Opinie Bewaar

Soms kun je niet anders dan je ergens inlikken

Theodor Holman
Theodor Holman © Wolff

Steven Brunswijk is een televisie- en theatermaker. Hij noemt zichzelf de Braboneger, want hij is een zwarte man en komt uit Brabant. Harriet Duurvoort, columnist bij de Volkskrant, beschuldigt hem van cooning.

Van cooning is sprake - ik vertaal het van internet - 'wanneer een zichzelf hatende Afro-Amerikaan zichzelf voor gek zet voor een wit publiek in ruil voor beperkte sociale acceptatie'. Het zijn vooral, nog steeds volgens internet, zwarten die andere zwarten daarvan beschuldigen.

Hoewel ik Duurvoort als columnist waardeer, denk ik toch dat ze een totaal verkeerde voorstelling van zaken geeft. In de eerste plaats neemt de Braboneger álles in de maling, is hij over álles ironisch en sarcastisch en juist dat tekent hem als een volstrekt onafhankelijke geest.

Je kunt zijn smaak, keuzes en opvattingen verschrikkelijk vinden, maar dan nog is die beschuldiging van cooning veel te zwaar.

Daar komt bij dat ik eigenlijk een hekel heb aan dat begrip. Elke minderheidsgroep moet in meer of mindere mate slijmen met de groep die groter is, zeker als je artiest bent. Soms kun je niet anders dan je ergens inlikken.

Dat kun je kwalijk vinden, maar aanpassen is een van de voornaamste regels als het gaat om survival of the fittest. Zelfhaat kan een teken zijn van je losmaken. Wat deed Woody Allen toen hij een film maakte over een Joodse moeder? Wat deden Eddy Murphy en Richard Pryor toen zij (voor een blank publiek) grappen maakten over niggers?

Jezelf voor gek zetten, je eigen groep voor schut zetten, relativeert altijd gespannen verhoudingen

Een racist zal in alles een bevestiging zien van zijn vooroordeel: 'Zie je wel, zelf denken ze er ook zo over.'

Vroeger had je de Indische Tante Lien, een rol van Wieteke van Dort. Zij was Indischer dan welke Indische tante van mij ook. Ze speelde het namelijk, zoals de Braboneger ook acteert. Acteren is vaak overdrijven. 

De Uncle Tombeschuldiging van Duurvoort vind ik daarom niet adequaat. Zij zegt in feite: 'Als vooraanstaand lid van de groep wil ik niet dat jij dit speelt, Braboneger.' Dat is benauwend, en vanuit een bepaalt perspectief discriminerend. 

Het tekent wel precies mijn hekel aan cooning: het legt bloot dat er ergens een onzichtbaar Politburo is, bestaande uit 'rasgenoten' die andere 'rasgenoten' in de gaten houden of ze zich wel 'raszuiver' gedragen.

Ik heb daar grote moeite mee.

Jezelf voor gek zetten, je eigen groep voor schut zetten, relativeert altijd gespannen verhoudingen.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief

Reageren? t.holman@parool.nl