PlusPS

Waarom we niet rijden in de auto die ons gelukkig maakt

Kozen we maar die buitenissige, klassieke of maffe auto die ons gelukkig maakt. Maar er staat een keurige Renault voor de deur. Waarom is dat?

null Beeld  Linda Jansen
Beeld Linda Jansen

Een vaalzwarte Mazda 323. Een donkergroene Volkswagen Golf. Een donkerblauwe Opel Astra. Een grijze ­Renault Megane. Een grijze Citroën DS5. En deze zomer komt daarbij: een zwarte Renault Megane.

Als het waar is dat auto's iets zeggen over de bezitter, vertelt dit autoverleden toch een beetje een confronterend verhaal. Want de verslaggever herkent zichzelf er niet in. Of misschien: hij zou het liever anders zien.

Terwijl dít toch echt alle auto's zijn waarover hij de afgelopen twintig jaar heeft kunnen beschikken. Deze auto's, dat is hij. En dat ziet er niet slecht uit, maar daarmee is alles wel gezegd.

Het is een flets rijtje. Niet alleen door een gebrek aan kleur, maar vooral door de uniforme vormgeving en de, laten we het netjes zeggen, conformerende uitstraling van de automobielen. Eerlijker: het is eenheidsworst. Dertien in een dozijn.

Even afgezien van de Citroën zijn het vervoermiddelen waaraan je je geen buil zal vallen, maar waarmee je je ook op geen enkele manier onderscheidt. Degelijk en betrouwbaar. Ruim genoeg om een uitdijend gezin van Amsterdam naar een Franse camping te krijgen. Goede prijs-kwaliteitverhouding. Nauwelijks vervuilender dan gemiddeld. Niks mis mee, maar als dit het is, is het nauwelijks florissant te noemen.

Zelfhulpgids
Auto's roesten niet meer, maar automobilisten wel. Rij door Amsterdamse buurten en je ziet hoe de overgrote meerderheid dezelfde auto blijkt te hebben aangeschaft.

Prinseneiland: Volvo.

Een klein stukje ten westen daarvan: Volkswagen Polo, Suzuki Alto, Seat Ibiza.

Belgiëplein, Nieuw-West: Hyundai, Mitsubishi Carisma, Fiat Punto.

Amstelveen: Volvostad bij uitstek.

Schrijver Erwin Wijman gelooft niet in toeval. Maar hij gelooft ook niet dat al die mensen de auto rijden die ze wíllen rijden. Dat blijkt ook uit onderzoeken en uit een eigen enquête waarop uitbundig werd gereageerd.

"Mensen hoeven niet per se allemaal aan de Volkswagen, maar toch rijdt het overgrote deel van de Nederlanders er in een." Beweeg je jezelf of laat je je bewegen? Dat is waar het boek De Geluksmachine, zo kies je de auto die je echt wilt van Wijman over gaat. Noem het een zelfhulpgids bij autokeuzestress.

Ja, zegt hij, zijn boek gaat over auto's, "Maar eigenlijk gaat dit boek vooral over mensen. Mensen die in auto's zitten. Waarom koopt iedereen tegen heug en meug dezelfde auto?"

Als voorbeeld noemt Wijman het feit dat Volkswagen, al het gedoe met de sjoemeldiesels ten spijt, enorme hoeveelheden auto's blijft verkopen - bijna één op de zes verkochte auto's maar liefst.

"Er zijn in Nederland 45 automerken waaruit je kunt kiezen. En toch wil haast iedereen dezelfde. Een Volkswagen, Renault of Opel. Volkswagens met een kleine v. Auto's die eenvormig zijn als smartphones, waterkokers en soeplepels."

Verkeerde verkoop
Dat is jammer, zegt Wijman. Een gemiste kans. Zo makkelijk als het is om een voornamenkaart van Nederland op postcode te maken, zo makkelijk is het om een sociodemografische autokaart van Nederland te maken aan de hand van overheersende automerken en -typen, zegt hij.

"Daarop staan vaker een Renault en een Peugeot in dezelfde straat dan een BMW of Suzuki. Of een Alfa Romeo en een Dacia. Dacia's staan tussen Hyundai's, Fordjes en Kia's. BMW's staan naast Audi's en Volvo's.

Een Renault woont zelden naast een Audi of een BMW." Het is niet voor niets dat er in Nederland minder auto's worden gestolen, aldus Wijman: "Niemand anders wil jouw saaie auto."

Mensen verkopen snel de verkeerde auto aan zichzelf. En dat heeft niets met geld te maken, vindt Wijman. "Zelfs voor vijf- of tienduizend euro heb je al een auto die jou wél gelukkig maakt.

De auto van je dromen hoeft echt niet altijd een grote of dure of excessieve of Italiaanse schone te zijn. De auto die jij graag wilt, hoeft ook niet per se groter of duurder te zijn dan die je nu hebt.

Auto met een dakkapel
Het kan ook een kleine of een gedeukte auto zijn. Een maffe, klassieke of buitenissige auto. Het kan zelfs een SsangYong Rodius zijn, een auto met een dakkapel. De meest beschimpte en belachelijk gemaakte auto sinds de Fiat Multipla, die ik overigens zelf met veel plezier heb gereden."

Sociale druk, noemt Wijman dat. Vertegenwoordigers die geen te dure auto mogen rijden, omdat dat slecht overkomt bij de klanten. Een keurige binnenstadbewoner die geen fourwheeldrive neemt, omdat hij er door de buren op wordt aangekeken. Wijman wil dat mensen vrij de auto kiezen die ze willen. "Wie zijn of haar auto zelfstandig en vrij van last en ruggenspraak kiest, kiest in elk geval in dat opzicht echt voor zichzelf en zijn of haar eigen geluk."

Tja, en dan die stamboom van het begin nog even: de ­'eigen keuze' van de verslaggever. Het begon pittig, hoewel de ijzerdraadjes waarmee de voorbumper aan de Mazda vastzat maandelijks moesten worden vastgedraaid en de zijspiegel alleen nog met enorme hoeveelheden ducttape aan de auto bleef vastzitten. Hij had een big ass-spoiler, waarover vrienden vaak even goedkeurend streelden.

null Beeld  Linda Jansen
Beeld Linda Jansen

Daarna werd het degelijker, steeds ruimer en met hoe langer hoe meer comfort. Navigatie, een koelkastje, parkeerassistentie.

Maar allengs werd het minder spannend ook. Met een Astra als hoogtepunt. Een seksloze auto, zei een collega. Terwijl je auto toch juist moet doorgaan voor een verlengstuk. Veel suffer dan de Opel Astra had je ze niet in de jaren negentig.

En toen kwam de DS5, daarmee heb je bekijks. Zowel mannen als vrouwen zien je rijden in je Citroën, kijken ­bewonderend in de file. Een beest van een gezinsauto, zonder dat het ordi wordt. Vervoer voor zelfbewuste mensen, dat kan niet anders. Terwijl auto's je niks doen, zoals je al een leven lang weet vol te houden, kun je jezelf niet helpen: je voelt een soort trots als het over je auto gaat.

Maar ook voor de DS5 geldt: de auto koos. Hij was er toevallig. En nu gaat ie toevallig weg. Er komt een prima auto voor terug, dat wel. Modern en van alle gemakken voorzien. Ruim, betrouwbaar en in een courante kleur. Maar niet de auto waar je als een blok voor valt. En hij lijkt ook opvallend veel op de auto's van de buren. Zijn we er toch weer ingetrapt.

We willen Audi rijden

Wat rij je en wat zou je wíllen rijden? Met die vragen ging Erwin Wijman met onderzoeksbureau TeamVier en autoverzekeraar Allsecur op onderzoek uit. Uitkomst: zeven op de tien automobilisten rijdt liever in een andere auto dan in de eigen. De deelnemers rijden Renault (10 procent), Ford (9 procent), Volkswagen en Opel (beide 8 procent) en Peugeot (7 procent). De gewenste auto bleek enorm te verschillen: Audi was de meest ­geliefde keuze (9 procent), gevolgd door BMW en Volkswagen (7 procent), Volvo (6 procent) en Tesla, Toyota en Renault (5 procent).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden