Plus

Willem Mengelberg was een geniale dirigent met bruintinten

Het is volbracht. Musicoloog Frits Zwart heeft na zeventien jaar eindelijk zijn biografie voltooid van Willem Mengelberg, de grootste dirigent die Nederland ooit heeft gehad. Woensdag in de winkel.

Willem ­Mengelberg (links) in het Concertgebouw, oktober 1940, met in het ­midden Rijkscommissaris Arthur Seyss-­Inquart, de man die namens de Duitsers Nederland bestuurde Beeld Stadsarchief
Willem ­Mengelberg (links) in het Concertgebouw, oktober 1940, met in het ­midden Rijkscommissaris Arthur Seyss-­Inquart, de man die namens de Duitsers Nederland bestuurdeBeeld Stadsarchief

In 1999, na het verschijnen van zijn boek Willem Mengelberg, Een Biografie 1871-1920, sprak de Haagse musicoloog de historische woorden: "Ik houd mezelf voor dat deel twee over vier jaar voltooid zal zijn. Ik heb veel zin aan de slag te gaan."

Die vier jaar werden er uiteindelijk zeventien. Dat kwam door zijn nieuwe baan als directeur van het Nederlands Muziek Instituut, dat hij leidde vanaf de oprichting in 2000 tot de decimering in 2013, met dank aan het eerste kabinet-Rutte, en de daaruit voortvloeiende noodzakelijke fusie met het Haags Gemeentearchief.

Frits Zwart: "Ik begon er een beetje benauwd van te worden dat er steeds maar geen tijd voor Mengelberg was. Maar in de laatste vijf jaar heb ik de klus kunnen afmaken."

Zwart kan zich meteen verheugen op de Engelse vertaling van zijn studie, die in 2018 moet verschijnen. Zeker in Amerika, waar Mengelberg tot 1930 de chef-dirigent was van de New York Philharmonic (dat hij tot een toporkest smeedde), zal er bijzondere belangstelling voor zijn.

Uitzinnig publiek
Voor de jonge lezers, of voor hen die later inschakelden: Willem Mengelberg was gedurende vijftig jaar de chef-dirigent van het Concertgebouworkest en in de jaren twintig van de vorige eeuw ook van de New York Philharmonic.

Hij zorgde in New York en natuurlijk Amsterdam, maar eigenlijk in heel Europa voor de popularisering van Gustav Mahler en gold, samen met Arturo Toscanini, als de allergrootste dirigent van zijn tijd.

Zijn faam, ook in Nederland, gaat het voorstellingsvermogen te buiten. Zwart beschrijft hoe Mengelberg in mei 1929 in Frankfurt na een uitvoering van Richard Strauss' Ein Heldenleben niet minder dan 25 maal op het podium werd teruggeroepen door het uitzinnige publiek.

Maar Mengelbergs successen kunnen ons eerlijk gezegd gestolen worden. Zeker, hij was een ronduit geniale dirigent, met een charisma en een aanpak die ervoor zorgden dat elk orkest waarmee hij werkte, hoog boven zichzelf kon uitstijgen.

Bruintinten
Mengelberg op zijn best moet iets onwaarschijnlijks zijn geweest, een wonder, een mirakel, een wezen dat buitenaardse eh, vibraties teweegbracht, maar de tragiek is dat al die delfische grootheid rijkelijk wordt overschaduwd door 's mans houding in de nazitijd. (Terzijde: zijn beide ouders waren Duitsers en thuis werd Duits gesproken.)

Zwarts biografie zorgt er voor dat de bruintinten nog wat extra worden aangezet. "Ik had liever ontdekt dat Mengelberg in de periode 1933-1945 een verzetsheld was geweest," zegt Zwart, "maar de realiteit is anders."

Schokkend is om het interview te lezen van 5 juli 1940 in de Völkischer Beobachter, waarvan in Nederland vertalingen verschenen en waarin Mengelberg over de Nederlandse capitulatie spreekt als een 'werkelijk een grootsch uur. [...] Europa komt in nieuwe banen.' Zwart houdt het citaat voor authentiek. Mengelberg probeerde later de publicitaire brand die hierdoor ontstond te blussen.

Bewondering voor Hitler
"Veel wist ik al, maar toch ben ik nog geschrokken. In Chasa Mengelberg, het reusachtige huis in Zwitserland dat hij bezat, vond ik vond ik huizenhoge stapels met oude kranten, vanaf 1933, die door de droogte van de ruimte daar in goede staat bewaard waren gebleven. Die heb ik doorgenomen. Ze stonden vol aantekeningen, commentaren en onderstrepingen van Mengelberg."

Uit zijn aantekeningen kon Zwart opmaken dat Mengelberg Duitsland als een slachtoffer van de geallieerden zag, dat hij bewondering had voor Hitler, met wie hij een rancune voor de Weimardemocratie deelde. Door de geldontwaarding was Mengelbergs vermogen in Duitsland totaal uitgehold.

Willem Mengelberg in de jaren twintig Beeld Spaarnestad/HH
Willem Mengelberg in de jaren twintigBeeld Spaarnestad/HH

Het schokkendst is een geciteerde passage uit het dagboek van Nora Mengelberg-Wubbe, het nichtje van Mengelbergs vrouw Tilly: 'Hij heeft 2 x [...] tegen een Duitsch officier [...] gezegd dat hij het erg goed vond dat de Duitsers ons land van Joden zuiverden.' Zwart: "Het heeft lang geduurd voordat ik dat kon plaatsen."

De 'behoorlijk antisemitische trekjes van Mengelberg in de jaren dertig', waarbij zijn vrouw Tilly bepaald geen corrigerende factor was, hebben een achtergrond, zegt Zwart.

"In 1933/'34 zat hij bijna een jaar lang in zijn Chasa met een burn-out, veroorzaakt door zijn ervaringen in Amerika, waar hij door het bestuur van de New York Philharmonic rücksichtslos aan de kant was geschoven ten faveure van Toscanini. Hij is er ook nooit meer teruggevraagd."

"Mengelberg heeft overigens nooit geweten dat het Toscanini zelf was hem eruit had gewerkt. Daar waren verder Joodse bestuursleden - bankiers enzovoorts - bij betrokken en dat heeft zeker een rol gespeeld bij zijn gevoelens van ressentiment."

"Dan krijg je in 1936 nog het feit dat zijn assistent Sam Bottenheim, een bekeerde jood, bijna al het geld van Mengelberg bij beursspeculaties heeft laten verdampen. Bijna vijf miljoen euro was dat, vrijwel zijn hele vermogen, bijeen gespaard in zijn Amerikaanse jaren. Mengelbergs woede was enorm. En dat moet zijn antisemitisme hebben aangewakkerd."

Pragmatisme
Mengelberg blijkt nóch naïef, nóch apolitiek te zijn geweest, zoals hij altijd volhield. Heeft dat Zwarts beeld van Mengelberg, met alle kennis die hij al had, nog in negatieve zin beïnvloed? "Wél goedgelovig en goed van vertrouwen. Maar het heeft me wel wat ontgoocheld, ja. Je ziet toch het beeld van een geniale musicus, een van de grote zonen van Nederland, voor je ogen eroderen."

"Toch zijn er grijstinten. Er wordt gezegd dat hij ook de muziek van Mahler heeft verloochend, maar dat is niet waar. In Wenen en München bleef hij roepen dat Mahler de grootste was. Maar het blijft verbijsterend dat hij in een klimaat dat zo anti-Joods was, kennelijk nooit dacht: hier moet ik me verre van houden."

"In juni 1940 nam hij voor een opname in Berlijn een Joodse vrouw mee met wie hij bevriend was. Dat kón helemaal niet in die tijd. Ik begrijp nog steeds niet hoe hij dat in dat hoofd met elkaar kon combineren, anders dan dat hij vanuit opportunisme en pragmatisme werkte en dat hij een onbedwingbare drang tot dirigeren had."

De kansen op een naar Mengelberg genoemde straat in Amsterdam zijn door Zwarts boek nu in elk geval definitief tot nul geslonken.

Frits Zwart: Willem Mengelberg - Een Biografie 1920-1951. Prometheus, €39,95.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden