Column

Ze verstopt haar hart onder de gevallen bladeren

James WorthyBeeld Agata Nowicka

Ze spreekt normaal nooit af met jongens van dating­sites, maar zijn profielfoto intrigeert haar ontiegelijk. Deze jongen doet zijn best niet. Hij doet zich niet cooler voor dan hij is. Hij imponeert door niet te imponeren op een plek waar geïmponeerd dient te worden.

Zijn sjaal, zijn haar, zijn verrukkelijke alledaagsheid. Zoals hij op zijn profielfoto in de camera kijkt; het raakt haar. Hij heeft de ogen van iemand die geen vlieg kwaad doet, maar wel al sinds zijn achtste vliegenmeppers spaart. Ze moet lachen als ze leest wat zijn enige hobby is.

Hobby's: de herfst

Het derde der vier jaargetijden is zijn lievelingsbezigheid, denkt ze. Ze tikt 'Heb je vanavond wat te doen?' in het chatvenster. Hij leest haar bericht en kijkt naar haar profielfoto. Ze staat op het strand. Haar haar staat naar rechts. Het waait. Op haar schoenen zit wat nat zand. Hij begrijpt het natte zand. Ook hij zou weleens voor een dagje aan haar schoenen willen plakken.

'Heb je nu wat te doen?' tikt hij. Dan legt hij zijn telefoon met de buik naar beneden op het aanrecht. Hij wil niet lezen dat ze nu iets anders te doen heeft. Iedereen heeft nu iets anders te doen. Zelfs als ze nu niets anders te doen heeft, zegt ze dat ze nu iets anders te doen heeft. Niemand wil afspreken met mensen die nu niets te doen hebben.

'Ik heb niets te doen. Waar zullen we afspreken?' chat ze terug. Dan verstopt ze haar telefoon onder twee grijze bankkussens. Ze wil niet lezen dat hij het niet aandurft. Dat hij toch iets anders te doen heeft. Ze kan het al in zijn agenda zien staan: '13.28 uur: terugkrabbelen'.

'Over een uurtje aan het begin van de Bosbaan?' schrijft hij.
'Ga je me de herfst laten zien?'

'Nee, ik ga jou aan de herfst laten zien', schrijft hij. Als hij deze zin terugleest, komt er een soeplepel kots naar boven.

Ze lopen door het bos. Ze wandelen door zijn hobby. De herfst draagt haar allermooiste broekpak.

"Mag ik je iets vragen?" vraagt hij. Ze knikt enthousiast en wacht met opengesperde ogen op zijn vraag.

"Ben jij zo iemand die boos wordt als ik je een keer niet aankijk tijdens het proosten? Ga je dan dramatisch doen en zeggen dat ik je nooit aankijk? Ik hoop het niet, want dat haat ik."

"Dat haat ik ook. Proostnazi's noem ik ze. KIJK ME AAN! JE KIJKT ME NIET AAN! NEE, NIET ZO! KIJK ME ECHT AAN!" schreeuwt ze door het bos.

"Heb jij nog iets wat je haat?" vraagt hij.

"Ik haat het als stelletjes die elkaar van het internet kennen, doen alsof ze elkaar niet van het internet kennen. Dat ze een heel verhaal verzinnen over een kroeg of een museum. Jij en ik, vriend, wij kennen elkaar van een datingsite."

De jongen heeft bolletjes gesmeerd. Vanaf een bankje kijken ze naar de herfst.

"Wat vind je zo mooi aan de herfst?" vraagt ze.

"Dat ze elk jaar terugkomt. De wind en de regen. De mensen bij de bushalte. Het gemopper. En de paraplu's die altijd stukgaan."

"Je bent leuk," zegt ze.

Ze verstopt haar hart onder de gevallen bladeren en hoopt dat hij gaat zoeken. Dat deze herfst voor altijd zal duren. De jongen gaat door zijn knieën en begint in de bladeren te zoeken. De toekomst is kastanjekleurig.

De in Amsterdam geboren en getogen schrijver James Worthy (1980) probeert in zijn columns iets van het leven te begrijpen. Lees al zijn columns hier terug.

Reageren? james@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden