Plus

Wordt dit het Wilhelmus van deze tijd?

Het nieuwe kabinet is nog niet geïnstalleerd of het Wilhelmus schalt al door de straten. Op initiatief van opinieblad Argus werd dinsdagavond uit inzendingen van lezers een nieuwe tekst voor het volkslied gekozen. Zingend natuurlijk.

Kapelmeester Geert van Tijn dirigeert in de Buiksloterkerk Het Amsterdams Promenadekoor tijdens het zingen van de nieuwe teksten op de melodie van het Wilhelmus Beeld Mats van Soolingen

Als we van het kabinet dan toch de dag moeten beginnen met het Wilhelmus, zo was de gedachte achter de oproep, dan wel graag een versie met een tekst die past bij het Nederland van nu.

Zelfs de mensen die alle vijftien coupletten van het volkslied kennen, hebben doorgaans geen benul van wat zij aan het zingen zijn.

"Je reinste propaganda voor het koningshuis," merkte historicus Thomas von der Dunk op tijdens een inleidend gesprek met socioloog Herman Vuijsje. "Er wordt door de voorstanders graag de suggestie gewekt dat we het al eeuwen met z'n allen zingen, maar het is pas ons volkslied sinds 1932. Het past in de traditie van de Oranjeverheerlijking."

Von der Dunk vindt zowel een overdreven bewondering voor de vorst als nationalisme symptomen van een gebrek aan gezond verstand, dus wat hem betreft mag het volkslied worden afgeschaft.

Vuijsje waardeert het Wilhelmus juist als historisch document en sprak zijn afkeuring uit over de poging het lied van een moderne tekst te voorzien.

Oproep tot opstandigheid
Vuijsje vindt wel dat we de verkeerde coupletten zingen. Hij houdt van de bevlogen delen van de tekst, zoals het laatste couplet waarin de prins van Oranje gerechtigheid verkiest boven trouw aan de koning.

Een oproep tot opstandigheid, concludeert Vuijsje. "Bijna SP-achtig pleit hij voor de verzorgingsstaat. Daar kan Rutte een puntje aan zuigen."

Tussen de bedrijven door werd uit volle borst gezongen. Vaderlandse liederen over ferme jongens en stoere knapen, over een blauw geruite kiel en over de blanke top der duinen. De kerk vulde zich met een bijna tastbaar verlangen aan te monsteren en ergens ver weg een Spaans galjoen tot zinken te brengen.

Maar er moest ook een nieuwe tekst voor het volkslied worden gekozen. Uit de vele inzendingen had een jury met onder anderen de dichters Jan Boerstoel en Jean Pierre Rawie de zeven bes­te geselecteerd.

Dat was nog een hele toer geweest, vertelde John Jansen van Galen namens de jury, want zingbaar was er weinig.

Traditie van gastvrijheid
Geestig was de inzending van Wolfaart Jolles, die de middenstand had gekozen voor een plechtig lied over het land van grage graaiers en slimme matennaaiers.

Er was alom waardering voor deze benadering, maar Jolles struikelde over de eis dat het nieuwe volkslied op de Dam ten gehore moet kunnen worden gebracht.

Dat gold zeker voor de inzending van Peter de Hoog, die de uiterlijke kenmerken van Nederland verbond met de traditie van gastvrijheid. 'Een land om van te dromen, mijn Nederland zo klein. Een land om terug te komen. Waar we vrij kunnen zijn.'

Voor zijn tekst kreeg De Hoog zowel de prijs van de jury als de publieksprijs.

De winnende tekst

Mijn land van zee en wolken,
Mijn land van Westenwind.

Een thuis voor vele volken,
Een plek voor ieder kind.

Laat mij, je schoonheid delen,
Oh Nederland, zo klein,
Een koninkrijk voor velen,
Zal je eeuwen lang zijn.

Waar ik ook heen mag varen,
Waar ik ook reizen zou.

Jouw beeld zal ik bewaren,
Je fiere rood wit blauw.

Een land om van te dromen,
Mijn Nederland zo klein.

Een land om t'rug te komen,
Waar we vrij kunnen zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden