Plus

Wat doet cafeïne precies met onze hersenen?

Wie een kop koffie drinkt, kan er weer even tegenaan. Maar wat cafeïne precies in de hersenen doet, is pas onlangs duidelijk geworden.

'Op de korte termijn worden we alerter, op de lange termijn remt het ziekteprocessen.' Beeld anp

Even goed wakker worden of ervoor zorgen dat je weer alert bent tijdens een dipje op het werk, een kop koffie kan daarbij helpen. Dat is op zichzelf niets nieuws, maar welke processen in de hersenen cafeïne in gang zetten, was tot voor kort niet bekend. "Dat vonden wij opvallend," zegt neurowetenschapper Amber Kerkhofs, verbonden aan de Vrije Universiteit.

Samen met Nederlandse collega's en collega's van de universiteit van Coimbra in Portugal onderzocht Kerkhofs het effect van cafeïne. "We weten al langer dat cafeïne het slaapmolecuul adenosine tegenwerkt. Cafeïne zorgt er dus voor dat we minder moe en alerter worden. Maar we wisten nog niet hoe dat precies in de menselijke hersenen werkt."

Overdosis
Eerder onderzoek werd namelijk op muizen en ratten gedaan en bovendien met een veel grotere dosis dan mensen normaal gesproken binnenkrijgen. Bovendien breekt het menselijk lichaam cafeïne vrij snel af.

Volgens Kerkhofs is de genoemde aanpak met grote doses nog wel begrijpelijk om aan te tonen dát cafeïne effect heeft, maar de conclusies over de manier waarop dat gebeurt, slaan volgens haar de plank volledig mis. "

Als hersenen van een rat veel te veel cafeïne toegediend krijgen, worden heel andere processen in gang gezet omdat het wordt ervaren als een overdosis. Om het simpel te zeggen: de hersencellen ontvangen dan niet iets dat ze op een positieve manier kunnen verwerken, maar raken in paniek en stoten juist schadelijke moleculen uit."

Vergelijkbaar
De hersenen van muizen en ratten reageren ook nog eens anders op cafeïne dan het menselijk brein. Bij de dieren zorgt de stof ervoor dat de hersencellen die signalen versturen actief worden. Bij mensen blijkt het effect van cafeïne vooral op te treden in de ontvangende hersencellen en dan ook nog eens alleen in het geval de cellen al vermoeid waren.

Hoewel de mechanismen voor de verwerking van cafeïne bij mens en dier vergelijkbaar zijn, geldt dat niet voor de effecten ervan. Volgens Kerkhofs is het daarom van belang menselijk weefsel voor dit soort onderzoek te gebruiken: de hersenen van mensen zijn niet zomaar of in alle gevallen te vergelijken met die van muizen of ratten.

De onderzoeksgroep van Kerkhofs keek naar het effect van de hoeveelheid cafeïne die in één normale kop koffie zit op menselijke hersencellen. Die cellen kwamen beschikbaar na operaties van epilepsiepatiënten.

Een verhoogde activiteit
Kerkhofs: "Bij deze patiënten wordt een stukje hersenweefsel weggesneden uit het midden van de hersenen, meestal de brandhaard van hun ziekte. Bij die ingreep wordt ook altijd een klein stukje gezond weefsel weggehaald. Dat weefsel snijden wij in het lab in zeer dunne plakjes en met die plakjes kunnen wij dan nog ongeveer 24 uur onderzoek doen."

"Zolang de cellen in leven zijn, vormen ze een netwerk met sterkere en minder sterke verbanden onderling. Door achtereenvolgens adenosine en cafeïne toe te voegen aan de hersenen blijkt dat daar een duidelijk effect te zien is. Er is een verhoogde activiteit tussen cellen onderling zichtbaar."

Omdat tijdens het onderzoek cafeïne direct in de hersencellen werd 'gewassen', was het effect ook direct zichtbaar. Volgens Kerkhofs duurt dat in een normale situatie iets langer omdat de antivermoeidheidsstof dan een langere weg aflegt.

Gevoelsmatig
"Wat wij vooral van belang vinden, is dat we hebben aangetoond dat in onze hersenen gebeurt wat we uit ervaring in ons dagelijks leven gevoelsmatig al weten. Maar dat is niet het enige, want het is mogelijk een stap naar meer. Want wat kunnen we hiermee? We weten op basis van onderzoek van collega's al dat cafeïne een positief effect heeft op mensen met ziektes als alzheimer en parkinson, maar we weten nog onvoldoende over de vraag waarom dat het geval is."

Het vervolgonderzoek van Kerkhofs en haar collega's heeft dan ook betrekking op de vraag waarom cafeïne die gunstige effecten heeft: "Hersencellen bouwen met elkaar connecties op en die kunnen door veel onderlinge communicatie versterkt worden. Dat kunnen we nabootsen om vervolgens te kijken welke effecten cafeïne daarop heeft."

Dat onderzoek kan antwoorden geven op vragen als op welke processen in de hersenen cafeïne effect heeft, of dat bij iedereen hetzelfde is en of die resultaten kunnen leiden tot nieuwe medicijnen die helpen ziektes als alzheimer en aandoeningen als adhd en depressie tegen te gaan.

Kerkhofs kan eigenlijk geen negatieve effecten van cafeïne bedenken voor de hersenen. "Op de korte termijn worden we alerter, op de lange termijn remt het ziekteprocessen," zegt ze. Het verdient volgens de neurowetenschapper aanbeveling met enige regelmaat koffie te drinken, ook al is voor meer inzicht in de medicinale werking van cafeïne meer onderzoek nodig.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.