Opinie Bewaar

'Fietsende bezorgers beheersen het Amsterdamse verkeer'

Door weer en wind fietsen zwaarbeladen maaltijdbezorgers door de stad
Door weer en wind fietsen zwaarbeladen maaltijdbezorgers door de stad © AFP/beeldbewerking Het Parool

De fietsende maaltijdbezorgers met hun rugzakken voeren ware kamikazes uit in het Amsterdamse verkeer. Susan Nortier verwondert zich over dit recente fenomeen.

Kubussen beheersen sinds ­enkele maanden het Amsterdamse verkeer. Of eigenlijk ­kubusvormige rugzakken. Op de ruggen van fietsers.

Ze zijn van zodanig formaat dat de fietser in kwestie de volledige breedte van het fietspad blokkeert zodat er geen denken aan inhalen meer mogelijk is - terwijl inhalen zo kenmerkend is voor het agressieve Amsterdamse fietsverkeer. Dit levert fietsers onderling nogal wat ergernis op.

De kubusvormige rugzakken bestaan in vier varianten: Deliveroo, Foodora, Thuisbezorgd.nl en Ubereats. Allemaal maaltijdbezorgdiensten die een kubusvormig gat in de markt hebben gevonden: het bezorgen van maaltijden per fiets. Op zich een milieuvriendelijke vondst.

Souplesse
De meeste fietscoureurs die ik tot nu toe heb gezien, zijn van buitenlandse komaf en hebben hoogstwaarschijnlijk nog niet veel fietskilometers op hun teller. Ik ben daarom onder de indruk van de souplesse waarmee ze zich in hoog tempo door het verkeer manoeuvreren, niet gehinderd door welk stoplicht of obstakel dan ook.

Ik vind dit dermate opvallend dat ik hun werkgevers ervan verdenk fietsmasterclasses op het circuit van Zandvoort te organiseren.

Het hoge fietstempo van de coureurs heeft waarschijnlijk te maken met het streven zo veel mogelijk bestellingen te bezorgen, maar ook met de matige isolatielaag van de rugzak.

Hoe eerder bij de bestemming, hoe warmer de maaltijd - en hoe beter de beoordeling van de klant.

Als het buiten koud is, kan een maaltijd namelijk razendsnel afkoelen. Ik weet dit, want ik heb het ooit proefondervindelijk ontdekt toen ik een maaltje van McDonald's meenam op de fiets.

De papieren zak met fastfood had ik in een plastic zak gestopt en die in wéér een plastic zak, en die weer in mijn leren handtas.

Lauwe Big Mac
Het ritje naar huis duurde amper drie minuten, maar mijn isolatiemaatregelen mochten niet baten. Het was geen pretje, een lauwe Big Mac. Bij gebrek aan een magnetron - dat heb ik helemaal niet nodig, roep ik hautain als ik een maaltje au bain-marie opwarm - zat er niks anders op dan met deze koude McKermis genoegen te nemen.

Aangezien de hierboven beschreven bezorgdiensten directe concurrenten van elkaar zijn, valt het me eigenlijk mee dat ik nog geen kubus­gevechten op straat heb gezien. Ik bedoel, met zo'n ding op je rug kun je de concurrent gemakkelijk een flinke zwieper verkopen en tegen de grond werpen. Het slachtoffer heeft dan een dubbel probleem. Een pijnlijke val én een maaltijd die in een tossed salad is veranderd.

Het lijkt me een hondenbaan om door weer en wind door de stad te moeten fietsen en allerlei couchpotato's van eten te voorzien

Anderzijds is het ontbreken van zulke straatgevechten niet echt verrassend; hun werk­gevers hebben vast een keurige Code of Conduct opgesteld met instructies over gedrag in het verkeer.

Iets als: Do everything you possibly can to deliver your meal as fast as possible, including ignoring any traffic lights and other obstacles if needed. Just try not to cause too many incidents or spill a lot of blood, it makes such a mess.

Underground internationale subcultuur
Ik vind de fietscoureurs die ik tot nu toe aan de deur heb gehad overigens wel erg vriendelijk.

Het is telkens even aftasten in welke taal je de coureur in kwestie kunt bedanken en uitwuiven, want ze komen van heinde en verre. Het zou me niks verbazen als ze een underground internationale subcultuur vormen en 's avonds laat na hun laatste bezorging bij elkaar komen in een smoezelig kraakpand in de Spuistraat om een pilsje te drinken en een jointje te roken.

Aan de bar wisselen ze tips uit over kruip-door-sluip-doorroutes door de stad, om de gemiddelde bezorgtijd omlaag te brengen en een bonus te verdienen. In de kelder van het pand is vast een hindernisbaan aangelegd voor fietswedstrijdjes in diverse klassen: licht­gewicht (een rugzak van 5 kilo), middengewicht 10 kilo) en zwaargewicht (15 kilo).

Ach, hoe asociaal de coureurs ook zijn met hun fietspadbrede kubussen, hun kamikaze­gedrag in het verkeer en hun soms lauwwarme bezorgingen, het lijkt me een hondenbaan om door weer en wind door de stad te moeten fietsen en allerlei couchpotato's van eten te voorzien.

Een pilsje en een joint erbij hebben ze wat mij betreft dik verdiend.