Opinie Bewaar

'Stad is minder lief voor LHBT'ers dan gehoopt'

'Stad is minder lief voor LHBT'ers dan gehoopt'
© Getty Images

Keer op keer werd Yaïr da Costa geconfronteerd met oprechte haat tegen LHBT'ers. Maar wat hij heeft meegemaakt is niets vergeleken bij wat de LHBT-vluchtelingen in ons land te verduren krijgen.

Met tranen in mijn ogen heb ik zaterdag het artikel van Paul Theunissen gelezen: het trieste verhaal over de nare ervaringen die LHBT-vluchtelingen beleven in die lieve stad die Amsterdam hoort te zijn. Het greep me bij de keel en is helaas ook voor mij erg herkenbaar.

Als zoon van een Surinaamse vader en een ­Indonesische moeder was het al niet makkelijk een andere geaardheid te hebben, maar beide ouders waren ook nog eens fanatieke leden van de Pinkstergemeente. Te horen moeten krijgen dat je een schande bent voor de familie en je geen zoon meer bent voor je ouders, komt aan als een mokerslag.

Des te meer herleefde ik die pijn toen ik het­ ­artikel in Het Parool van zaterdag las. Niet alleen ben ik verdrietig, ook ben ik boos en teleurgesteld. Ik moet concluderen dat er de afgelopen tien jaar geen enkele verbetering heeft plaatsgevonden betreffende de veiligheid van LHBT'ers in bepaalde wijken in onze stad.

Terwijl je op IJburg of (de nieuwbouwwijken) in het centrum en binnen de Ring relatief veilig jezelf kunt zijn, is dit helaas niet mogelijk in wijken als Nieuw-West, Noord, Oost en (in mindere mate) Zuidoost. Keer op keer zie ik de angst die vele politici hebben om een bepaalde correlatie te benoemen: die van de dominante bevolkingsgroep, cultuur en religie die in het gros van voornoemde wijken in feite de dienst uitmaakt.

Radeloosheid en ongemak
Ik heb vier jaar lang in Osdorp gewoond. Een wijk waar met name de agrarisch-islamitische cultuur domineert. De vrienden die ik daar maakte, kwamen van het platteland in Turkije of Marokko en als dat niet zo was, kwamen hun ouders wel uit die regio's.

Dit gebeurt in onze stad en wij zijn zelf de oorzaak van dit onveilige klimaat

Drie jaar lang heb ik juist in de wijken waar deze cultuur domineerde namens het COC voorlichting gegeven op middelbare scholen en keer op keer werd ik geconfronteerd met een oprechte haat jegens LHBT'ers die er met de paplepel wordt ingegoten. Om het maar niet te hebben over de vooroordelen waar ik mee moest dealen zodra mijn Joodse achtergrond bekend werd.

Als ik de radeloosheid en het ongemak in de ogen van mijn collega's zag werd ik er zelf ook moedeloos van. Zeker toen ik een buurjongen in de klas tegenkwam, die me vervuld van afschuw en verbazing vroeg of ik een grap met hem uithaalde. Vervolgens werd ik dagen door hem getreiterd en geïntimideerd in mijn wijk. Pas na interventie van het COC, zijn school en Roze in Blauw voelde ik me weer relatief veilig.

Wat ik allemaal heb meegemaakt is kleinigheid vergeleken met wat LHBT-vluchtelingen hebben meegemaakt en hier nu weer opnieuw meemaken. Het is toch van de zotte dat de politiek stelt dat homohaat, vrouwenhaat en Jodenhaat niet kunnen, maar dat in de praktijk asielzoekers met dergelijke gedachten daarvan geen enkele consequentie hoeven te verwachten vanuit de overheid.

De gedachte dat die Syrische mannen die Sami in het AZC hadden vernederd om zijn geaardheid waarschijnlijk straks met een verblijfsvergunning op de been zullen worden gehouden door onze samenleving, zit mij niet lekker. Ik ben voor het bieden van bescherming aan mensen die vluchten voor oorlog en moeten vrezen voor hun leven, maar tegen welke prijs? LHBT-vluchtelingen ervaren nu weer dezelfde onveilige situaties waar zij voor zijn gevlucht.

Vleeskeuringen
Besef goed: dit gebeurt gewoon in onze stad en wij zijn zelf de oorzaak van dit onveilige klimaat omdat we hebben geaccepteerd dat dit gedachtegoed jaren geïmporteerd werd en nog geïmporteerd steeds wordt! Het feit dat ik deze situatie tien jaar geleden al zag in mijn stad, maakt het alleen maar moeilijker om te verdragen.

Los van deze 'import' van haat uit het buitenland wil ik me ook richten tot de eigen groep. De verhalen van de diverse vluchtelingen die kost en inwoning kregen in ruil voor seks, de vleeskeuringen en de nare opmerkingen bij een afwijzing zijn zaken die ook erg herkenbaar zijn binnen de gay scene.

Ik zal me er ongetwijfeld niet populair mee maken dat ik bevestig dat dit gebeurt, maar de gay scene kan helaas vaak een harde en gemene wereld zijn.

Aan mijn mede-LHBT'ers wil ik dan ook vragen het goede voorbeeld te geven en elkaar op dit gedrag aan te spreken. We hebben hier te maken met mensen zoals wij die vaak jaren van traumatische ervaringen hebben doorstaan. Laat mensen in hun waarde en denk even aan je eigen worstelingen als je de pech had in dit land niet in een tolerante omgeving op te groeien.

Laat ik tot slot dit pak van mijn hart maar positief eindigen en een situatie schetsen die ook mogelijk is voor onze LHBT-vluchtelingen. ­Nadat ik op mijn 18de het ouderlijk huis uit was gegooid, heb ik vanuit de politieke partij waarin ik actief ben een homoseksueel echtpaar leren kennen dat inmiddels al ruim 10 jaar als twee broers voor me is.

Zij hebben mij door dik en dun - zonder dat daar enige tegenprestatie tegenover stond - geholpen en gesteund op de momenten dat ik dat nodig had. Met het kerstdiner kan ik bij hen aanschuiven, tijdens mijn diploma-uitreiking waren zij erbij en bij de koop van mijn appartement waren zij er om mij te adviseren.

We zullen de keuze moeten maken: willen we nog meer mensen met een cultuur van haat binnenlaten?

Laten we die mede-LHBT'ers uit het buitenland nou ook op die manier steunen en ze een hart onder de riem steken door hun die (platonische) liefde te geven die zij in hun vaderland nooit mochten krijgen.

Die lieve stad
Verder heb ik voor projectenbureau Diversion het project Gelijk=Gelijk mogen uitvoeren waarbij jongeren met een islamitische, joodse en LHBT-achtergrond gezamenlijk voor basisschoolklassen staan om ervoor te zorgen dat Amsterdam die lieve stad blijft waar onze oud-burgemeester zo om gaf.

Dat vooroordelen bij jonge kinderen als sneeuw voor de zon verdwijnen als ze horen dat 'de meester' militair is, maar ook een vriend heeft, ontroert mij nog steeds. Het was prachtig werk dat ik destijds deed, ­alleen vergt het wel enorm veel tijd, geld en energie.

Dergelijke mentaliteitsveranderingen zullen generaties gaan duren. Zie de vrouwonvriendelijke opvattingen van rapper Boef - net als ik iemand van de tweede generatie - die hoogstwaarschijnlijk ook iets te maken hebben met de cultuur waarin en waarmee hij is opgevoed.

We zullen de keuze moeten maken: willen we nog meer mensen met een cultuur van haat binnenlaten? Dan zullen we keihard moeten werken om die emancipatie van vrouwen, homoseksuelen en Joden opnieuw over te doen willen we voorkomen dat de tweede generatie ook gevuld wordt met haat.

De vraag die ik stel is: willen we dat wel? In elk geval merk ik dat sinds ik hier woon de praktijk heeft uitgewezen dat Amsterdam op veel plekken minder lief is dan ik had gehoopt, maar dat als alle lieve Amsterdammers hun steentje bijdragen, we ook de minder lieve wijken gewoon weer lief kunnen maken voor onze LHBT-vluchtelingen!