Yad Vashem voor vijf gemeenteambtenaren

Vijf gemeenteambtenaren van het Bevolkingsregister zijn maandagmiddag postuum geëerd met de Yad Vashem-onderscheiding. Ze vormden een verzetsgroep die in de oorlog honderden Joden aan een paspoort zonder J hielpen.

Nabestaanden ontvangen de onderscheiding Beeld Het Parool

Fien Bohnenn (87) is trots op haar vader Herman Alers, een van de vijf onderscheiden ambtenaren van het Bevolkingsregister. Ze weet waarom hij verzet pleegde: hij kon niet tegen onrechtvaardigheid.

Alers (1896), vader van vier kinderen, kwam na zijn werk altijd verdrietig thuis. "Hij liep door de Jodenbuurt en kon de razzia's niet meer aanzien. Hij moest iets doen. Vaak zat hij thuis achter zijn bureau te schrijven. Er lagen paspoorten op tafel met een J erin. Ik zie die dikke letter nog voor me," vertelt zijn dochter Fien.

"In de avond kwamen er twee mannen uit het verzet bij ons thuis op de Looiersgracht en mijn vader gaf de papieren dan af. Als kind begreep ik dat hij ergens mee bezig was wat niemand iets aanging."

Alers was als ambtenaar van de afdeling Burgerlijke Stand, Bevolkingsregister en Verkiezingen verantwoordelijk voor de juiste registratie van namen, beroepen en religie van de inwoners van de stad. Hij vormde samen met onder anderen de vier andere onderscheiden collega's en hun adjunct-directeur Piet Landweer (1900), die in 2008 al de eervolle onderscheiding kreeg, een verzetsgroep. Deze groep zag kans honderden Joden te redden door ze identiteitsbewijzen zonder J en stamkaarten voor distributiebonnen te verschaffen.

Persoonsbewijs
Het levensgevaarlijke karwei vergde nogal wat moed, temeer daar ze hun werk deden te midden van 'verkeerden' die 'gedienstig aan de vijand' waren, onder wie NSB-leden en uitgesproken Duitsgezinden, schrijft J. Veldkamp in het boekje 'Het Amsterdamse Bevolkingsregister in oorlogstijd'. Landweer adviseerde bijvoorbeeld de Joodse Marga Grünberg bij de politie aangifte te doen van vermissing van haar persoonsbewijs. Ze kreeg van de dienst een nieuw persoonsbewijs, dit maal zonder J. Piet Landweer zat hoogstpersoonlijk achter het loket.

Herman Alers Beeld Het Parool

Op 27 maart 1943 pleegde het verzet een aanslag op het bevolkingsregister. De brandweer maakte geen haast bij het blussen van de daaropvolgende brand, maar toch ging slechts vijftien procent van alle systeemkaarten verloren. De zwaar beschadigde stamkaarten van Joden werden door de verzetsgroep veelal vervalst herschreven, vaak met gegevens van overledenen.

Op 17 juli 1944 deed de Sicherheitsdienst, vermoedelijk door verraad van collega's, een inval op het kantoor waar Alers met de vier andere geëerde collega's werkte: André de Kok (1896), Boudewijn Leenheer (1920), André Balvers (1892) en Teunis van de Bunt (1913). De mannen werden gearresteerd en naar Kamp Vught gebracht. Ze werden op 4 augustus 1944 gefusilleerd, zonder enige vorm van proces.

De nazaten van Van de Bunt zijn niet bekend, zodat de onderscheiding niet kon worden uitgereikt. De vijf namen worden in de eremuur van Yad Vashem in Jeruzalem gebeiteld.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden