Plus Column

Ze doneerde de foute kant van het verhaal

Roos Schlikker Beeld Oof Verschuren

"Hou je mond over wat je weet. Je mag niets zeggen!"

Jan Slomp was een jongetje nog toen hem dit werd toegesist. Zwijg over wat je ziet. Val niet op. Wees gewoon. Eigenlijk was Jan ook heel gewoon. Hij bouwde hutten met zijn vriend Graads. Ze stookten fikkie. Ze speelden soldaatje met een nepgeweer.

Maar op een dag zat er een Amerikaanse piloot verstopt onder de preekstoel van Jans vader. Niemand mocht het weten. Dus Jan zweeg. Hij vertelde niet over radio-uitzendingen die zijn familie stiekem luisterde bij de buurman die het apparaat onder de vloer had verstopt.

Hij vertelde niet over Maarten, een kennis, die in een onderduikershol in het bos sliep. Hij vertelde niet over zijn papa die verdween, vluchtend voor de Duitsers. Hou je gedeisd, Jan. Zeg niets. Pas na de oorlog begon Jan te praten over zijn vader, de bekende verzetsheld Frits Slomp. En dat is Jan blijven doen, tot op de dag van vandaag.

"Hou je mond over wat je weet. Je mag niets zeggen!" Adry Vroegop heeft dit eveneens gehoord. Adry's moeder Nelly was als meisje leidster bij de Jeugdstorm. Haar vader werd door de NSB benoemd tot burgemeester.

Op straat verkocht hij Volk en Vaderland. Soms zongen de mensen sarrend een liedje: 'Op de hoek van de straat staat een Pierewaaier, t is geen mens, t is geen beest, maar een landverraaier.'

Maar Nelly haalde haar schouders op. Ze was trots, haar papa en zij hadden zelfs Mussert ontmoet. Pas na de oorlog, moeder kaalgeschoren en vader in het gevang, trad bij Nelly het zwijgen in. En daardoor later ook bij haar dochter Adry.

Ik spreek Adry en Jan in het Verzetsmuseum. We vieren dat er een tentoonstellingsbus door Amsterdam rijdt waar kinderen uit alle stadsdelen kunnen leren over de oorlog. Dat de geschiedenis van Jan erin zou komen, dat was geen verrassing. Maar het heeft de organisatie ongelofelijk veel moeite gekost een NSB-gezin te vinden dat zou meewerken.

"Hou je mond over wat je weet. Je mag niets zeggen!" Adry kende de geschiedenis van haar moeder, maar er werd weinig over gesproken. Af en toe sijpelde oud gedachtegoed door in de dingen die Nelly tegen Adry zei. Iets over zuiverheid van ras. Het maakte Adry woest en beschaamd. Uiteindelijk stelde ze een daad. Ze overtuigde haar moeder haar mond open te doen.

Toen Adry voor het eerst in het museum kwam, durfde ze amper rechtop te lopen. "Ik hoor hier niet, ik ben van de verkeerde kant, bleef ik maar denken." Toch liep ze door. Langs vitrines met Jodensterren, verzetskranten, foto's uit kampen.

Ze liep door en doneerde de andere kant van het verhaal. De foute kant. Niet iedereen in de familie waardeerde dat. Het opgelegde zwijgen zomaar doorbroken. Het was Adry's daad van verzet.

Nu staan ze daar. Jan en Adry. Ze hebben een eigen geschiedenis, die totaal onvergelijkbaar is. Maar beiden hoeven niet te zwijgen. Ze drinken een glaasje. In Adry's schouders meen ik bevrijding te zien.

Roos Schlikker (1975) is journalist en schrijfster van boeken en toneelstukken. Elke zaterdag schrijft ze een column voor Het Parool.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden