Plus

We Are Public: 'Steun de cultuur en ga op avontuur'

Negen kunstenaars en instellingen zijn genomineerd voor de Amsterdamprijs voor de Kunst 2017, de grootste cultuurprijs van de hoofdstad. Cultureel platform We Are Public maakt kans in de categorie Stimuleringsprijs.

Bas Morsch (l) en Leon Caren, oprichters van We Are Public: 'Mensen raken de weg kwijt in het cultuur-aanbod. Wij sporen ze aan nieuwe dingen te ontdekken' Beeld Linda Stulic

Toen de subsidiekraan met het bordje Cultuur erboven een paar jaar geleden werd dichtgedraaid, besloten grafisch vormgever en muzikant Bas Morsch (43) en cultureel antropoloog en muzikant Leon Caren (38) dat het culturele leven in Amsterdam een nieuwe impuls nodig had. In 2004 hadden de twee al het onafhankelijke muziekplatform Subbacultcha opgericht.

Om de kunstverschraling tegen te gaan richtten Morsch en Caren drie jaar geleden het cultuurlidmaatschap We Are Public op. Voor 15 euro per maand kun je onbeperkt naar concerten, tentoonstellingen, voorstellingen en nog veel meer culturele uitingen, geselecteerd door de redactie van We Are Public. Het programma is te vinden op wearepublic.nl

Wat kenmerkt We Are Public?
Morsch: "Het is een soort Netflix voor de kunsten, een cultuurlidmaatschap. We werken met een redactie van cultuurprofessionals, zij selecteren hun favoriete programma's en onze leden kunnen die gratis bezoeken. In 2014 begonnen we in Amsterdam, waar we samenwerken met meer dan honderd partners: van alle grote instellingen tot spannende kleine theaters, van gezelschappen en orkesten tot festivals."

"Doel is om meer publiek en inkomsten te genereren voor kunst en cultuur in de stad en mensen aan te sporen nieuwe dingen te ontdekken, op avontuur te gaan binnen het enorme culturele aanbod in Amsterdam. We Are ­Public is niet aan leeftijd gebonden en is voor iedereen. Onze grootste groep bestaat uit twintigers en dertigers, maar er is ook een aanzienlijke groep vijftigplussers."

Caren: "We willen iedereen aanspreken. Sluit je aan, steun cultuur, ontdek nieuwe dingen. We zijn niet heel erg gericht op de mainstreamcultuur. We zijn gefocust op programma's die de grenzen opzoeken, willen graag jonge makers steunen die dat avontuur zoeken. We proberen zo veel mogelijk mensen te bereiken om hen dat avontuur op te laten zoeken. Maar we selecteren ook uit het aanbod van grote instellingen zoals het Stedelijk Museum, het ­Concertgebouw en de Stadsschouwburg."

Wat voor raakvlakken heeft We Are Public met Amsterdam?
Morsch: "Er is zo ontzettend veel te doen in ­deze stad en mensen willen echt wel programma's bezoeken, maar ze raken de weg kwijt in het aanbod. Ik ga vaak naar concerten, maar als ik een keer naar ballet wil, heb ik werkelijk geen idee waar ik moet beginnen, wat goed is, waar ik kaartjes moet kopen. Er zijn heel veel drempels. We Are Public neemt die weg."

Caren: "Het is een soort keurmerk, waarmee je je kunt identificeren. Onze redactie selecteert de programma's, daar kun je op vertrouwen. En je hoeft aan de kassa niet te betalen, dat maakt het makkelijk om nieuwe dingen te proberen. Zo brengen we veel nieuw publiek op de been, en dat is heel belangrijk. Zeker nu er minder overheidsgeld is voor cultuur."

Een van de criteria voor de Amsterdamprijs is 'creatief ondernemerschap': wat doet u om We Are Public onder de mensen te krijgen?
Caren: "We hebben geen winstoogmerk. We keren uit per bezoek aan de instelling, 50 procent van het kaartje. Vergelijkbaar met hoe een museumkaart werkt. Als je zou willen, zou je zeventig programma's per maand in Amsterdam kunnen bezoeken."

"Gemiddeld gaan mensen een keer in de maand, waardoor leden als het ware voor elkaars kaartje betalen. Dus als iemand drie maanden niet gaat en iemand anders is een keer in de week gegaan ... We verdelen het geld. Een deel is om de organisatie te draaien en de rest gaat naar de instellingen op basis van bezoekcijfers van de leden, die we exact weten."

Morsch: "Het loopt heel goed. Het is een groot experiment geweest, al die instellingen aansluiten, veel mensen met een pas de stad insturen. Wat wij dachten, een nieuw publiek te generenen, dat is gelukt, dat bewijst de praktijk."

Caren: "Wat ik goed vind om te zien, is hoe goed onze boodschap wordt opgepikt. Wij sporen je aan om te investeren in cultuur en op avontuur te gaan. Veel mensen voelen zich daardoor aangesproken en dat is gaaf om te zien. Soms is bij een kleine theatervoorstelling driekwart van de bezoekers lid. Dat maakt echt het verschil, want anders was die zaal misschien wel leeg gebleven. Dat is waar we het voor doen."

Morsch: "Dat is de kracht van het platform."

Waar staat We Are Public over vijf jaar?
Caren: "We zijn in Den Haag en in vijf steden in Brabant begonnen. We zouden volgend jaar een landelijk lidmaatschap willen aanbieden."

Morsch: "We zijn nog een jonge organisatie. We hebben impact, maar we staan nog maar aan het begin van wat het deel gaat worden van het systeem. Daar zit nog veel groei in. "

Wat vinden jullie van de andere genomineerden voor de Amsterdamprijs?
Caren: "Cameraman Robbie Müller is een ­legende. Echt indrukwekkend."

Morsch: "Bottomline is de gedrevenheid bij de genomineerden. Dat je iets móét maken. En buiten de gebaande paden durven denken."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden