Opinie

Wat als werken niet meer móet, maar mág?

Verlaat het uitgangspunt dat werk je identiteit bepaalt en een plicht is, en er gaat een nieuwe wereld voor je open, betogen Lily Schim van der Loeff en Kyrill Hartog. Zij nemen deel aan De Balie Academie. Donderdagavond wordt er in een uitverkocht De Balie gesproken over het basisinkomen.

Hoe vullen we ons leven in als we minder of helemaal niet meer hoeven te werken? Beeld anp

Zwitserland wees het twee weken geleden massaal af in een referendum: het basisinkomen, een onvoorwaardelijk inkomen voor elke burger, hoog genoeg om een bestaansminimum te garanderen. Een radicaal idee maar vooral een pleidooi tegen de gevestigde orde. Het adagium 'werken voor je geld' is niet meer voor iedereen heilig. Het basisinkomen introduceert een nieuwe manier van denken waarbij werken niet langer noodzaak is, maar een keuze.

Bijna honderd jaar geleden voorspelde John Maynard Keynes een zonnige toekomst: technologische vooruitgang zou de productie verviervoudigen, zodat we in 2030 nog maar vijftien uur per week zouden hoeven werken. Zijn eerste voorspelling kwam uit. Maar die vijftien-urige werkweek lijkt ver te zoeken. In Nederland, dat tot de landen met de kortste werkweek ter wereld behoort, werken mensen gemiddeld nog steeds dertig uur per week. Waarom blijven we toch zo hard werken?

Tijden van overvloed
We werken in de eerste plaats omdat het moet. Om eten te kopen, huizen te huren, rekeningen te betalen. Het moet van de overheid, het moet van onze ouders. Toch hoeft dat allang niet meer zo te zijn. De collectieve rijkdom in het westen is enorm. Ondanks de crisis leven we, historisch gezien, in tijden van overvloed. De moderne westerse mens werkt in - en dus ook aan - een consumptiemaatschappij. Hoe rijker we worden, hoe meer we willen hebben: een vorm van materialisme die Karl Marx 'warenfetisjisme' noemde. Geld is uitgegroeid tot doel op zich in plaats van een middel tot het verwezenlijken van een ander doel.

Een andere verklaring is dat we werken uit plichtsgevoel. Een arbeidsloos inkomen druist tegen ons calvinistische werkethos in. Sinds Adam en Eva uit het paradijs werden gegooid, is ledigheid des duivels oorkussen. Arbeid is niet alleen noodzaak. Het is de goedheid zelve, de hoeksteen van de christelijke samenleving. Ongeacht het inkomen worden we opgevoed met het idee dat werken een nuttige tijdsbesteding is. Gratis geld verdienen we niet. Voor wat, hoort wat.

Mensen zijn gewoonte- en kuddedieren. Als iedereen in de sloot springt, doen wij het ook. Het begint al vroeg met de vraag wat je later wilt worden. Zo wordt gehamerd op het belang van een goede baan, en zo hameren we verder. Want wie alleen een hamer krijgt, ziet overal spijkers.

Taboes
Ons werk bepaalt in grote mate onze status in de samenleving. Sterker nog, werk vervult een existentiële rol: het rechtvaardigt ons bestaan en geeft ons nut. Vraag iemand wie hij of zij is en je krijgt na een naam een beroep als antwoord. Het is geen toeval dat in een maatschappij waar werk centraal staat, de ongelukkigste en ongezondste mensen werkloos zijn. Of dat er enorme taboes rusten op werkloosheidsverzekeringen en -uitkeringen.

Mensen die hun baan verliezen raken tegelijkertijd een groot deel van hun identiteit kwijt. Voordat beleidsmakers en economen op zoek gaan naar financieringsmodellen voor het basisinkomen, moeten ze dus een fundamentelere vraag beantwoorden: wie zijn wij in een wereld waarin we mógen werken? Hoe vullen we ons leven in als we minder - of helemaal niet meer - hoeven te werken?

Of het basisinkomen economisch, politiek of juridisch haalbaar is, is onderwerp van een eindeloze welles-nietesdiscussie. Dat is een discussie die óók gevoerd moet worden. Maar voorafgaand zouden we moeten vragen waarom wij over werken denken zoals we dat doen. Of ons idee over werken voortkomt uit noodzaak, plicht, gewoonte of identiteit, het gedachte-experiment van een basisinkomen trekt onze vastgeroeste ideeën in twijfel. De centrale rol van werken wordt van het voetstuk gestoten. Wat we doen is níet wie we zijn. Werken móet, kan veranderen in: werken mág. Doorbreek dit taboe en je boekt maatschappelijke vooruitgang. Kansarm of kansrijk, er valt veel meer te kiezen.

Lily Schim van der Loeff Beeld -
Kyrill Hartog Beeld -

Lily Schim van der Loeff en Kyrill Hartog

Deelnemers aan De Balie Academie, een programma dat stagiairs van De Balie opleidt tot programmamaker. Het programma over het basisinkomen in De Balie donderdagavond, 'Ik werk dus ik ben', is uitverkocht. Vanaf 20 uur is het voor de thuisblijvers te volgen via een livestream.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.