens.

Knippenberg stierf als 47-jarige in 1995 aan longkanker. Sinds kort is een herziende versie te verkrijgen van het uit 1987 stammende boek. Daarin wordt duidelijk waarom het overbruggen van grote afstanden door te lopen inderdaad kenmerkend is voor de mensheid.

De belangrijkste reden hiervoor is historisch. Knippenberg laat met verschillende voorbeelden uit de cultuur van de Indianen en van de Tibetanen zien dat langeafstandslopers vroeger noodzakelijk waren om lange afstanden te overbruggen. Voor het overbrengen van boodschappen. Maar ook omdat het een rituele taak vervulde in de betreffende samenleving. 'De spirituele kant van het lopen is niet ontdekt door de joggers uit de jaren zeventig. Ze bestond al eeuwenlang.'

Dit beeld wordt nog versterkt door de behandeling van Engelse en andere Westerse hardlopers vanaf de zeventiende eeuw. Het schetsen wordt op zo'n overtuigende wijze gedaan dat de vanzelfsprekendheid van de langeafstandsloper als vanzelf opdoemt uit de geschiedenis. Daarnaast bevestigen portretten van de belangrijkste ultralopers van de twintigste eeuw dit idee.

Knippenberg probeert zo een antwoord te geven op de beweegredenen van de duurloper. Hij beschrijft de Engelsman Arthur Newton, lopend in het begin van de twintigste eeuw en houder van veel records: 'Stijl is de combinatie van uiterst economisch gebruik van energie en toch de handeling.' De Amerikaan Ted Corbitt, lopend vanaf de jaren zestig in belangrijke Engelse langeafstandswedstrijden: 'Het heeft geen zin een doel te stellen als je al zeker weet dat je het gaat halen.' Of Annie van der Meer, een Friezin met vanaf de jaren zeventig veel snelwandelprestaties op internationaal niveau, waaronder de wedstrijd Parijs-Colmar over 517 kilometer: 'Ik zag het niet als een wedstrijd. Ik zag de omgeving, de mooie omgeving. Als ik er maar kwam die keer.' En Ron Teunisse, de Nederlander die dagelijks vele kilometer heen en terug liep naar zijn werk, hardlopen als levenspatroon: 'Trimmen of sjokken is eigenlijk qua beweging degeneratie en cultureel gezien decadentie.'

Het zijn misschien wonderlijke uitspraken voor anderen, maar volstrekt vanzelfsprekend voor Knippenberg.

'Waarom? Altijd waarom. Ik waarschuw hem dat dat niet kan. De loop is het antwoord. Besloten in. Meer niet,' schrijft hij over een ontmoeting met een journalist in een in het boek opgenomen dagboek over zijn belangrijkste loopprestaties.

Bij de oorspronkelijke uitgave in 1987 waren de achterliggende idee├źn in Nederland nog niet zo bekend. Een golf aan hardloopboeken heeft dat klimaat enigszins veranderd. Bovendien lijken de redeneringen van Knippenberg en andere ultralopers naadloos te passen bij huidige tendensen van slow-food, onthaasting, zenboeddhisme en terug-naar-de-natuur-filosofie├źn. Onzin of niet, de keuze voor een herziende uitgave van zijn boek lijkt daarom een logische keuze van de uitgever. Wie het boek leest weet dat die gedachte totaal niet klopt.

De mens als duurloper is eenvoudigweg een Nederlandse sportklassieker. Het is fijn dat een nieuwe groep lezers weer over dit boek kan beschikken. (ARTHUR VAN DEN BOOGAARD)