Opinie Bewaar

'Is het leven van een dakloze nou miserabel?'

'Go hit the city... and fuck somebody'
'Go hit the city... and fuck somebody' © Ted Struwer

Het leven van de dakloze Oost-Europeaan bij de supermarkt lijkt haar niet zo fijn, schrijft Paroollezer Famke Overwater. Maar hij blijkt zijn bedenkingen te hebben bij dat van haar.

Hij is een sympathieke man van een jaar of vijftig, met kort, zwart haar. Ik ken hem van de daklozenopvang. Hij komt ­regelmatig bij het inloophuis waar ik een tijd als vrijwilliger heb gewerkt. Tegenwoordig zie ik hem alleen nog als ik boodschappen doe (hij verdient wat geld bij de uitgang van de supermarkt) en dan maken we meestal een praatje.

Het is geen uitgebreid gesprek. Gewoon een korte babbel. Maar wel een gewaardeerde. "Thank you for... (hij denkt na en vist dan uit een beperkte woordenschat Engels) talking to me. It makes me feel... human again."

Hij verliet zijn land met het voornemen, de belofte en de hoop hier een beter bestaan op te bouwen

Vrijwel ­altijd klagen of jubelen we even over het weer. Hij vertelt dat hij er wat werk bij heeft. Een andere keer dat hij die 'baan' weer kwijt is. Dat hij een tijdje naar de gevangenis moet om zijn schuld, 250 euro aan boetes voor overnachten in het park, af te betalen. Dat hij ergens onderdak heeft gevonden. Een volgende keer dat hij daar weer heeft moeten vertrekken. Of hij doet zijn beklag over een pijnlijk been.

Maar, hoe groot zijn ellende ook is, hij eindigt altijd optimistisch.

Terugkeren is geen optie
Jaren geleden verliet hij zijn thuisland in Oost-Europa met het voornemen, de belofte en de hoop om in Nederland een beter bestaan op te bouwen. Zonder succes. Tot op de dag van vandaag heeft hij zijn familie niet durven te vertellen dat het anders liep. Hij belt regelmatig met zijn moeder, maar verzwijgt dat hij hier op straat leeft.

Terugkeren is voor hem geen optie. Daarvoor is hij te trots.

Zijn leven lijkt me niet fijn, maar de man blijkt over het mijne net zo goed zijn bedenkingen te hebben. Het is zaterdagavond als ik de winkel binnen- en even later weer uitloop. Na de ­gebruikelijke koetjes en kalfjes vraagt hij nieuwsgierig en geïnteresseerd wat mijn weekendplannen zijn.

Op mijn antwoord dat ik die avond thuis het een en ander moet doen en afmaken, volgt een hoofdschuddend en afkeurend: "Aaargh, lady. No, NO." Hij heeft een blik van desillusie in zijn ogen, en met grote gebaren wuift hij mijn antwoord weg. Alsof ik er de lucht mee heb bevuild.
Hij wil er nog iets over kwijt, maar zoekt naar woorden. Ik wacht. Hij worstelt verder.

Belerende wijsvinger
Dan tovert hij zijn meest vriendelijke gezichtsuitdrukking tevoorschijn, legt een hand op mijn schouder, met de andere hand steekt hij een belerende wijsvinger op. Met een serieuze stem zegt hij: "Go hit the city... and fuck somebody."

Grijnzend bedank ik hem voor zijn advies en zeg dat ik erover na zal denken. Goed. Oké. Duidelijk. Is genoteerd.

Ik ben hier degene die een miserabel leven leidt.