Zelfs een kalasjnikov kan je verzoenen met het leven

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column uit Het Parool.

Theodor Holman Beeld Wolff
Theodor HolmanBeeld Wolff

Ha lieve Bloem. Opa Theodor hier. Ik schrijf dit terwijl ik op je pas. Je broertje is naar school, je moeder is naar haar werk, je vader ook en hond Moor en ik kijken af en toe in je wieg en luisteren dan naar je ademhaling.

Als vrede, veiligheid, tederheid, breekbaarheid en liefde een symbool moeten hebben, dan kies ik voor de slapende zuigeling. Soms beweegt je mondje - op zoek naar een tiet denk ik. Maar ik verkies te zien dat je lippen zoeken naar de mooiste poëtische woorden die we nog niet mogen horen.

Tegenwoordig schrijven schrijvers brieven aan hun dochters, en ik dacht: zal ik eens een brief aan jou schrijven, met daarin mijn visie op en over de toekomst?

Nee, dat moet je vader of moeder dus maar doen.

Wanneer ik jou een brief zou willen schrijven, dan zou ik het juist niet over de toekomst willen hebben, en zeker niet over het heden.

De woorden die dan van mijn lippen rollen, zijn vrees ik niet poëtisch, maar van een koud metaal, met kruit van binnen en met het effect van een dumdumkogel.

Woorden die je angst aanjagen en dat is het laatste, het allerlaatste wat ik wil.

Als ik jou zou schrijven, lieve Bloem, dan vind ik dat het zou moeten gaan over waar je schoonheid kunt vinden. Ikzelf heb daar te laat naar gezocht.
Weet je, gek genoeg kun je in alles wat niet praat schoonheid vinden. Zodra de natuur iets laat spreken, gaat het mis. Maar een hond die je boven zijn voederbak aankijkt, een spinnende poes die 's ochtends op je borst klimt, een boterbloem die tussen de stoeptegels groeit en zelfs een kalasjnikov - in feite een insect van ijzer zonder hart - kunnen je verzoenen met het leven door hun esthetiek.

Als het maar niet praat. (Onze mond zit niet op de juiste plaats, Bloem, hij zou in onze nek moeten zitten.)

O, ik hoor een huiltje. Een klein kreetje. Ik moet weer even in de wieg kijken. Als je blijft huilen, moet ik een speentje in je mond doen. Maar je slaapt door.

Ik staar uit het raam. Aan de overkant staat een boom met takken als armen, en de wind lijkt ze op te dragen jou te beschermen.

t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden