Column

Zij deed met de dood waar anderen soms aan denken

Roos Schlikker
Roos Schlikker Beeld Floris Lok
Roos SchlikkerBeeld Floris Lok

Deze week werd ik lid van de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde. Het kwam er eerder niet van. Ik heb de neiging mijn dagen zo vol leven te proppen dat voor een potje filosoferen over de dood weinig ruimte is. December is echter contemplatiemaand en zo vulde ik in een vlaag van daadkracht het formuliertje in.

Want de euthanasiewet is een mooi ding, maar er zijn onnoemelijk veel formele mitsen en maren als je het hoekje om wil. Zolang medici het leven van lijdende kinderen niet durven te beëindigen vanwege hun wilsonbekwaamheid en ouderen creperen omdat een huisarts niet zeker is van zijn zaak of een godsgeloof paart aan een fanatiek gij-zult-de-rit-uitzitten-standpunt, kan de NVVE steun gebruiken. Ik vind dat de dood aan onszelf is, denk ik er ferm bij.

Een dag later lees ik dat het aantal zelfdodingen voor het zesde jaar op rij is gestegen. Ik schrik. Daar ga ik met mijn mooie ideeën over zelfbeschikkingsrecht. Ik weet hoe het voelt om bij de crisisdienst een arts aan jouw zo geliefde familielid te horen vragen of ze weleens aan de dood denkt. En dat ze dan 'ja' zegt, terwijl jouw binnenste 'neeeeeee' schreeuwt.

Is de dood aan onszelf? Vast. Als het lijden uitzichtloos is. Maar wanneer is het dat? Ben ik niet gewoon hypocriet, omdat ik zelf de pijn van verlies niet kan dragen?

Ietwat verward blader ik verder door de krant. Bij de overlijdensadvertenties haakt mijn oog aan een heel rijtje met dezelfde naam. Jet te Winkel staat er. En de woorden 'volkomen onverwacht'. Het voelt voyeuristisch en raar, toch surf ik naar haar in-memoriampagina op Facebook. Tientallen foto's zijn er geplaatst van een jonge vrouw met een stralend gezicht en een krachtig, zwierig lijf. Afrikaans dansend, haar koppie geheven naar de zon, het breedlachende middelpunt in allerlei vriendinnenclubjes, knuffelend met kinderen op schoot.

Op 28 november vond iemand haar fiets bij de Rijn, op loopafstand van haar huis. Zes dagen later werd haar lichaam aangetroffen op een diepte van zo'n drieënhalve meter, vlak bij de plek waar ze waarschijnlijk de rivier in is gegaan.

Zij deed waar anderen soms aan denken. Ik ben zo blij dat in mijn omgeving de levenslust lijkt te winnen. Tegelijkertijd schroeft mijn keel dicht om een vrouw die ik niet heb gekend. Die de donkerte in haar hoofd is ontvlucht door duister water in te glijden. En ik, lid van de Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde, kan maar één ding denken. Neeeee.

r.schlikker@parool.nl

Wilt u reageren op deze column? Dat kan! Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden