Zo sterk verdeelt Europa de partijen niet

De stembussen voor de Europese Verkiezingen die donderdag in Nederland plaatsvinden worden maandag in een loods in Rotterdam klaargemaakt voor transport. Foto ANP/Robert Vos Beeld
De stembussen voor de Europese Verkiezingen die donderdag in Nederland plaatsvinden worden maandag in een loods in Rotterdam klaargemaakt voor transport. Foto ANP/Robert Vos

BRUSSEL- Het is goed zoeken naar de verschillen tussen de programma's van de Nederlandse partijen die meedoen aan de verkiezingen voor het Europees Parlement. De PVV is een buitenbeentje, maar zelfs die ziet het voordeel in van Europese samenwerking.

Europa betaalt zich uit. Tweeduizend euro, handje contantje. Dat moet de argeloze kiezer denken die dezer dagen een CDA-campagneteam tegen het lijf loopt en een 'eurocheque' in de handen gedrukt krijgt.

Natuurlijk gaat het niet om echt geld. Die eurocheque à tweeduizend euro staat voor het bedrag dat elke Nederlander jaarlijks volgens berekeningen van het Centraal Planbureau wijzer wordt van de grenzeloze Europese interne markt. Een leuk bedrag, voor Jan Modaal toch een dertiende maand, en dat allemaal dankzij Europa.

Een 'dertiende maand', dat klinkt goed. Nog meer campagnetaal van het CDA? Nee, dit keer is het de PvdA die tot u spreekt. Maar ook weer niet heel origineel. De ChristenUnie en de SGP maken net zo'n sommetje, met als uitkomst dat we voor elke belastingcent die naar de Europese Unie gaat er zes terugkrijgen, ook weer via de interne markt.

Het is precies dezelfde eenvormigheid die je aantreft in de programma's waarin de politieke partijen hebben opgeschreven waar het naartoe moet met de Europese Unie. De grote partijen - met uitzondering van de SP - pleiten met de wereldwijde economische crisis in het achterhoofd stuk voor stuk voor meer Europees toezicht op financiële instellingen. Allemaal zijn ze tegen het reizende 'vergadercircus' dat het Europees Parlement eens in de vier weken naar het Franse Straatsburg voert.

We moeten ook kritisch zijn op wat we afdragen aan 'Brussel'. De meeste partijen zijn voor een gemeenschappelijk Europees asielbeleid met strenge buitengrenzen. Turkije is nog lang niet klaar voor toetreding tot de Europese Unie, vinden vrijwel alle partijen. Alleen over de hoogte van het struikelblok voor de Turken zijn ze het niet eens.

Valt er dan helemaal niets te kiezen morgen? Natuurlijk leggen alle partijen hun eigen accenten. GroenLinks benadrukt de mogelijkheden van klimaatbeleid op Europese schaal. D66, PvdA en ChristenUnie/SGP ook, maar net even wat minder vurig. D66 waakt als het gaat om privacy, de Christen Unie/SGP waarschuwt tegen bureaucratie en fraude.

De SP staat pal voor de publieke sector, ziet die bedreigd door vanuit Europa beleden geloof in de vrije markt en is daarom tegen verdere eenwording. Europa kan voor half geld, zegt de VVD, door te snijden in landbouwsubsidies en structuurgelden. Behalve D66 is het CDA misschien wel het meest overtuigd van het belang van Europese integratie, met name ook op het gebied van politie en justitie. Stemwijzers op internet zoals die van Eénvandaag of het Kieskompas van Trouw en de Vrije Universiteit zijn goed bruikbaar om aan de hand van dit soort accenten een keuze te maken.

Maar wat de partijprogramma's concreet betekenen voor het dagelijks leven en de huishoudportemonnee blijft raadselachtig. Uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam bleek al dat partijen er slecht in slagen om hun ideeën voor Europa over te brengen aan de kiezer. Slechts één op de vijf Nederlanders merkt in de campagne conflicten op tussen partijen.

Gelukkig is er dan altijd nog de PVV van Geert Wilders. Die zorgt tenminste voor een onderscheidend geluid. In het assenkruis waarmee Kieskompas het politieke landschap voor deze verkiezingen schetst, heeft de PVV het rijk alleen in het kwadrant 'rechts en eurosceptisch'. De meeste partijen drommen samen aan de positieve kant van de as, waaraan het enthousiasme voor Europese eenwording wordt afgemeten. Verschillen doen ze onderling vooral op de as die de aloude links-rechtstegenstelling uitdrukt.

Maar zelfs PVV-lijsttrekker Barry Madlener prijst zich, nu het eenmaal zo ver is, gelukkig met de economische en monetaire samenwerking in Europa. Alleen had het daarbij moeten blijven, zonder Brusselse milieumaatregelen voor een in zijn ogen niet-bestaand klimaatprobleem en zonder nieuwe toetreders als Bulgarije en Roemenië met hun 'skimmers' die onze pinpassen komen leegtrekken. Maar die tweeduizend euro per jaar zijn heel welkom.

Het roept de vraag op of de verkiezingen van morgen eigenlijk wel gaan over verdere Europese integratie, ja of nee. Zijn het wel de nieuwe Europarlementariërs die bepalen of ze straks een superstaat, de Verenigde Staten van Europa, besturen? Is dat niet wat veel gevraagd voor de 25 Nederlanders in het 736 leden tellende Europees parlement?

Wordt die vraag niet in de eerste plaats beantwoord in de Tweede Kamer, en in de 26 andere lidstaten? Moeten die niet eerst afstand doen van hun bevoegdheden voordat een Europese superstaat ook maar kan ontstaan? Voor de vraag of 'Brussel' zich meer met ons mag bemoeien, zijn de volgende Tweede Kamerverkiezingen misschien wel veel belangrijker. (BART VAN ZOELEN)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden