AMSTERDAM - Bij het boren van de tunnel voor de Noord/Zuidlijn zijn verzakkingen van enkele millimeters tot enkele centimeters onvermijdelijk, schrijft de commissie-Veerman. Grotere verzakkingen kunnen waarschijnlijk worden vermeden of beperkt.

Veerman adviseert de instelling van een 'vliegende brigade', voor calamiteiten. De commissie heeft de risico's bij het boren van de 3,2 kilometer lange tunnel op een rij gezet. Onder het Centraal Station verlopen de werkzaamheden tot nu toe prima. Toch bestaat er 'een zeer kleine kans' op lekkage.

Verder is het afzinken van de tunnel onder het station 'technisch gecompliceerd'. De boor begint onder het Natte Damrak, waar de kwaliteit van de grond 'twijfelachtig' is. Dit maakt het riskant. Er kunnen bij gebouwen 'zettingen' ontstaan als de boor 'belangrijke punten' als de Bijenkorf, de Munt en de Pijp passeert.

Het afbouwen van de stations Rokin en Vijzelgracht moet 'met meer zorg omringd'. De wijze waarop de risico's hier kunnen worden beperkt, wordt nog altijd onderzocht. Er is een kleine kans dat station Vijzelgracht net als de Ceintuurbaan onder luchtdruk moet worden ontgraven, wat forse vertraging meebrengt.

De risicopot van de gemeente bedraagt 400 miljoen euro. De commissie adviseert dit te verhogen tot 900 miljoen, waarmee voor 95 procent zeker is dat binnen het budget kan worden gebouwd. (HET PAROOL)