Zodra het koffietentje er is, komen de yuppen

Trendy koffietentjes tieren welig in de stad. In bijna elk vrijkomend hoekpand vestigt zich er wel één. Hoe kan dat? Zijn Amsterdammers meer van koffie gaan houden, of is er iets anders aan de hand?

De Coffee Company op het Javaplein. De gemeente was dolblij toen de zaak zich er vestigde.Beeld Joris van Gennip

Jan Rath, hoogleraar stadssociologie aan de UvA, ziet de opkomst van de hippe koffietent als één van de graadmeters van sociale veranderingen die zich in de stad voltrekken. Het fenomeen is volgens hem vooral een teken dat veel Amsterdamse buurten 'in de lift' zitten.

De Indische Buurt, Noord, De Baarsjes, het zijn allemaal wijken waar sociale huurwoningen worden gerenoveerd en verkocht. Grote gezinnen maken plaats voor de yup en de Turkse slager maakt plaats voor de hippe koffieboetiek.

De koffietent is echter niet alleen een symptoom van veryupping, het is ook een motor in dat proces, meent Rath: 'Jonge stellen oriënteren zich fietsend door de stad op een plek om zich te vestigen. Een cappuccinotent is dan een onmiskenbaar signaal van een veelbelovende buurt. Dat weten ze bij de stadsdeelraad ook, Zeeburg heeft de Coffee Company gesmeekt zich op het Javaplein te vestigen.'

Doorgaans wordt de upgrade van een buurt met hosanna ontvangen. En de wijken scoren ook beter: minder werkloosheid, hoger opleidingsniveau, hoger inkomen. Toch is dat niet het complete plaatje.

Paradepaardjes
Rath herinnert zich een rondleiding vanuit het stadsdeelkantoor door de Indische Buurt. Ze bezochten een hip koffiehuis, kledingwinkel Div Herenkabinet en aten 's avonds bij Wilde Zwijnen op het Javaplein. 'Dat zijn de paradepaardjes die de gemeente wil tonen. Ambtenaren van het stadsdeel bepalen hoe de buurt ontwikkelt en dat zijn allemaal 'ons soort mensen'. De meesten hebben we zelf opgeleid aan de UvA. En wij herkennen ons in de nieuwe winkels en vinden de verandering dus een verbetering. Ik ben zelf ook een yup en betaal liever 2,80 euro voor een goede cappuccino dan 1,50 euro voor een bakkie pleur. Maar de vraag is: zijn Jan met de Pet en Ali met de Muts ook blij met de verandering?'

Die vraag wordt niet vaak genoeg gesteld op het stadhuis, vindt Rath. 'De stad is van iedereen, hoogopgeleide tweeverdieners zijn niet de maat der dingen en feit is dat er met meer cappuccinotenten minder ruimte overblijft voor Turkse theehuizen of bruine cafés.'

Dat wordt makkelijk over het hoofd gezien, omdat de verliezers van die stedelijke ontwikkeling, de grote gezinnen die in de Indische Buurt geen sociale huurwoning meer kunnen krijgen, uit beeld verdwijnen. 'Ik weet niet waar die gaan wonen. Diep in Nieuw-West of in Almere, vermoed ik.'
Daarom vertolkt Rath hun stem.

Verliezers
'Ik weet ook niet precies hoe het wel moet en het is makkelijk commentaar leveren vanaf de zijlijn, maar ik vind het toch belangrijk om kritisch te zijn, juist omdat de verliezers buiten beeld blijven.'

Rath wil de stedelijke ontwikkeling verder in kaart brengen. Niet alleen aan de hand van koffietenten, maar ook via barbershops en hotellobby's: knooppunten van stadse ontwikkeling noemt Rath ze. 'Die plekken ­bieden een lens op de verandering van een maakindustrie, waar werk gebonden is aan kantoor of fabriek, naar creatief-cognitief werk, waarbij de grens tussen werk en privé vervaagt.'

En dat proces voltrekt zich razendsnel, terwijl wetenschap meer van de lange adem is. 'Ik wil er een boek over schrijven, maar ben bang dat dat wel vijf jaar in beslag neemt. Toch praat ik er nu al over. Wij sociologen hebben waardevolle kennis voor de stad en moeten die zo veel mogelijk delen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden