Opinie Bewaar

'Egyptische generaals hadden niet in Amsterdam mogen zijn'

Een controlepost van het Egyptische leger in  het noorden van de Sinaï waar het een offensief voert tegen IS
Een controlepost van het Egyptische leger in het noorden van de Sinaï waar het een offensief voert tegen IS © EPA

Zondag kwamen Egyptische generaals hier vertellen over de successen van het regime. Dat had nooit mogen gebeuren, schrijven Rena Netjes en Jan Jaap de Ruiter.

Het zal veel Nederlanders zijn ontgaan dat zondag twee Egyptische generaals en een Egyptisch parlementslid een zaal in Amsterdam bezochten om daar te vertellen over de successen van het dictatoriale regime van president ­Abdelfettah Sisi.

De bijeenkomst was georganiseerd in verband met de Egyptische presidentsverkiezingen van eind maart.

Er waren vier sprekers aangekondigd van wie er drie verschenen. De eerste was Yahya al-Eisawi, politiegeneraal, hoofd van de veiligheidscommissie van het parlement en lid van de politieke coalitie Liefde voor Egypte.

Volgens Ahmed Samir, tv-presentator bij de buiten Egypte opererende oppositiezender Al-Mukammeleen, is dat een coalitie in het parlement die door de militaire inlichtingendienst is opgezet en waarvan alle leden onder curatele staan van diezelfde militaire inlichtingendienst.

Al-Eisawi legde uit hoe de economie door de 25 januarirevolutie van 2011, waardoor president Hosni Moebarak uiteindelijk het veld moest ruimen, had geleden, en hoe het nu op alle fronten beter is geregeld. Al-Eisawi legde uit hoe Egypte had blootgestaan aan de grootste terreurdreigingen ooit.

Hij vertelde verder dat de huidige antiterreuroperatie in de Sinaï, waarbij het Egyptische leger clusterbommen gebruikt, ook de laatste zal zijn omdat Ansar Beit al-Maqdis en IS op het schiereiland definitief verslagen zullen worden.

Generaal Shouqi Himaad legde in hetzelfde verband uit dat na een grote aanslag in november 2017 president Sisi had gepland om binnen drie maanden het terrorisme uit te roeien, en dat de coördinatie van de operatie in de Sinaï, waaraan de Egyptische marine, luchtmacht en landmacht meedoen, zeer goed is.

Verdwenen studenten
Parlementslid Iqlien Boutrous, een Kopt, had een lange lijst economische successen te melden, projecten die zijn gerealiseerd voor haar provincie Damietta. Ze vertelde blij te zijn in deze tijd parlementslid te zijn.

De vierde aangekondigde spreker, Osama al-Abd, hoofd van de Al-Azharuniversiteit, was er niet. Hij liet indertijd demonstrerende Al-Azhar­studenten keihard aanpakken, waarbij een aantal studenten is verdwenen. Waarom hij afwezig was, werd niet gemeld.

De bijeenkomst begon met twee uur vertraging. En dat werd aangegrepen door de organisatoren en betrokkenen om met ons als journalisten te komen praten. "Westerse media hebben een verkeerd beeld van de mensenrechtensituatie in Egypte," zo betoogden ze.

De rapporten van Human Rights Watch, Amnesty International en andere organisaties over verdwijningen en martelingen in Egypte zijn allemaal niet waar, aldus de organisatoren.

De jongeren die verdwijnen, zouden vooral mensen zijn die naar Syrië of Irak zijn gegaan. Dat zij later vaak opduiken op een Egyptisch politiestation was omdat die jongeren dan aan de tand werden gevoeld over waar ze waren geweest.

Verder werd ons verteld dat er hoe dan ook helemaal geen martelingen plaatsvinden in Egyptische gevangenissen en dat het Qatar is dat aan het hoofd van het islamitische terrorisme staat en dat trouwens de Amerikanen en het Westen de wapens leveren aan IS.

Hoe anders kan IS dan aan al die wapens komen?

Geen openlijke demonstratie
Dit laatste is trouwens ook het verhaal van de media in Egypte, waar geen onafhankelijke tv-zenders meer bestaan, en zoals The New York Times onlangs duidelijk aantoonde, tv-presentatoren instructies van de militaire inlichtingendienst krijgen wat ze moeten verdedigen.

Vooraf was gezegd dat er alle vrijheid was tot vragen stellen. Maar toen wij video-opnames van de sprekers maakten, werden we gesommeerd te stoppen.

Egyptische Amsterdammers, onder wie enkelen die zelf slachtoffer zijn van de Sisidictatuur, en anderen die kritiek hebben geuit op de massa-arrestaties, buitengerechtelijke executies en verdwijningen, hadden besloten niet openlijk tegen de bijeenkomst te demonstreren, om geen reactie uit te lokken en de rust te garanderen.

Als in Nederland een Turkse minister de toegang wordt ontzegd om reclame te maken voor een referendum dat president Recep Tayyip Erdogan grotere vrijheid geeft dan ooit, zou het ook zo moeten zijn dat deze bijeenkomst met generaals die in dienst staan van een moord­dadig regime, nooit had mogen plaats vinden.

Vandaar dit stuk.