Opinie Bewaar

De kwaal waar ik nu al een tijdje aan lijd: terroristenmoeheid

Theodor Holman
Theodor Holman © Wolff

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column.

De kwaal waar ik nu al een tijdje aan lijd, is: terroristenmoeheid. Het uit zich in een vorm van uitputtende wanhoop. De terroristendaad schokt mij, en ik raak steeds vermoeider door machteloosheid.

Ja, ik weet nu ondertussen wel wat voor jongens het zijn die het doen. Ja, ik weet ondertussen wel waar ze vandaan komen. Ja, ik weet dat die jongens zeggen geen toekomstperspectief te hebben omdat ze zogenaamd worden gediscrimineerd.

Ja, ik weet echt ondertussen wel hoe religieus die jongens zijn. Ja, ik weet hoe die jongens over vrouwen denken. En ja, ik weet ook heel zeker hoe ze homo's haten! En ook weet ik wat ze met ongelovigen willen doen.

Hoe vaak heb ik het al niet gehoord? Mantra's die je uitputten. Je wordt er gevaarlijk moe van.

Wie zichzelf in de toekomst kan zien, ziet zich dichter bij de dood.

Gevaarlijk omdat die uitputting elke vorm van genuanceerdheid in de weg staat.

In de dagen na de moord op Theo van Gogh (binnenkort twaalf jaar geleden!) was ik er heilig van overtuigd dat 'dialoog' misschien wel zou helpen. Ik ben toen bij meer dan veertig debatten aanwezig geweest.

Toen hield ik het voor gezien, want de gedachte werd steeds sterker: dit is niet goed voor mij, ik word er te angstig van. Ik zag geen enkele vooruitgang. Integendeel. 'Het gaat alleen maar erger worden.' En aldus geschiedde.

Wie zichzelf in de toekomst kan zien, ziet zich dichter bij de dood. Dat heeft iets tragisch. Dus kun je je soms beter blind houden. Maar wie speelt dat hij blind is, is een lafaard omdat hij expres zijn ogen voor alles sluit.

Toen mijn oom Ben werd bevrijd uit het jappenkamp, wilde hij een uurtje langer blijven... hij wilde nog even slapen. Hij was kapot. "Ik hield van het leven, maar ik wist niet meer of het leven van mij hield," zou hij later in een documentaire zeggen.

Hij was doodmoe van de oorlog. Kapot. Zo ben ik moe van het terrorisme. En dus van het islamisme. Ik heb 'benoemd' wat er te benoemen valt en wie ik nog niet heb overtuigd hoe het zit, zal ik niet meer overtuigen.

En o, wat zou ik graag ongelijk hebben... Ik wil even nog een uurtje slapen. Als ik wakker ben, ­besef ik: het wachten op de volgende aanslag duurt niet lang - en dan moet ik fit zijn.