Opinie Bewaar

'Het Joods Akkoord rammelt aan alle kanten'

Het interieur van de Portugese Synagoge. De gemeente Amsterdam is gevraagd het in maart getekende Joods Akkoord uit te voeren
Het interieur van de Portugese Synagoge. De gemeente Amsterdam is gevraagd het in maart getekende Joods Akkoord uit te voeren © Rink Hof

Donderdag debatteert de gemeenteraad over een toepassing van het Joods Akkoord. Volgens Jaap Hamburger, voorzitter Een Ander Joods Geluid, rammelt dat akkoord aan alle kanten, zo betoogte hij in dit opiniestuk. 

Donderdag behandelt de Commissie Algemene Zaken van de gemeenteraad een brief uit april van de Nederlands Israëlitische Hoofdsynagoge (NIHS). Daarin wordt voor de eerste maal om toepassing verzocht van het in maart ondertekende Joods Akkoord om antisemitisme tegen te gaan. Die toepassing moet volgens de brief uitmonden in beperking van de demonstratievrijheid aangaande Israël, in Amsterdam.

Een Ander Joods Geluid ziet in de brief een goede aanleiding tien principiële en ideële bezwaren tegen het Joods Akkoord op te sommen.

1. Onduidelijk draagvlak
Het Joods Akkoord is van Joodse zijde in heel kleine kring en op nogal ondoorzichtige wijze tot stand gekomen. David Brilleslijper, de ­bestuursvoorzitter van de NIHS, en rabbijn Shmuel Katz van de Gerard Dousynagoge zouden daarbij een rol hebben gespeeld.

Van wie hebben zij eigenlijk een mandaat gekregen om iets voor alle Joden in Amsterdam te regelen? Hebben zij zich dat zelf verschaft? Veruit de meeste Joden in Amsterdam hebben geen enkele binding met enige joodse gemeente, laat staan met de NIHS.

Van wie heeft de NIHS het mandaat gekregen om iets voor alle Joden in Amsterdam te regelen?

Maar zelfs als hier alsnog complete openheid over zou worden gegeven, staat vast dat de Joden in Amsterdam niets is gevraagd, laat staan dat zij bij de totstandkoming een inbreng van betekenis hebben gehad. Ik heb geen enkele ­behoefte aan een mij aldus door een joods kerkgenootschap opgedrongen status aparte.

2. Ongewenst model
Dit punt is van des te meer belang omdat sommige instellingen, zoals het Centrum Informatie en Documentatie Israël (Cidi) hebben verklaard dat dit Amsterdam Akkoord model zou moeten staan voor andere steden. Worden Joden elders straks ook ongevraagd onderdeel van een 'Joods Akkoord' ?

3. Omstreden definitie
Het Joods Akkoord maakt in onderdeel B2 gebruik van - in tegenspraak met wat daar beweerd wordt - een noch door de EU noch in ­Nederland geautoriseerde, laat staan gelegaliseerde definitie van het begrip antisemitisme, de zogenoemde Ihra-definitie.

4. Vrijheid van meningsuiting beknot
Het belangrijkste bezwaar tegen de inhoud van die definitie gaat ons allen aan, en niet alleen in Amsterdam. Dat bezwaar is dat in die definitie het schot tussen antisemitisme en kritiek op het beleid van de staat Israël wordt afgebroken.

Als het principe van dit onderscheid eenmaal wordt losgelaten, staat de deur open voor inperking van de vrijheid van meningsuiting, onder het voorwendsel dat er sprake is van 'anti­semitisme'. Deze mogelijkheid in het leven te roepen, is precies de reden dat de Israëllobby in Nederland op vele fronten een fel offensief voert om de definitie een wettelijke status te geven of op een andere wijze tot een politiek-maatschappelijke norm te maken.

5. Stigmatiserend en criminaliserend
Die definitie zal echter in het beste geval tot verwarring en onduidelijkheid leiden over de vraag of in voorkomende gevallen sprake is van 'antisemitisme', of 'antisemitische daden of uitingen'.

Waarschijnlijker nog is definitiemisbruik en aantijgingen tegen derden. De brief van de NIHS staat er vol mee. Het staat als een paal boven water dat men de definitie onmiddellijk zal misbruiken om elk pleidooi voor boycot, desinvesteren en sancties als antisemitisch te stigmatiseren en te criminaliseren.

6. Discriminatoir karakter
Het Joods Akkoord heeft een exclusivistisch en daardoor impliciet discriminatoir karakter, in een stad vol minderheden. 'All animals are equal, but some are more equal than others', maar niet in Amsterdam graag. De raad is er voor iedereen.

7. Ongewenst apart gezet
Het Joods Akkoord zet Joden apart, terwijl het juist de wens van veel Joden is op geen enkele wijze apart gezet te worden.

8. Bron van jaloezie en afgunst
Het Joods Akkoord laadt de verdenking op zich dat de Joodse instanties politiek, ideëel en financieel voordeel wensen te halen uit het cre­eren van een uitzonderingspositie voor Joden in Amsterdam; juist dit kan leiden tot zeer onwenselijke jaloezie en ressentiment.

9. Evaluatiemogelijkheid ontbreekt
Er is geen voorziening getroffen voor evaluatie, wijziging of opzegging van dit akkoord. Dat is een kunstfout, waar de gemeenteraad alert op had moeten zijn.

10. Ontbrekende bevoegdheden
Het Joods Akkoord zadelt de gemeente deels op met verantwoordelijkheden, waar geen bevoegdheden tegenover staan. Ook dit is een kunstfout. Het akkoord gaat voorbij aan de primaire taak van politie en Openbaar Ministerie om de antidiscriminatiebepalingen uit het ­Wetboek van Strafrecht te handhaven.

Dit akkoord rammelt en is in haast, onder druk en onnadenkend ondertekend. De meeste gebreken zijn inherent aan het akkoord als zodanig en derhalve irreparabel.

Dat het niet tot uitvoering moge komen, dat het akkoord een dode letter mag blijven.