Opinie Bewaar

Het ruggengraatje van het Amsterdamse ov

Nieuw metrostation Europaplein.
Nieuw metrostation Europaplein. © Rink Hof

'Laat het nu niet zover komen, na ­alle sores met de Noord/Zuidlijn, dat de hoognodige verdere ontwik­keling van een volwaardig metronet stil komt te staan,' schrijft Maarten Verwey aan Het Parool.

Over een dikke week is het zover, dan mag koning Willem-Alexander ons ­Amsterdamse ­wereldwonder ­komen openen.

Een nieuwe burgemeester en de nieuw aangetreden wethouders zullen ons met gepaste trots tonen wat er met 15 jaar noeste ­arbeid is bereikt, na al die tegenslag en uit de hand gelopen kosten, ­waarop niemand graag zal willen ­terugkijken.

Dat terugkijken hebben Marc ­Kruyswijk en Bas Soetenhorst in deze krant al uitvoerig gedaan, met veel kennis van de ontstaansgeschiedenis van deze nog geen 10 kilometer lange lijn. Het ruggengraatje van het ov-net!

Met het vooruitzicht dat er nu met voortvarendheid gewerkt moet worden aan een verdere uitbouw van het metronetwerk dringt zich de vraag voor op hoe het nu verder moet.

Waar liggen de prioriteiten? Bij de nieuwe stadsuitbreidingen, waarvoor hoogwaardige bereikbaarheid per ov toch een eerste vereiste zal zijn?

Lightrail
Station Zuid-Amstelveen-Uithoorn is als nieuwe tramlijn natuurlijk een gemiste kans. Met deze lijn is een veel grotere capaciteit te bereiken dan nu als vervanging van lijn 51 wordt gerealiseerd. Het wordt dus een gewone tramlijn, die is te ver­gelijken met de IJtram, lijn 26. En dat voor een stad als Amstelveen, met meer dan 100.000 inwoners!

Waar het aan ontbreekt in de Amsterdamse regio is een alles ­omvattend uitwerkingsplan voor het netwerk van trein, metro, tram en bus

Nu er van rijkswege eindelijk zicht is op geld voor lightrailprojecten, ­liggen er voor de Amsterdamse regio geen concrete plannen klaar om ­direct met voorrang aan te pakken, zoals die er wel zijn voor wegverbredingen, meer asfaltstroken.

Minister Cora van Nieuwenhuizen kan zo toezeggingen doen, maar de staatssecretaris voor ov-zaken, Stientje van Veldhoven, staat vooralsnog met lege handen. Alleen de NS heeft tot nu toe geld mogen reserveren voor de stations CS en Zuid.

Auto secundair
Waar het aan ontbreekt in de ­Amsterdamse regio is een alles ­omvattend uitwerkingsplan voor het netwerk van trein, metro, tram en bus, zoals we dat van veel buitenlandse stedelijke gebieden kennen. Stedelijke ontwikkelingen moeten worden gebaseerd op dat netwerk en de prioriteit moet liggen bij ov- en fietsverbindingen.

Voor een leefbare stad is dat onontbeerlijk. De ­auto krijgt zo ­werkelijk een secun­daire positie.

Begin jaren tachtig was het woord metro in deze stad volstrekt taboe, vanwege frustraties over de eerste metrolijn, de Oostlijn.

Laat het nu niet zover komen, na ­alle sores met de Noord/Zuidlijn, dat de hoognodige verdere ontwik­keling van een volwaardig metronet stil komt te staan. Een ov-netwerk dat vergelijkbaar is met de Rotterdamse metro: van Den Haag Centraal tot in Spijkenisse en van Capelle aan den IJssel naar Hoek van Holland.

Maarten Verwey, oud-Statenlid voor D66 in Noord-Holland