PlusReportage

Wat volleyballer Myrthe Schoot doet op haar rustdag? Trainen. ‘Meeste mensen geven over, bij hun eerste training hier’

Volleybalster Myrthe Schoot in de sportschool. Op haar rustdag traint ze in Rotterdam juist extra hard door. Beeld Jan Kok/Boomerang Fotografie
Volleybalster Myrthe Schoot in de sportschool. Op haar rustdag traint ze in Rotterdam juist extra hard door.Beeld Jan Kok/Boomerang Fotografie

Myrthe Schoot, de libero van het Nederlands volleybalteam, vulde haar rustdag het afgelopen jaar in met extra trainingen. Ze wilde zo fit mogelijk aan de start van het WK in eigen land verschijnen. ‘Je weet niet wat je grens is als je nooit het randje opzoekt.’

Lisette van der Geest

Haar maag speelt op. Nee, denkt Myrthe Schoot (34), terwijl het zweet langs haar hoofd druipt. Het zal me niet gebeuren. Niet nu. Het is woensdag, rustdag bij het Nederlandse volleybalteam, maar Schoot staat in een krachthonk in Rotterdam-Noord. Sinds een klein jaar onderwerpt de libero van Oranje zich aan een afwijkend trainingsregime.

Lang speelde Schoot in het buitenland, maar vorig jaar keerde ze terug naar Nederland. Niet omdat ze zo graag in de eredivisie wilde spelen. Maar, dacht ze: wat gebeurt er als ik eens een heel seizoen werk om sterk en fit te worden?

“In het volleybal krijg je nooit de tijd om iets op te bouwen,” zegt Schoot. “Wij zijn altijd bezig met moeten presteren. Elk weekend een wedstrijd. Dan maakt het niet uit of je sterk bent, of je na wedstrijd drie omvalt. De club betaalt je om die wedstrijd te winnen en als je langdurig geblesseerd bent, kopen ze wel iemand anders die die rol oppakt. Van de club ga je direct weer door naar het Nederlands team.”

Maar dit jaar is het WK in Nederland. Bovendien startte volleybalbond Nevobo met Project 2022, een plan om een selecte groep speelsters fulltime op Papendal te laten trainen. Schoot besloot: “Ik wil bij het WK in eigen land zorgen dat ik op de top van mijn kunnen ben. En niet een hijgend paard, zoals ik me vorige zomer bij het EK af en toe voelde, omdat ik had lopen kwakkelen met blessures.”

Stofzuiger van het team

Nu is ze hier, in Rotterdam, in de sportschool van Hans en Jordan Kroon. Tussen een acteur uit GTST en een wand met gesigneerde sportshirts van onder anderen voetballer Tyrell Malacia. Ze is halverwege haar training. Schoot wandelt naar een plek, buiten beeld van toekijkers, hopend dat de misselijkheid wegtrekt.

Ooit hoorde ze: “De meeste mensen geven over, bij hun eerste training hier.” Reden voor Schoot om die eerste keer nauwelijks te eten, waardoor ze na een minuut of drie aan fitnessapparaten hangen dacht: het lichtje gaat al uit. Eerste les geleerd.

Ze werd door Francisco Elson uitgenodigd. De voormalig basketballer sponsort haar met zijn bedrijf in sportzalf. “Kom je een keer meetrainen bij Hans Kroon?” vroeg hij. Daar in Rotterdam-Noord trainen meer topsporters, onder wie Malacia, judoka Roy Meyer en bokser Nouchka Fontijn.

Hard werken past bij de positie die Schoot al jarenlang vervult. Ze is libero. De stofzuiger van het team. “Bikkelen, dat is je rol. Als je denkt dat je geen kans hebt, toch proberen net dat ene vingertje eronder te krijgen. Een ander kan denken: dit was een foutje en ik kan het later goedmaken. Ik kan niks compenseren. Dat vond ik vroeger mentaal wel lastig. Nou hoef ik geen heldenrol te hebben, maar als libero speel je nooit in de plus.”

Ze dacht altijd dat ze tot de fittere meiden van het Nederlands team behoorde en daarom dus heel fit was. “Maar goed, dan kom je hier.” Kroon zei bij haar eerste bezoek: “Het geraamte staat er, maar ik vind jou zwaar ondertraind.” Schoot: “Maar ik had ook direct het gevoel dat hij zag wat ik kon, wat erin zat en dat ik bij hem heel erg kon groeien.”

Van oefening naar oefening

Eén keer per week traint Schoot hier, zolang het schema van Oranje het toelaat, onder directe begeleiding van Kroon. Een uur lang van oefening naar oefening. Haar bewegingen kunnen efficiënter, vindt Kroon, al ziet hij duidelijk vooruitgang. De trainingen gaan in hoog tempo: niet op kracht of uithoudingsvermogen alleen, ook op het effectief uitvoeren van bewegingen die ze in het veld ook moet maken.

Op Papendal worden zaaltrainingen afgewisseld met kracht- en atletiektrainingen. Alles gaat in groepsverband. Het programma wordt bepaald door de krachttrainer en door de bondscoach, Avital Selinger. Wat Schoot in haar vrije tijd doet, is aan haar. “Ik moet naar mijn mening iets extra’s doen om fit te zijn, naast wat mij werd aangeboden. Maar ik kan moeilijk op Papendal vragen of de krachttrainer daar ook nog eens wekelijks met mij alleen aan de slag gaat. Jezelf in je eentje zo ver pushen als Hans mij nu pusht, terwijl hij ernaast staat, is lastig.”

Afgelopen winter leerde ze zichzelf ook anders kennen. Ze trainde nog niet zo lang in Rotterdam, toen ze een nieuwe uitnodiging kreeg. “Op zondagen gaan wij trappenlopen en hardlopen door de duinen en daarna 15 minuten de zee in. Ga je mee?” Het was december, de temperatuur rond het vriespunt. Schoot, die toch al niet van kou houdt, zei eerst ‘nee’, maar werd overgehaald. “Wat kan er gebeuren, dacht ik.”

Meer zelfvertrouwen

Maar na de ‘uitputtingsslag’ op de trappen en in het mulle zand, hoorde ze ook: “Niemand gaat het water uit voor de 15 minuten voorbij zijn.” Schoot: “Toen dacht ik wel: dit wordt heel vervelend. Maar na 10 minuten naar de horizon kijken, dacht ik: het valt eigenlijk best mee, is dit het nou? Ik zat in mijn eigen coconnetje.”

Normaal gesproken is ze altijd onderdeel van een team, hierbij is ze op zichzelf aangewezen. “Ik denk dat het zelfvertrouwen geeft.” Tegelijkertijd zegt ze: “Gedisciplineerd en obsessief liggen dicht bij elkaar. Maar weet je, je weet niet wat de grens is als je nooit het randje opzoekt. Mijn allergrootste motivatie is eigenlijk mijn nieuwsgierigheid naar hoe ik hierop reageer. Wat gebeurt er, waar ligt mijn grens?”

Als deze middag de misselijkheid is weggezakt, loopt Schoot weer terug. Kroon: “Je bent er weer.” Hij knikt naar het apparaat voor hem. Er moet gewerkt worden.

Af en toe probeert Schoot teamgenoten mee te krijgen.“Ik denk dat het voor iedereen in ons team goed zou zijn om zoiets te doen. Daar geloof ik in. En ik vind het gewoon leuk om die meiden te laten zien: het kan ook anders, het kan beter, het kan intensiever.” Lachend: “Maar het is me nog niet gelukt om ze te overtuigen.”

Twee soepele zeges

De Nederlandse volleybalsters hebben ook hun tweede groepswedstrijd op het WK zonder setverlies gewonnen. De ploeg van bondscoach Avital Selinger versloeg Kameroen, de kampioen van Afrika, in de Arnhemse Gelredome met 3-0: 25-11, 25-20, 25-13. Oranje was het toernooi, dat Nederland samen met Polen organiseert, vrijdag begonnen met een soepele zege op Kenia (3-0).

Met twee overwinningen zijn de volleybalsters al vrijwel zeker van een plek in de tweede ronde. Oranje speelt komende week tegen Puerto Rico (woensdag), België (vrijdag) en Italië (zondag). De eerste vier landen van de vier poules plaatsen zich voor de tweede ronde. (ANP)

null Beeld Jan Kok/Boomerang Fotografie
Beeld Jan Kok/Boomerang Fotografie

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden