Opinie Bewaar

'Je hoeft je niet te schamen voor je angst hoor'

James Worthy
James Worthy © Agata Nowicka

Er staat een man voor de lift. Ik kan zien dat hij zenuwachtig is, omdat hij heel erg zijn best doet om niet zenuwachtig te zijn. Zijn gedrag doet me denken aan de tientallen keren dat ik mijn moeder wilde doen laten geloven dat ik niet dronken was op de momenten dat ik verschrikkelijk dronken was.

De man begint te ijsberen. Nee, hij begint gewoon tussen twee punten heen en weer te lopen. Dit intens onzekere loopje heeft helemaal niets met statige pooldieren te maken.

"Gaat het wel, meneer?" vraag ik.

"Zeg maar Rishi."

"Gaat het wel, Rishi?"

"Ik ben als de dood voor liften." Hij kijkt naar de grond als hij het zegt.

"Je hoeft je niet te schamen voor je angst hoor. Ik heb er honderden."

"Ben je ook bang voor liften?"

"Nee, dat niet."

"Wat is je grootste angst dan?"

"Mijn grootste angst? Ik droom zo'n twee keer per week dat ik met mijn zoon op vakantie ben in een ver land. We lopen over straat. Mensen proberen ons dingen te verkopen die we niet nodig hebben, maar omdat we zo beleefd zijn, kopen we acht rieten hoedjes en een stapel zelfgemaakte ansichtkaarten."

"Dan stopt er een busje voor ons neus. Twee politieagentachtige mannen stappen uit. De kleinste van de twee zegt dat mijn zoon en ik helemaal niet op elkaar lijken en dat hij dus niet mijn zoon is. Ze geven mijn zoon snoepjes. Zo veel snoepjes, dat hij geen 'Pappa!' kan schreeuwen op het moment dat ze hem oppakken en achterin het busje kukelen. Zijn mond zit te vol."

Ze geven mijn zoon snoepjes. Zo veel snoepjes, dat hij geen 'Pappa!' kan schreeuwen

"Ik schreeuw wel. Ik schreeuw dat hij van de buitenkant misschien niet heel erg op me lijkt, maar dat, als ze een klein sneetje in hem snijden, ze zullen zien dat onze binnenkanten identiek zijn. Maar ze luisteren niet. Ik ga naast de auto staan en adem van dichtbij tegen de ruit aan, met een wijsvinger teken ik een hartje in mijn adem. Dan rijdt het busje weg. De mannen draaien het raampje open, de auto­radio staat aan. In de verte hoor ik een liedje."

"Welk liedje hoor je?" vraagt Rishi.

"Papa van Stef Bos."

"Maar je was toch in een ver land?"

"Ja, maar angst is dol op Nederlandstalig. We kunnen trouwens ook gewoon de trap nemen, hoor. Wil je de trap nemen?"

"Nee, ik wil niet langer vluchten. Ik moet dit doen."

"Wat vind je eigenlijk zo eng aan liften, Rishi?"

"Het engste vind ik dat aan de binnenkant van een lift staat hoe veel de lift precies aan kan wat kilo's betreft. Deze lift kan bijvoorbeeld duizend kilo vervoeren. We staan met negen man te wachten en ik ben iedereen in mijn hoofd aan het wegen. Ik weet echt niet of we onder de duizend zullen blijven."

"Weet je wat? Ik neem de trap wel. Dan gaat er 86 kilo vanaf. Red je het dan wel?"

"Vermoedelijk."

"Het ga je goed, Rishi."

"Mag ik je zoon nog even zien? Een foto? Ik ben nu wel benieuwd of hij echt niet op je lijkt."

Ik overhandig hem mijn telefoon. Hij lacht zijn gebit bloot. Ik zie veel gaatjes. Zijn tanden lijken op dalmatiërs.

"Jullie lijken als twee druppels op elkaar," zegt hij.

"Twee druppels wat?"

"Twee druppels angstzweet."

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug. 

james@parool.nl