Opinie Bewaar

'Ons ongeboren kind leefde al in een etnische bubbel'

Wij stoppen onze kinderen vanaf de geboorte kritiekloos in dezelfde netwerken.
Wij stoppen onze kinderen vanaf de geboorte kritiekloos in dezelfde netwerken. © Linda Jansen

De meest voor de hand liggende crèchekeuze voor de pasgeboren baby van publicist Matthijs Ponte was nou net die ene witte crèche. Maar dat vindt Ponte didactisch onverantwoord, schrijft hij in dit opiniestuk.

Met mijn vrouw oriënteerde ik me de afgelopen maanden op een passende kinderopvang voor ons nog ongeboren kind. Dat deden we vanuit onze prachtige, cultureel diverse volksbuurt in Amsterdam-Noord. Daar leven we voornamelijk tussen de klassieke achterban van de PvdA: de witte arbeidersklasse en de kinderen en kleinkinderen van arbeidsmigranten.

De meest voor de hand liggende crèchekeuze vonden we aan de rand van deze wijk. Een kinderopvang waar ons kind zou worden aangesproken op nieuwsgierigheid en creativiteit, wetenschappelijkheid en artisticiteit zelfs, en dat zich presenteert als een 'tweede thuis'. Kinderen treffen er een beschermde, liefdevolle sfeer, waarbinnen geëxperimenteerd mag worden. Mooi, vonden we. En meer geïnspireerd dan de andere buurtcrèches, die de persoonlijke, creatieve aanpak veelal ontberen.

Matthijs Ponte
is publicist, redacteur en vader van een zoon.

We passen zelf perfect in het profiel van de ouders die hun kinderen hier laten rondlopen. Een deel van de mensen die iets met de crèche van doen heeft, kennen we zelfs. Er wordt wetenschappelijk verantwoord geknutseld met proefjes uit een boek van een kennis. Dat is niet vreemd. Deze mensen delen veel van onze waarden, die ook worden benadrukt door de kinderopvang. Daarmee komt de crèche ons allemaal kwalitatief superieur voor, vergeleken met de lokale concurrentie.

Wit en hoogopgeleid
Maar dat is ze niet. Juist niet door de eensgezindheid van deze gemeenschap. Anders dan in mijn wijk zijn alle kinderen hier namelijk afkomstig uit een wit en hoogopgeleid nest. Hetzelfde geldt voor hun begeleiders. De opvang trekt slechts een heel klein wit deel van onze buurt en omliggende wijken.

Dat is niet alleen sociaal ongewenst, maar ook didactisch volstrekt onverantwoord. Een kind krijgt hier een eenzijdige blik op de wereld voorgespiegeld. Onder het mom van creativiteit krijgt het vanaf het prilste begin oogkleppen aangemeten. Toch geeft de directeur van de kinderopvang desgevraagd aan geen beleid te voeren om de samenstelling van het personeels- en klantenbestand te wijzigen. Vermoedelijk omdat ze het vraagstuk beschouwt als voortkomend uit 'politiek correcte' overwegingen.

Wij stonden nu op het punt ons kind datzelfde kennisvacuüm in te duwen

Mijn bezwaar in dezen is echter niet alleen politiek, maar vooral ook kwalitatief. Oogkleppen zijn slecht voor de ontwikkeling van een kind. Er wordt vaak gewaarschuwd voor de gevaren van een online filterbubbel, maar juist ook in het fysieke leven bevinden we ons in dergelijke bubbels. Die worden voor een belangrijk deel gestructureerd langs etnische lijnen. En wij stonden nu op het punt ons kind datzelfde kennisvacuüm in te duwen. Het was nog niet eens geboren, maar leefde al in een etnische bubbel.

Kritiekloos
Etniciteit is een bepalende factor in de samenstelling van onze formele en informele netwerken. Onze samenleving is daardoor de facto gesegregeerd.

Die segregatie wordt actief in stand gehouden, bijvoorbeeld door onze kinderen vanaf de geboorte kritiekloos in dezelfde netwerken te stoppen. We leiden ze daarmee achteloos onze kleine, bekrompen bubbels in, waar ze niet zomaar meer uitkomen. Dat is fnuikend voor de ontwikkeling van de samenleving én van die kinderen.