Plus

Wie z'n droom gaat hier nou aan flarden?

Ellen Dikker had heel lang niets met voetbal, totdat haar zoon werd gescout door Ajax. Iedere zaterdag schrijft zij in Het Parool een column over haar 'Kleine Messi'.

Ellen Dikker Beeld Wolff

Het is razenddruk op de parkeerplaats van De Toekomst. Hele gezinnen stappen uit de auto. Opa's, oma's, neefjes, nichtjes, buren en bekenden begeven zich naar de velden. Het ATP is weer begonnen. Oftewel het Ajax Talenten Programma. Twee keer per jaar worden de meest getalenteerde jongetjes uit de wijde omgeving uitgenodigd om een aantal weken te trainen bij Ajax. En die nemen hun aanhang natuurlijk mee. Want niet alleen die jongetjes zijn verrukt van hun uitnodiging. Ook de ouders raken buiten zinnen.

Als ik er nog aan denk. Die brief met dat bekende rode logo in de brievenbus. Dolblij was ik. Zo'n goednieuwsbericht dat je optilt. Vergelijkbaar met de sleutel van een nieuw huis, een streepje op de zwangerschapstest of een tweede sollicitatiegesprek voor je droombaan.

En blijkbaar hoort de uitnodiging om bij Ajax te mogen trainen in dit rijtje thuis. Terwijl ik het niet ben hè, aan wie die brief is geadresseerd. Het gaat om mijn zoontje. Maar we zien onze kinderen als verlengstuk van onszelf. Al die ouders die week in week uit langs de lijn staan, kijken in wezen naar zichzelf. Ze wentelen zich in hun eigen projecties.

Dat was in mijn jeugd wel anders. Mijn vader kwam zelden kijken als ik hockeyde. En mijn moeder nooit. Terwijl ze allebei heel betrokken waren bij hun kroost. Maar dat deden ouders vroegûr simpelweg niet. Net zo min als ze hun kinderen naar school brachten. Laat staan dat ze mee de klas ingingen. Misschien is de wereld te groot en gevaarlijk geworden. Of misschien beschouwen we onze kinderen nu te veel als een project. Een project dat moet slagen.

Daar staan de ATP-ouders langs het veld. Rijendik opgesteld. Gewapend met zoomlenzen en videoapparatuur om hun parel vast te leggen. Er wordt geroepen en aangemoedigd, hier en daar staat zelfs een vader te applaudisseren. Maar de steun kan ook doorslaan. Dan zie je verbeten koppen en klinken harde vloeken als het kind niet naar wens presteert. Maar je hebt er geen grip op. Hoe graag die ouders het ook willen, op het veld moeten de talentjes het zelf doen.

Een klein mannetje rent huilend naar z'n vader aan de kant. Hij is getackeld en wil niet meer. Zijn vader probeert het jongetje te overtuigen weer mee te doen. Maar hij wil niet meer. Echt niet. Ik zie tranen wellen in de ogen van de vader. Wie z'n droom gaat hier nou aan flarden?

e.dikker@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden