Plus

'Zwarte en witte scholen, het lijkt wel apartheid'

Nederland is het enige land dat spreekt over zwarte en witte scholen. En dat is schadelijk, stelt UvA-wetenschapper Hülya Kosar-Altinyelken (45). Ze pleit voor een onderwijsbeleid dat segregatie op scholen tegengaat. 'Er is politiek lef voor nodig.'

Hülya Kosar-Altinyelken: 'Het onderwijs heeft een belangrijke taak om vervreemding tegen te gaan' Beeld Charlotte Odijk

Wat is wit? Wat is zwart? "Ben ik zwart?" vraagt Hülya ­Kosar-Altinyelken, universitair docent onderwijs en ­pedagogiek aan de UvA. "En wie is wit? Dit papier is wit, mensen zijn niet wit."

Toch wordt er in Nederland gesproken over een zwarte school als meer dan de helft van de kinderen een Turkse, Marokkaanse, Surinaamse of Antilliaanse achtergrond heeft, en over een witte school als er vooral 'etnische Nederlanders' (de term die Kosar-Altinyelken structureel gebruikt als ze het over Nederlanders met ­Nederlandse voorouders heeft) op zitten.

Kosar-Altinyelken, opgegroeid in Turkije en sinds ­zeventien jaar werkzaam in Nederland, deed uitgebreid onderzoek naar de termen 'zwart' en 'wit' in relatie tot scholen. Termen die diep in het Nederlandse begrippenapparaat zijn verankerd en die nogal een heftige connotatie hebben.

"Zwart is van oudsher inferieur, slecht, negatief. Wit staat voor onschuld, waarheid en het goede. Waarom plakken we die termen op scholen, waarom praten we over mensen, of kinderen, in de termen zwart en wit?" Kosar-Altinyelken wil segregatie stevig op de kaart zetten en heeft daarin een bijna activistische agenda.

Volgens uw onderzoek bestaan er alleen in Nederland zwarte en witte scholen. Hoe zit dat dan in andere ­landen?
"Ik heb wetenschappers in onder meer Spanje, Frankrijk, Duitsland, Denemarken, Groot-Brittannië en de VS ­gevraagd naar hoe het bij hen zit met het labelen van scholen. Ik vertelde dat we in Nederland scholen zwart noemen wanneer meer dan de helft van de kinderen van niet-westerse komaf is, en wit als meer dan vijftig procent etnische Nederlander is. Mijn collega's reageerden geschokt. Zelfs in de VS, waar bijna vijftien procent van de bevolking Afro-Amerikaans is, worden scholen nooit 'zwart' genoemd.

Waarom zou je in vredesnaam op basis van etniciteit labels geven aan een school? In Spanje noemen ze scholen wel 'divers' of 'gemengd'. In België zeggen ze 'concentratiescholen', wat ook geen goed woord is. Op Malta heten ze 'regenboogscholen'. Maar de manier waarop er in Nederland over zwart en wit wordt gesproken, doet soms denken aan de Zuid-Afrikaanse apartheid."

Dat klinkt nogal heftig. Meent u dat?
"Op een symbolische manier wel degelijk. Het gekke is dat we die termen gebruiken om te beschrijven wie er naar deze scholen gaan, en niet wat de kwaliteit ervan is. Uiteraard zijn er stigma's aan de labels verbonden: zwarte scholen zouden slechter zijn, minder resultaten boeken, scholieren zouden meer problemen hebben, en het lerarenverloop is hoog. Maar als je puur kijkt naar de cijfers, wordt dat helemaal niet onderschreven."

Maar in andere landen worden toch ook termen als ­'gemengd' en 'regenboog' gebruikt?
"Als het relevant is, mag je best benoemen dat er op een school veel kinderen zitten met een taalachterstand. Maar wees specifiek. Praat je over segregatie: benoem scholen met een hoge segregatie of een lage."

Door een school 'sterk gesegregeerd' te noemen, zeg je toch hetzelfde met andere woorden?
"Nee, het is niet hetzelfde. Als je het over zwart hebt met ­betrekking tot scholen, dan gaat het over kinderen met een achtergrond in Marokko, Syrië, Iran, Suriname, ­Latijns-Amerika, Afrika. Iedereen krijgt maar één label: zwart. Dat wordt als heel beledigend ervaren door de mensen die eronder vallen."

Dus het is letterlijk de term zwart die problematisch is.
"Labelen is altijd stigmatiserend, maar het label zwart is nog erger. Door dit soort groepen zwart te noemen, zeg je eigenlijk: jullie horen er niet bij. We bedoelen met dit ­predicaat: je bent niet écht Nederlands. Belgen, Duitsers en Britten krijgen het label niet, terwijl ze ook niet etnisch Nederlands zijn. Hetzelfde geldt voor mensen die uit ­Japan of ­Indonesië komen, en dus niet-westers zijn."

"We vinden blijkbaar dat culturen die onder zwart vallen, iets problematisch met zich meedragen. Ik sprak voor mijn onderzoek met mensen van Afrikaanse komaf en sommigen zien zwart zijn als een krachtige groepsidentiteit, die staat voor hun Afrikaanse wortels. Maar als de term zwart ook op Turken, Irakezen en Iraniërs betrekking heeft, dan gaat het niet over Afrikaans zijn, maar kennelijk over iets anders. Over niet-westers zijn en over iets inferieurs."

Toch moet er af en toe onderscheid gemaakt worden tussen scholen.
"Waarom noem je ze dan geen 'minderheidsscholen'? Het woord neger is ondanks jarenlang gebruik toch ook afgeschaft? De woorden allochtoon en autochtoon worden geschrapt. Juist in een tijd waarin populisme steeds meer voet aan de grond krijgt en de maatschappij polariseert, zou je voorzichtig moeten omgaan met dit soort termen. Labels vormen een symbolische scheiding. Voorzichtig zijn met labels lost natuurlijk niet alles op. Je kunt je ook afvragen waarom er zo'n sterke segregatie is op scholen in Nederland. Het is hier meer gesegregeerd dan in de VS."

Meer dan in de VS. Klopt dat wel?
"Niet in termen van het aantal scholen dat gesegregeerd is, maar wel in termen van het aantal kinderen met een migrantenachtergrond dat op een gesegregeerde school zit. In Nederland gaat zeventig tot tachtig procent van de kinderen met een migrantenachtergrond naar een school met meer dan vijftig procent 'minderheidskinderen'. Dat is heel veel."

Segregatie is een prangender probleem dan de namen die we scholen geven, toch?
"Dat klopt. Maar de ene helft van het land vindt dat helemaal geen probleem. En de andere helft vindt het wel een probleem, maar acht het onmogelijk om op te lossen. De ontkenners zijn of niet goed op de hoogte van de effecten of hebben een andere agenda. Misschien willen ze niet dat de groepen mengen."

"De tweede groep is een beetje ­hopeloos. Die erkent dat het een probleem is, maar gooit de handen in de lucht en zegt: het kan niet worden opgelost, en wijzen dan naar de vrijheid van schoolkeuze."

Denkt u dat schoolsegregatie is op te lossen?
"Ja, maar daar is politiek lef voor nodig. Het vereist een inperking van de vrijheid van schoolkeuze. De vrijheid van schoolkeuze is maar relatief en geldt niet voor iedereen; ik hoor verhalen van ouders die zeggen dat ze worden ontmoedigd om naar een school met veel etnische Nederlanders te gaan. Ook als je kijkt naar het Amsterdamse stedelijk toelatingsbeleid en de matching op ­middelbare scholen, blijkt dat vrijheid van schoolkeuze is ingeperkt. Waarom doen we dan niet ook iets tegen segregatie?"

Wat stelt u voor?
"Een quotum, bijvoorbeeld. In Italië hanteren openbare scholen een 30-70-quotum, waarbij dertig procent van de kinderen uit minderheidsgroepen komt. Daarbij moet je aantekenen dat in grote steden als Amsterdam minder­heden inmiddels een meerderheid vormen onder kinderen."

'Belgen, Duitsers en Britten krijgen het label niet, terwijl ze ook niet etnisch Nederlands zijn' Beeld Charlotte Odijk

"In sommige buurten zou je de verdeling niet eens kunnen halen. Toch moeten we het wél proberen. Nijmegen heeft een centraal toelatingsbeleid waarbij ook wordt gekeken naar de verhouding 30-70 procent kansarme en kansrijke kinderen."

In het verleden bleek dat quota ouders in bochten doet wringen om hun kind op een bepaalde school te krijgen. 'Mijn achteroom is Portugees,' zeiden ouders om alsnog in aanmerking te komen voor de 'kansarme' 30 ­procent.
"Ook hierbij geldt: dat betekent niet dat je het niet moet proberen. Segregatie op basis van sociaal economische afkomst zal wel nog blijven bestaan, maar je moet ergens beginnen."

Wat als je je kind naar een Montessorischool wilt sturen en het quotum is al bereikt?
"Dan moet die school uitbreiden, of er moet nog zo'n school komen. Verder fietsen kan ook, zo groot is Amsterdam niet. Het punt is dat mensen zich meer en meer vervreemd voelen van elkaar en het onderwijs heeft een ­belangrijke taak om dat tegen te gaan. Gescheiden opgroeien versterkt stigma's, vooroordelen en angst, blijkt uit onderzoeken. Discriminatie wordt alleen maar aangewakkerd als je elkaar niet kent."

Waar gaan uw eigen kinderen naartoe?
"Ze zitten op een gemengde openbare basisschool in ­Amstelveen. Ik vroeg eens aan mijn dochter of ze niet ­liever naar de nabijgelegen school met alleen etnisch ­Nederlandse kinderen wilde. 'Nee,' zei ze. 'Hier leer ik over islam, jodendom en andere culturen. Daar zijn alle kinderen hetzelfde. Dat is toch saai!'"

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden