Column

We zagen ze vrijwel nooit, blanke Belgen

Mano Bouzamour (1991) publiceerde eind 2013 zijn debuutroman De Belofte van Pisa. De film-, theater- en hoorspelrechten van het boek werden verkocht, en ook verschijnt de roman in 2016 in het Duits en Spaans. Elke zondag lees je hier zijn column uit Het Parool.

Mano Bouzamour. Beeld Het Parool

In een internetcafé in de Van Woustraat zat steevast een bebaarde buurman van in de veertig met een koptelefoon op filmpjes te bekijken van de Irakoorlog. Ik keek alle afleveringen van Hier is... Adriaan van Dis. Hij keek urenlang naar compilaties van Amerikaanse pantservoertuigen die in hinderlagen reden en opgeblazen werden door bermbommen.

Sluipschutters met engelengeduld die de hoofden van militairen veranderden in slagersafval, de strijdliederen duidelijk in het internetcafé hoorbaar. Bij iedere explosie haalde de roodharige jihadfetisjist opgewonden Gods naam aan. Ik heb hem godzijdank jaren niet gezien.

Ik heb familie wonen in Brussel. We gingen er vaak heen. Dan verbleven we lange weekenden bij ooms en tantes. Vaak hielden mijn broer en ik een weddenschap als we de verpauperde wijken van Brussel inreden. Degene die als eerst een blanke Belg in het oog kreeg, werd een weekend lang getrakteerd op de befaamde Brusselse sandwiches merguez en chocolade eclairs.

We zagen ze vrijwel nooit, blanke Belgen - soms dachten we er eentje te hebben gezien, maar dan bleek het een Pool te zijn. Tenzij we een uitstapje maakten naar de Grote Markt. Dan schoot er een politieauto langs met van die langgerekte loeiende sirenes met twee autochtone agenten erin en dan wees ik opgetogen naar hen. Ik watertand nog altijd bij het zien van blanke Belgen.

In Schaarbeek, Sint-Joost en Molenbeek kan je makkelijk uit de voeten als je Arabisch spreekt. De snackbarhouder, bakker en slager spreken allemaal Arabisch - zelfs de Turkse caféhouders. Het woordje dat in de cafeetjes veelvuldig viel, was chômage, werkloos.

De eerste keer dat ik te maken kreeg met extremistische moslims was niet in België, maar in Amsterdam. In De Balie waar een twintigtal leden van Sharia4Belgium een optreden van Irsjad Manji, een schrijfster die moslima en lesbisch is, met veel geschreeuw en gescheld verstoorde.

Het was eng, dat gebulder over God, het dreigde bijna uit de hand te lopen, maar dat gebeurde gelukkig niet. De luidruchtige lui werden door een peloton ME'ers naar het Centraal Station geleid. Een paar jaar later kwam ik er via nieuwsberichten en foto's achter dat meer dan de helft van die jongens is omgekomen in Syrië.

Na de aanslagen in Parijs circuleerde een foto op het internet van raketten die op doelen van IS terecht zouden komen en waar handgeschreven op stond: 'From Paris, with love'. Amerikaanse militairen toonden op die manier hun solidariteit met de Fransen. Een versje uit John Lennons Imagine was wel wat geestiger geweest.

Adriaan van Dis had het afgelopen week in De Wereld Draait Door over het belang van investeren in educatie om radicalisering tegen te gaan. Taal is een bijzonder ondergesneeuwd onderwerp in het terrorismedebat. Maar er is één vraag die deze week door mijn hoofd blijft spoken. Waar is de bebaarde buurman?

Wilt u reageren op deze column? Dat kan. Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen of stuur een mail.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden