PlusColumn

Wachten voor een grens vind ik vanzelfsprekend

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column uit Het Parool.

Theodor Holman
Theodor Holman. Beeld Het Parool
Theodor Holman.Beeld Het Parool

We kunnen vrij reizen. Maar nu, door de stroom asielzoekers, is dat binnenkort onmogelijk geworden. Daar zeuren mensen over. Ze vinden het vervelend dat ze voor een grens moeten wachten.

Ik heb dat eigenlijk nooit heel erg gevonden.

Als ik vanuit Italië of Frankrijk naar Nederland rijd, sta ik altijd wel ergens in de file. Trouwens, in Nederland sta ik ook vaak in de file. Of dat nu wegens een wegopbreking is of een grens, als je haast hebt, is het vervelend.

Wachten voor een grens vind ik vanzelfsprekend. Waar heb je anders een grens voor?

Zorgen voor de grootouders is ook zoiets. Wij woonden vroeger bij onze opa en oma in huis. Mijn ouders - nou ja, mijn moeder dus - zorgde voor ze; ik geloof dat mijn moeder vanzelfsprekend geld uit mijn grootmoeders portemonnee haalde als ze dat nodig had.

Tegenwoordig moet die hulp aan grootouders door de overheid betaald worden, en mag je ook geen geld zomaar uit die portemonnee halen. Ik geloof niet dat mijn moeder mijn grootouders ooit heeft opgelicht. Had ze dat wel gedaan, dan had ik dat begrepen, want mijn opa en oma waren niet makkelijk.

Zo vind ik het ook vanzelfsprekend dat ik - als ik kan - voor mijn kleinkinderen zorg. Zomaar. Wat ik heb gemerkt, is dat die vanzelfsprekendheid aan het verdwijnen is.

Mijn moeder liep in haar ochtendjas en met de krulspelden in haar haar naar kruidenier Pasteuning aan de overkant om boter, kaas en eieren te halen. Daar ontmoette ze mevrouw Heide Weima, mevrouw Polak en mevrouw Dubois, die ook in hun ochtendjas boter, kaas en eieren kwamen halen. Dat was vanzelfsprekend. Ergens in de jaren zestig kon dat niet meer.

Steeds als ik hoor 'dat kan niet meer' of 'dat gaat tegenwoordig heel anders', weet ik dat die vanzelfsprekendheid weer een slag is toegebracht. Vanzelfsprekendheden zien verdwijnen is ouder worden. Opeens sta je met pijn in je rug en met migraine in een tram en vraag je aan een jongen van tien: 'Mag ik daar zitten?' en je hoort: 'Nee... Hahaha!' Vanzelfsprekend wilde ik hem een hengst voor z'n bekakte kop geven, maar daar had ik te veel hoofdpijn voor.

Wanneer vanzelfsprekendheden verdwijnen, zo weet ik, wordt de lucht eerst helder van angst en onzekerheid, waarna hij dik van de kruitdampen wordt.

Wilt u reageren op deze column? Dat kan. Scroll een beetje naar beneden om een reactie te plaatsen of stuur een mail.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden