Wall-E ****

null Beeld

Regie: Andrew Stanton
Bioscoop: Kriterion, Arena, De Munt, The Movies, Tuschinski

De eerste twintig minuten van Wall-E, de nieuwe animatiefilm uit de Pixarstudio, is betoverend; een wonderbaarlijke en meeslepende ouverture van een filmsprookje zoals alleen Pixar dat in zijn beste werk kan vertellen (Zie: Toy story 1 en 2, Finding Nemo en The incredibles). En animatiefilm of niet, het is een van de verbluffendste introducties van een filmheld die we ooit hebben gezien (en dat een week nadat de Joker ook al zo'n sterke binnenkomer had).

Wall-E neemt ons mee naar de desolate planeet aarde, die zevenhonderd jaar in de toekomst is veranderd in een grote vuilnisbelt. We denken dat we naar de contouren van een stad kijken die tussen stof en gifdampen oprijst, maar het zijn bij nader inzien op wolkenkrabbers lijkende, zorgvuldig gerangschikte blokken puin. Hiertussen scharrelt een robotje rond, de enige in zijn soort, wiens eeuwige taak het opruimen van de rotzooi is die de mensheid heeft achtergelaten.

Wall-E (de afkorting voor Waste Allocation Load Lifter, Earth-Class) heeft een fascinatie opgevat voor wat de mens heeft achtergelaten. Hij heeft thuis een hele collectie Zippo-aanstekers, kerstverlichting, kubussen van Rubik en een versleten videotape van de Barbara Streisandfilmmusical Hello Dolly, zijn enige informatie over de mens in de vorm van zang, dans en romantiek. De openingssong van Wall-E is dan ook een nummer uit Hello Dolly (bepaald geen klassieker natuurlijk, maar het is niet zo dat de robot kan kiezen), waarin we het nummer Put on your sunday clothes horen. Hierin droomt de heldin van een wereld voorbij Yonkers (een wijk vlak buiten Manhattan), where the lights are bright as the stars.

We zijn inderdaad een heel eind buiten Yonkers hier. Vooral in deze eerste melancholische openingsact bereikt de film een vorm van perfectie die des te wonderbaarlijker is als we ons realiseren dat we nog geen dialoog hebben gehoord en dat alle emoties komen van een briljant geanimeerd, gebutst robotje en het geweldige geluidsdecor dat geluidsontwerper Ben Burtt voor deze wereld heeft ontworpen.

Wall-E is het verhaal van een romance, en het onwaarschijnlijke liefdespaar wordt gevormd door de opruimrobot en een hypermodel model (EVE), die de planeet komt bezoeken om te checken of er na zevenhonderd jaar weer leven mogelijk is. Als Eve een zeldzaam plantje van Wall-E krijgt, blijkt het ware doel van haar bezoek; ze wordt opgehaald door haar ruimteschip en teruggevoerd naar een reusachtig ruimtestation, waar de mensheid al die tijd heeft gewacht op terugkeer.

Het tweede deel van de film is nogal hectisch en pamflettistisch, als we naar een soms wel erg nadrukkelijke aanklacht tegen de consumptiemaatschappij zitten te kijken. De opstand van de afdeling defecte robots tegen het regime van het ruimtestation is eigenlijk een flauwe afspiegeling van de opstand van de kapotte poppen tegen het sadistische buurjongetje uit Toy story. Het tweede deel van de film laat weliswaar zien dat het animatiewerk van Pixar ongeëvenaard is, maar ook dat dat niet altijd genoeg is om de toeschouwer te betoveren.

Blijf even zitten voor de aftiteling, want dan pakt regisseur en scenarist Andrew Stanton (ook de grote man achter Finding Nemo) weer uit met een korte, alternatieve les kunstgeschiedenis: de nieuwe kans die de mensheid krijgt, loopt parallel aan een vindingrijke ode aan de grote kunstenaars van de afgelopen eeuwen. En de schitterende blauwe lucht waaronder de nieuwe mens zal leven, komt van de hand van Vincent van Gogh - en met dat ene beeld vindt de film zijn magie terug. (MARK MOORMAN)

Trailer
Website

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden