Plus

Wat betekent de nieuwe donorwet?

De Eerste Kamer is akkoord met de donorwet van Pia Dijkstra (D66). Wat betekent die wet voor ons?

Beeld Getty Images

1. Ben ik vanaf nu automatisch donor na mijn overlijden?
Nee. De nieuwe wetgeving gaat in 2020 in voor alle Nederlanders vanaf 18 jaar. Voor die tijd komt er een uitgebreide informatiecampagne van de overheid.

Iedereen die nog niet in het sinds 1998 bestaande Donorregister is op­genomen - zo'n zestig procent van de bevolking - krijgt post van de overheid met de vraag of hij of zij wel of geen donor wenst te worden.

Wie niet kiest, wordt genoteerd als 'geen bezwaar tegen orgaandonatie'. Nu gelden de niet-kiezers als mensen met bezwaar.

2. Dus iedereen die niet kiest, moet hart, nieren en hoornvlies na de dood doneren?
Nee. Dat was aanvankelijk de bedoeling, maar een motie van senator Jopie Nooren (PvdA) voorkomt dat de overheid bepaalt dat niet-kiezers vanzelfsprekend orgaandonor worden.

De motie-Nooren zorgt ervoor dat artsen niet tot orgaandonatie overgaan als de nabestaanden van een niet-kiezer 'ernstige bezwaren' hebben. Als er geen nabestaanden zijn, volgt er geen orgaandonatie, ook niet als de overledene zich bij leven als donor had laten registreren.

3. Wat als je ervoor kiest orgaandonor te zijn, maar na je dood zijn de nabestaanden tegen?
Dan moet de transplantatiearts een afweging maken in lijn met 'goed hulpverlenerschap'. Dat is een ongeschreven wet die ook in de huidige medische praktijk bestaat. In theorie is het dus mogelijk dat familie de wens van een ge­registreerde orgaandonor negeert. Dat gebeurde in 2016 in 11 procent van de gevallen.

4. Waar kun je in de nieuwe wet voor kiezen?
Je kunt ervoor kiezen geen orgaandonor te worden. Wie wel donor wordt, kan alle of slechts sommige weefsels doneren. Je kunt ook een specifiek persoon of nabestaanden laten bepalen wat je afstaat. Je kunt je keuze te allen tijde ­wijzigen.

5. Maar als je niet kiest, is het via de motie-­Nooren toch ook aan de nabestaanden?
Dat klopt, maar de insteek van het gesprek tussen arts en de nabestaanden zal dan wel anders zijn. Immers: wie heeft vastgelegd dat de na­bestaanden de keuze mogen maken, geeft de nabestaanden een doorslaggevende stem. Wie niets heeft vastgelegd, zegt volgens de nieuwe wet dat hij geen bezwaar heeft tegen orgaan­donatie. De nabestaanden die dan toch 'ernstig bezwaar' hebben, zullen dat moeten aantonen. Dat is een wezenlijk verschil.

6. Zal de nieuwe donorwet leiden tot meer orgaan­donaties?
Dat is onduidelijk. Een dag nadat de nieuwe wet was aangenomen, roerden vooral de tegenstanders van orgaandonatie zich. In het Donorregister kwamen woensdag bijna 30.000 meldingen binnen. Ongeveer 25.000 mensen lieten vastleggen geen orgaandonor te willen worden, terwijl er zo'n 2500 nieuwe donoren bijkwamen en 2500 de keuze aan de nabestaanden lieten. Maken veel Nederlanders geen actieve keuze, dan groeit de kans dat er meer donoren komen.

7. Aan welke organen is het meest behoefte?
Er staan in Nederland zo'n 1000 mensen op de wachtlijst, van wie de meerderheid wacht op een nier. In 2015 kregen 983 patiënten een donor­nier. Er waren 148 levertransplantaties en 54 harttransplantaties.

Jaarlijks overlijden zo'n 150 patiënten die op de wachtlijst staan. Meer dan de helft van de getransplanteerde organen komt echter niet van overleden donoren, maar van levende donoren.

Denk aan de liefhebbende broer die een deel van zijn lever afstaat. Ook anoniem doneren gebeurt vaker. Levende donoren staan dan belangeloos een nier af aan een onbekende.

8. Wordt de wachtlijst korter met de nieuwe wet?
Mocht de wetswijziging leiden tot meer beschikbare organen, dan is het niet vanzelfsprekend dat de wachtlijst krimpt. Die lijst is mede samengesteld op grond van het verwachte aantal orgaandonaties. Alleen patiënten die in de zwaarste categorie vallen en fysiek sterk genoeg zijn, komen nu op de wachtlijst.

Als er meer donor­organen beschikbaar komen, worden de wachtlijstcriteria wellicht versoepeld, waardoor het aantal wachtenden niet slinkt. In landen als België, Zweden, Frankrijk en Spanje geldt al een vergelijkbare wet als die Nederland krijgt. Relatief worden daar meer organen gedoneerd en meer patiënten geholpen, maar de wachtlijsten zijn niet verdwenen.

9. Is de nieuwe donorwet definitief?
"Ja," zegt Britta van Beers, universitair hoofddocent rechtsfilosofie aan de Vrije Universiteit en tegenstander van de wet. Van Beers vindt dat de overheid het recht aantast van lichamelijke integriteit, dat is verankerd in de Grondwet en ook geldt na iemands overlijden. Ook vindt ze dat niet voldoende is gewaarborgd dat mensen die geen keuze maken, goed genoeg zijn geïnformeerd.

"In Nederland toetsen we nieuwe wetten helaas niet aan de Grondwet, zoals in bijvoorbeeld de VS. Zou dat wel gebeuren, dan is de nieuwe wet in mijn ogen in strijd met de kerngedachte van artikel 11 van de Grondwet. Een bezwaarprocedure bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens is kansloos, omdat individuele lidstaten veel vrijheid wordt gegund in moreel beladen zaken."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden